‘Dit uitzoeken is toch mijn taak?’

RTL-verslaggever Jeroen Akkermans nam scherven mee van de MH17-rampplek. Hij bewijst: het toestel werd neergehaald door een Boekraket. Maar mocht hij dat wel doen?

foto Pierre Crom

Drie dagen nadat de MH17 neerstortte in Oekraïne was RTL-verslaggever Jeroen Akkermans in de rampzone. Het terrein was niet afgesloten, er was geen onderzoek gaande, hij stond midden in een oorlogsgebied.

Na vier maanden ging Akkermans voor de derde keer naar de MH17-rampzone om verslag te doen. Nog steeds lagen de brokstukken daar.

Akkermans besloot ter plekke een aantal scherven van de wrakstukken mee te nemen en die te laten onderzoeken.

Het was geen opdracht of vooropgezet plan. Hij vond het zijn journalistieke taak om dit te doen, zegt hij telefonisch. Hij wilde weten met welk wapen de MH17 was neergehaald.

Donderdag maakte RTL bekend dat drie scherven tot een Boekraket zijn te herleiden – dat is gebleken uit onderzoek van internationale experts.

Het is een verroest stukje staal dat sterk lijkt op de fragmenten waaruit de fragmentatiemantel van een Boekspringkop is samengesteld.

RTL heeft de scherven inmiddels overgedragen aan de Onderzoeksraad voor Veiligheid, die de ramp onderzoekt.

Weinigen twijfelen er nog aan dat vlucht MH17 door een Boekraket is neergehaald. De alternatieve theorie, dat het toestel door een (Oekraïens) Soechoj-25 gevechtsvliegtuig zou zijn neergeschoten, is steeds zwakker geworden.

Maar is het ethisch verantwoord om scherfstukken mee te nemen van de ramp? „Ja, ik heb hier geen spijt van”, zegt Akkermans.

Waarom deed je dat?

„Ik was daar om verslag te doen van de oorlog. En na vier maanden was er nog steeds geen onderzoek op de rampplek begonnen. Als je daar staat in dat desolate gebied waar al die fragmenten liggen, dan is dat zo overweldigend. Het gaat hier om een heel grote zaak, ik bedoel, er zijn 298 mensen omgekomen. Dit is de grootste terreurdaad tegen Nederlandse burgers in de afgelopen vijftig jaar. Ik kan me de woede van de nabestaanden voorstellen. In zo’n situatie moet je als journalist kijken wat je zelf aan waarheidsvinding kunt doen. Dat is toch onze taak?”

Zijn de journalisten die niets hebben meegenomen dan tekortgeschoten?

„Nee, helemaal niet. Iedere journalist trekt zijn eigen plan. Ik wilde weten met welk wapen de slachtoffers zijn vermoord. En ik had meer vrijheid als journalist om daar achter te komen dan de Onderzoeksraad op dat moment. Die moest namelijk ook rekening houden met politieke belangen. De wrakstukken lagen in het gebied van de separatisten. Om de fragmenten uit het gebied te kunnen halen moesten ze dus afspraken maken met een partij die Nederland niet officieel erkent, dat maakte het zo lastig. Ik vind het opvallend dat het in de media in eerste instantie om de gevoeligheid van de methodiek gaat en niet om de uitkomst.”

Het is uitzonderlijk dat een journalist een bewijsstuk meeneemt.

„Maar dit was een oorlogssituatie. Normaal gesproken hebben journalisten geen toegang tot zo’n gebied, nu wel. En zo’n Boekraket laat tienduizenden sporen achter. Door zelf een paar scherven mee te nemen zou ik het officiële onderzoek niet belemmeren.”

Wat betekent de uitkomst van uw onderzoek?

„We hebben nu een tastbaar bewijs van wat het moordwapen is geweest. De kans dat het vliegtuig is neergehaald door een raket van een ander vliegtuig, acht ik uitgesloten. De Russen worden ervan verdacht de raket te hebben afgevuurd en die verdenking is nu concreter geworden.”