Ajax en Nederland: te weinig, te laat

Uitschakeling van Ajax tegen Dnjepr is symptomatisch voor het falen van clubs. Nederland glijdt af tot onder België, een inktzwart scenario dreigt.

Invaller Mike van der Hoorn komt hoger dan keeperDenis Boyko van Dnjepr en scoort in de verlenging. Zijn doelpunt zorgde voor winst van Ajax, maar het was onvoldoende om de kwartfinales te halen. foto OLAF KRAAK/anp

Hij oogde moedelozer dan anders na tegenslag, de coach die toch wat gewend is als het aankomt op de verwerking van tikken in de arena van het Europees voetbal. Het was al na middernacht toen Frank de Boer aanschoof voor de persconferentie, kort nadat de (inval)coach van Dnjepr Dnjepropetrovsk onder applaus van meegereisde Oekraïense mediavertegenwoordigers de perszaal in de Amsterdam Arena had verlaten.

Veel had De Boer niet te melden, nadat hij voor de camera van Fox Sports al beaamd had dat zijn relatief geroutineerde backs Nicolai Boilesen en Ricardo van Rhijn door de ondergrens waren gezakt. „Maar we hebben het laten liggen in in Kiev. Ik zei toen al meteen: 1-0 is een rotuitslag.” Ajax, de laatst overgebleven Nederlandse vertegenwoordiger in het Europees voetbal, was gedoemd door het uitgebleven uitdoelpunt – iets waar het vorige week overigens geen enkele aanspraak op mocht maken.

In 120 minuten voetbal in een gebalanceerd duel toonde de thuisploeg gisteravond meer bravoure, nu en dan zowaar een uitgespeelde kans, maar werd ze toch ook hele periodes aan banden gelegd door Dnjepr. De uitschakeling werd gisteravond uitgesteld door de dadendrang van de achttienjarige Riechedly Bazoer, die op wilskracht de 1-0 forceerde en de weinig verwende supporters in een uitverkochte Arena na een uur hoop gaf.

Maar in de afgedwongen verlenging was het dezelfde Bazoer die knakte. Aangespeeld met een man in zijn rug leed hij balverlies. Dat had, tien meter op de helft van Dnjepr, nooit zo fataal mogen aflopen, maar het kan hard gaan als Ajax achteruitwandelt. Bazoer, teruggesneld, stond erbij en keer ernaar toen Jevhen Konopljanka naar binnen trok, keeper Jasper Cillissen met een bekeken trap kansloos liet en zo het vonnis velde over Ajax.

De 2-1 van de moedig ingevallen Mike van der Hoorn kwam in de 117e minuut. Te weinig, te laat, zoals de hele avond zich liet kenmerken. En, met gevoel voor dramatiek, de pogingen van Nederlandse clubs in het algemeen om aan te klampen bij de Europese (sub)top. „Je moet op dit moment blij zijn als je aan blijft haken bij de subtop”, zei De Boer. Hoofdcoach dus van de club die zich onder impuls van Johan Cruijff ten doel heeft gesteld weer om het hoogste mee te doen.

Geconfronteerd met het rijtje Europese eindhaltes in recente campagnes van Ajax – Steaua (2013), Salzburg (2014) en nu Dnjepr – voegde De Boer uit arren moede zelf nog Manchester United toe. Maar dat is alweer drie jaar geleden – drie jaar geleden dat Ajax voor het laatst met opgeheven hoofd de Europa League verliet.

Het clubvoetbal staat er inmiddels bar slecht voor, twintig jaar nadat Ajax de Champions League won en tien jaar nadat PSV in 2005 bijna de finale haalde. Sindsdien is de eredivisie ernstig achterop geraakt door gebrek aan financiële slagkracht. Een Billy Beane-methode moet nog gevonden worden, of het Cruijff-experiment met Ajax moet alsnog vruchten gaan afwerpen.

Intussen groeit een generatie talenten op die niet beter weet dan dat Dnjepr een gelijkwaardige opponent is voor Ajax en voor wie het falen van Nederlandse clubs gewoon is geworden. Alsof de remuneratie van buitenlandse clubs niet verlokking genoeg is om voor een transfer te gaan. De vader van zo’n vertrokken toptalent vertelde eens dat je op je achttiende weinig meer te leren hebt in Nederland. „Technisch en tactisch ben je uitgeleerd. Je wilt weerstand opbouwen.”

Verdere leegloop dreigt en Nederland wordt zo langzaam een soort Denemarken: een voorland voor jeugdvoetballers, waar de grootste talenten vlug de wijk nemen kort voor of na hun doorbraak. Een inktzwart scenario van zichzelf versterkende trends in een neerwaartse spiraal.

De onverbiddelijke UEFA-ranglijst komt daar nog eens overheen. De ‘vette jaren’ 2010/2011 en 2011/2012 komen in de telling van de UEFA, waarbij prestaties over de meest recente vijf seizoenen tellen, volgend seizoen en het seizoen daarop te vervallen. België, Turkije, Zwitserland en Griekenland, direct onder Nederland, presteren al drie seizoenen achtereen beter en dat gaat zich binnenkort wreken. Weinig wijst op een trendbreuk met de matige prestaties en daarmee dreigt zelfs een gevreesde dertiende plaats op de UEFA-ranking. Ofwel: geen directe plaatsing voor de Champions League voor de kampioen, mogelijk al in 2017/2018.

Het Europese seizoen is met de uitschakeling van Ajax over. Dat dat ook geldt voor Engeland, met zijn protserige Premier League, mag zo zijn, maar intussen waren met Nederland vergelijkbare voetballanden – België, Oekraïne – vanmiddag wel vertegenwoordigd bij de loting. Nederland wacht nog slechts op de straf van de UEFA voor het wangedrag van Feyenoord-supporters. In de Champions League van hooliganisme handhaaft de eredivisie zich moeiteloos.