Slappe lach opwekken met beschuit

Cabaretier Martijn Koning verloochent zijn afkomst als stand-up comedian niet in zijn nieuwe programmaKoning Chaos, die gisteravond in première ging. Foto Sander de Goede

Een rijzende ster, is Martijn Koning in deze krant al eens genoemd. Het ging dan ook snel met hem, sinds hij debuteerde met zijn eerste theaterprogramma. Hij speelde een amusante Sinterklaasconference op de televisie, op 5 december vorig jaar, en hij maakte een wekelijkse actualiteitenconference in het satirische tv-programma Cojones. En dat maakte hem des te bekender, als de behendige grappenmaker die in hoog tempo het laatste nieuws in een dwaas daglicht kan stellen.

Dat deed hij gisteravond ook, toen hij in Delft de première speelde van zijn nieuwe programma Koning Chaos. Hij bracht het gloednieuwe station van Delft ter sprake, verwierp het vertrek van de heren Opstelten en Teeven als een onderwerp dat hem niet interesseerde, en verwees ook nog even naar de waterschapsverkiezingen: „Ik heb op de dikste gestemd – als ergens een vinger in de dijk moet worden gestoken.”

Maar na dat snelle begin, bijna struikelend over zijn woorden en niet altijd even verstaanbaar, wendde Koning zich af van wat er dezer dagen in het nieuws was. Koning Chaos is geen snelle satire, maar het optreden van een cabaretier die zijn afkomst als stand-up comedian niet verloochent. Hij is een pleaser, die met een blije lach op zijn gezicht over het podium banjert en huiselijke muizenissen tot fikse lachnummers weet op te blazen. Hij beklaagt zich over ouder worden, zegt zich af te vragen of hij al aan kinderen toe is – zonder daarop een enigszins steekhoudend antwoord te geven – en plakt daar een lachwekkend referaat aan vast over de nadelen van beschuit met muisjes, inclusief zijn stelling dat daar boter op moet.

Koning kan daar eindeloos over dooremmeren, zoals Toon Hermans dat vroeger óók kon. En schijnbaar houdt hij niet eens rekening met de slappe lach die daarop in de zaal de ronde doet. Daar praat hij onverstoorbaar doorheen.

Hetzelfde kunstje herhaalt hij vervolgens meer dan dubbelop door oneindig lang en volstrekt wezenloos over cake te praten („er heeft niemand een hekel aan cake”), maar die tweede keer lijkt hij toch net iets te veel te vertrouwen op het geduld van het publiek. Waarna hij nog wat ski-avonturen opdist en afsluit met de woorden: „Dames en heren, dank u wel, tot de volgende keer.” Zo’n ontheatraal slot is typerend voor een kwartiertje stand-up, maar misstaat als afsluiting van een cabaretvoorstelling.

Martijn Koning is een evident talent, dat staat vast – en dat blijkt ook uit de successen die hij eerder boekte. In dit programma, onder de toepasselijke titel Koning Chaos, lijkt hij het zich echter wel iets te gemakkelijk te maken. Het is alsof hij slechts een aantal losse conferences aan elkaar heeft geplakt zonder zich te bekommeren om enige samenhang. En hij is gewiekst genoeg om daarmee desondanks voor een vermakelijke avond te zorgen.

Maar ergens schemert hier een programma doorheen dat veel beter is dan wat Koning ditmaal te bieden heeft.