Column

Zadelhoesjes

‘Waar zal ik op gaan stemmen?” vroeg ik mijn vrouw. Het was kort na het laatste verkiezingsdebat op tv, ik had in mijn mond de smaak van licht bedorven leverpastei. „Ik heb wel een tip”, zei ze.

Geweldig moet het zijn om met zoveel onwankelbare zekerheid te leven, vooral als die zekerheid ‘PvdA’ heet. Ik moest denken aan de hartverwarmende brief, die haar partijvoorzitter Hans Spekman haar enkele weken geleden had gestuurd. Hans wees erop dat „de sociale en realistische stem in de waterschappen, de provincie en de Eerste Kamer sterk moet blijven”. Hij vroeg daarom ieder lid een extra financiële bijdrage. Om te voorkomen dat ze de partij met een paar eurootjes zouden afschepen, noemde hij zes mogelijkheden.

„15 euro: met dit geld kunnen we 20 zadelhoesjes uitdelen. 25 euro: voor dit bedrag zorgt u ervoor dat we weer 50 rozen kunnen uitdelen. 50 euro: dit betekent dat we 1000 rolletjes PvdA-pepermunt kunnen bestellen en uitdelen. 75 euro: hiermee sponsort u een Facebook-actie met een bereik van meer dan 50.000 mensen. 100 euro: Dit is is genoeg geld om een week lang met een grote poster te kunnen adverteren op een NS-station. 500 euro: zo kunnen we een middag campagne voeren met de Rode Dubbeldekkers bus.”

„Wat zal ik geven?” vroeg mijn vrouw.

Ik voelde me de boekhouder van een klein familiebedrijf die het geweten van de eigenaar moet ontlasten. „Die zadelhoesjes hebben voor mij wel iets ontroerends”, zei ik, „iets symbolisch misschien ook: ik zie Samsom en Dijsselbloem al kort voor een zware regenbui zo’n hoesje om hun zadel schuiven.”

„Wel een beetje schrieperig”, zei ze, „ik dacht zelf aan de rozen of de rolletjes pepermunt.”

„Doe dan maar de rozen”, adviseerde ik met enige klem, „wat moet een rooie partij nou met wit snoepgoed?”

Dat hadden we dus naar tevredenheid geregeld. Nu die stem van mij nog. „Weet je al een eventueel alternatief?” vroeg mijn vrouw.

Ik ervoer het als een uitval naar mijn achilleshiel, maar liet toch nog even plichtmatig enkele alternatieven de revue passeren. GroenLinks: braaf, maar machteloos. SP: wrokkig en even machteloos. D66 dan maar? Maar klonk Pechtold niet steeds meer als een VVD’er, behalve als hij het over de islam had?

„Wie voert eigenlijk bij jullie de provinciale lijst in Noord-Holland aan?” vroeg ik. Dat moest ze, tot mijn ontsteltenis, ‘even nakijken’. „Tjeerd Talsma”, zei ze toen ze uitgegoogeld was.

Ik voelde me verbleken. „Talsma? Is die nog steeds aan de macht? Dat is toch die man die vier jaar geleden zei dat hij wel graag wilde samenwerken met de PVV van Hero Brinkman, maar die haastig zijn keutel introk toen daar kritiek op kwam?”

Ze knikte. „Misschien is er wel een leuke vrouw om op te stemmen.” Daar ben ik altijd voor te porren. Ze haalde de lijst erbij en ons oog viel vrijwel meteen op nummer 2, Marieke van Duijn, een fris ogende blondine van 34 jaar, geboren in nota bene Kudelstaart – weliswaar een ondergeschikt detail, maar toch een bijzonderheid die me op een prettige manier weer aan die zadelhoesjes deed denken.„Zullen we dat dan maar doen?” vroeg mijn vrouw.

„In Godsnaam”, zei ik.

Onlangs verscheen het boek Mijn Rooie Vrouw – politieke scènes uit een huwelijk door Frits Abrahams (uitgeverij Van Gennep).