Oekraïne dan maar even geen NAVO-lid

Een jaar na Ruslands annexatie van de Krim, woensdag gevierd met een feest op het Rode Plein, is het nog lang geen vrede in Oekraïne. De wapenstilstand blijft kwetsbaar. Met zesduizend doden is het conflict tussen pro-Russische separatisten en de regering in Kiev het bloedigste op Europese bodem sinds de Balkanoorlogen. Troepenbewegingen voeden spanning met de NAVO. Komt er een nieuwe Koude Oorlog? Wat te doen? De Amerikanen weten het: wapens sturen naar Oekraïne! Invloedrijke Republikeinen en Democraten bepleiten militaire steun: de vrijheidslievende Oekraïners moeten zich toch kunnen verdedigen tegen Mr. Putin. De meeste Europeanen zijn terughoudender. Het kost al grote moeite allen op één lijn te houden met economische sancties tegen Rusland, zoals gisteren bleek op een top in Brussel. Europa’s aarzeling is niet simpelweg een kwestie van slappe knieën, morele gebrekkigheid of economisch opportunisme (hoewel het Kremlin zulke zwaktes graag uitbuit). Ze wortelt in een ervaring van wat de politiek vermag. Terwijl Amerikanen overal duivels zien en het kwaad in de wereld meteen willen uitroeien, zijn Europeanen getekend door de veelal onophefbare tragiek in de geschiedenis. Het kwaad indammen vinden wij al heel wat.

Momenteel belichaamt Angela Merkel dit besef het overtuigendst. Op de jaarlijkse Münchener veiligheidsconferentie kwam het vorige maand tot een gedenkwaardige botsing. De bondskanselier was halverwege haar vredestournee tussen Moskou, Kiev, Washington, Brussel en Minsk – later die week uitmondend in de wapenstilstand van Minsk – en sprak in München voor een kritisch gehoor. Op de eerste rij de Amerikaanse vicepresident Joe Biden, de Oekraïense president Porosjenko en senator John McCain, ophitser in chief. Het verwijt van appeasement hing in de lucht, dat van laffe deals met gevaarlijke tegenstanders, zoals Chamberlain in 1938 sloot met Hitler.

Merkels toespraak was al goed, de vragensessie schitterend. Waarom ontzeggen wij ons de wapens die Poetin wel gebruikt, kwam de verontwaardigde vraag uit het publiek. Angela Merkel: „Het probleem is dat ik geen situatie zie waarin een verbeterde uitrusting van het Oekraïense leger Poetin ertoe zou brengen zijn leger niet meer te gebruiken. Dat is de bittere werkelijkheid, en die moeten we recht in de ogen zien. Militaire steun zou tot meer slachtoffers leiden, niet tot een Russische nederlaag.” Dit ontregelde alvast het besef van goed en kwaad. Merkel, nu echt persoonlijk, ging voort: „Als kind van zeven, zag ik hoe de Muur werd opgetrokken. Niemand vond toen dat het Westen militair moest interveniëren om ons burgers van Oost-Duitsland te beschermen. Ik neem dat niemand kwalijk. Het was een realistische inschatting. Maar ik draag ook de ervaring daarna te hebben gestreden voor Duitslands eenheid. Daarom sta ik hier. En ik ben honderd procent zeker dat onze principes zullen overwinnen. Niemand wist wanneer de Koude Oorlog zou eindigen, maar hij is geëindigd.” Een briljante tegenzet, tegenover ‘München 1938’ zette ze de ‘Muur 1961’; tegenover het morele gelijk nu, plaatste ze een stevig moreel kompas én politiek werk in de tijd.

Vrede in de Oekraïense burgeroorlog kan alleen tot stand komen als Europa en Amerika samen een compromis sluiten met Rusland. Wie alles wil, eindigt met niets – of oorlog. We zullen onvolmaaktheid moeten aanvaarden. Bijvoorbeeld dat Oekraïne voor bepaalde of onbepaalde tijd geen lid van de NAVO mag worden. Is dat een schandalige inperking van de keuzevrijheid van een soeverein land onder Russische druk? Ja. Is het een voorwaarde voor houdbare vrede? Waarschijnlijk wel (maar geen garantie). Sluit het uit dat het land zich op lange termijn bij het Westen voegt? Neen.