Een danser in de deeltjesversneller als dolgedraaide fysicus

In kunst en wetenschap draait het om dezelfde grote vragen, zegt de excentrieke Britse theoretisch fysicus John Ellis (69). Sinds jaar en dag werkt hij op de theorieafdeling van het Cern, het Europees instituut voor deeltjesonderzoek bij Genève. „De aanpak van de wetenschap, van fysici, is alleen wat meer down to earth.” Waarna de camera wegdraait van Ellis met zijn slordige grijze haar en zijn zwarte T-shirt vol wiskundige symbolen, en inzoomt op diens werktafel – althans op de gigantische en voor de buitenstaander volstrekt onoverzichtelijke berg papieren waaronder vermoedelijk een werktafel schuilgaat.

Het is één van de grappigste momenten in de verder nogal serieuze documentaire Symmetry unravelled van de Amsterdamse documentairemaker Juliette Stevens. De film (26 minuten) is een toelichting op de precies even lange documentaire Symmetry die haar partner, filmmaker Ruben van Leer, maakte en die vorige week in Eye op het Cinedans Film Festival in première ging.

Symmetry draait om wat Ellis ‘de vragen van Gauguin’ noemt. Hij doelt dan op het beroemde doek uit 1897 van de postimpressionistische schilder dat deze vragen als titel meekreeg: Waar komen we vandaan? Wie zijn wij? Waar gaan we heen? Ze maken de mensen op het doek (in het Museum of Fine Arts in Boston) nietig, alsof ze lukraak zijn neergekwakt in een oerwoud op Frans-Polynesië, samen met hun toevallige religieuze symbolen.

Van Leer kiest voor zijn dans-operafilm een ander perspectief. Zijn personages zijn zelfbewuster, de muziek is gedragen en de decors zijn groots: de krachtigste deeltjesversneller op aarde, de Large Hadron Collider (LHC); de reusachtige ALICE-detector, één van de vier detectors die de deeltjesbotsingen in de LHC registreren en die wegens hun omvang en verfijning wel met kathedralen worden vergeleken; en de verpletterend witte en lege zoutvlaktes op de Salar de Uyuni in Bolivia.

Tegen die decors verbeeldt choreograaf en danser Lukas Timulak, die voorheen bij het Nederlands Dans Theater danste, een dolgedraaide fysicus. Terwijl hij met metingen en berekeningen greep probeert te krijgen op de grote vragen, raakt hij het spoor steeds verder bijster. Zijn aantekeningen stranden in crackpot-achtige reeksen nullen en enen, zijn koffie valt over zijn papieren en de beelden op de beeldschermen in de controlekamer van Alice dansen voor zijn ogen.

Die computerbeelden waren overigens al aangepast, vertelt een vormgever in Symmetry unravelled, want de echte, schematische beelden van de deeltjesbotsingen vond hij te saai. De nieuwe beelden zijn kleurrijk en symmetrisch, maar zonder betekenis, grijnst hij openhartig. In Lukas’ warrige hoofd vervormen ze nóg verder: tot het gezicht van de Amerikaanse, in Amsterdam wonende, sopraan Claron McFadden. Haar trage ‘Come with me’ lokt hem naar een plek buiten ruimte en tijd – die Boliviaanse zoutvlaktes dus.

Daar danst dan, in het hart van een kring van zout, de man van de ratio met vertwijfelde bewegingen, terwijl McFadden, stoer en in een zwarte pij traag rondjes om hem cirkelt. Vinden zo de ratio en de analyse (nogal cliché-matig opgehangen aan de man) en het intuïtieve en irrationele (inderdaad, de vrouw) elkaar dan toch? Biedt het troost?

Het blijft in de lucht hangen. Alleen als de camera inzoomt op McFadden, wordt de film, eventjes, invoelbaar. Verder blijven de beelden evenzeer aan de oppervlakte als vaak de grote woorden die mensen met grote namen aan de grote vragen wijden in het begeleidende Symmetry Unravelled. Dapper geprobeerd, maar de vragen kaatsen hol over de zoutvlakte, en in de kijker resoneren ze niet.