Verkiezingsdag van paradoxen

Rutte II wilde de invloed van de Eerste Kamer inperken. De nieuwe senaat wordt politieker dan ooit.

Inwoners van de Brabantse Biesbosch kunnen vandaag hun stem uitbrengen op een motorboot, die op verschillende plekken aanmeert om kiezers tegemoet te komen. Foto Rien Zilvold

Wat de erfenis van het kabinet-Rutte II ook wordt: feit is dat geen naoorlogse coalitie de politieke betekenis van de Eerste Kamer zo nadrukkelijk op de kaart heeft gezet.

Nu het land vandaag stemt voor provincies en waterschappen, kijken we terug op een verkiezingscampagne die voor bijna alle landelijke partijen (het CDA uitgezonderd) amper om deze bestuurslichamen draaide.

Alles ging over de verhoudingen in de nieuwe Eerste Kamer, die eind mei wordt gekozen door de Statenleden die vandaag een zetel bemachtigen.

Voor Rutte II is dit geen geringe ironie. Dit kabinet begon twee jaar terug met de opvatting dat je de politieke betekenis van de Eerste Kamer moest relativeren. Rutte II had geen meerderheid in de senaat, maar dat was helemaal geen groot punt, zeiden Rutte (VVD) en Samsom (PvdA) bij de start: zo politiek was de Eerste Kamer nou ook weer niet.

En toen dit in de praktijk anders bleek te zijn, groeide vanuit de coalitie het openbare ongerief over de politieke rol van de Eerste Kamer. Er volgden pleidooien die rol terug te dringen. VVD-fractievoorzitter Halbe Zijlstra in de Tweede Kamer ging hierin het verst: hij zinspeelde op afschaffing van de senaat. En op initiatief van zijn partijgenoot Loek Hermans, fractievoorzitter in de Eerste Kamer, wordt nu gewerkt aan een staatscommissie die de rol van, onder meer, de senaat tegen het licht moet houden. Alles met het oogmerk de politisering van de Eerste Kamer terug te dringen.

Maar door nu de verhoudingen in de nieuwe senaat tot inzet van deze verkiezingen te bombarderen, deed de coalitie exact het omgekeerde: de Eerste Kamer die in mei wordt gekozen kan – gezien de landelijke campagne die is gevoerd – straks op een uitgesproken politiek mandaat bogen.

Actueler mandaat

Het is nooit eerder vertoond, en het is een ontwikkeling met potentieel grote gevolgen: na mei heeft Nederland een Eerste Kamer die – direct gevolg van deze campagne – een actueler mandaat kan claimen dan de Tweede Kamer. Ergo: uitgerekend het kabinet dat de Eerste Kamer klein wilde houden, heeft diezelfde Eerste Kamer groter dan ooit gemaakt.

Zeker als het kabinet en de constructieve drie (D66, CU, SGP) na vandaag geen meerderheid in de senaat meer zouden hebben, kan dit allerlei onverwachte complicaties opleveren.

De coalitie stelde zich in deze campagne niet voor niets dubbelzinnig op. Aan de ene kant premier Rutte die de meerderheid in de senaat tot inzet van deze verkiezingen bombardeerde: nu geen experimenten. Aan de andere kant dezelfde Rutte die zei: als coalitie en C3 hun meerderheid verliezen, gaat het kabinet gewoon door.

Verzwakte coalitie

Het illustreert – bij alle onzekerheden over de uitslag – nog een paradox van deze verkiezingen: hoe zwakker de coalitie scoort, hoe groter de kans dat het kabinet doorgaat.

In elk geval zijn de partijtoppen van VVD (Rutte, Zijlstra, Hermans) en PvdA (Samsom, Asscher, Dijsselbloem) hiervan overtuigd. In de PvdA staat niet vast dat alle leden er ook zo over denken. Maar veel ruimte hebben eventuele ontevreden PvdA’ers niet. Breken na deze verkiezingen staat zo’n beetje gelijk aan een nederlaag bij nieuwe Tweede Kamerverkiezingen bestellen: niet erg rationeel.

Gisteravond, na het slotdebat bij de NOS, kon je bij bijna alle partijen onzekerheid over de uitslag constateren. De laatste peilingen waaiden alle kanten op, zodat vijf partijen (VVD, PVV, CDA, D66, SP) kans maakten de grootste te worden. Maar door de verwachte lage opkomst – bij Statenverkiezingen normaal rond de vijftig procent – moest je de waarde van al die peilingen überhaupt relativeren.

Bovendien hanteren veel peilers een scheve maatstaf: hun vergelijking met de Kamerverkiezingen van 2012 gaat niet op. De enige faire maatstaf zijn de Statenverkiezingen van 2011, toen VVD en PvdA veel zwakker scoorden dan in 2012, en bij voorbeeld de PVV veel sterker dan in 2012.

Pas vanavond om negen uur krijgen we enig houvast: dan publiceert de NOS een exitpoll van Ipsos Synovate. Ook die uitslag hoeft niet alles te zeggen: Ipsos voorspelde vorig jaar, bij de gemeenteraadsverkiezingen, vroeg op verkiezingsavond een uitslag voor het CDA die er de helft naast zat. Door een andere onderzoeksmethode kan zich dit niet herhalen, zeggen ze bij de NOS.

    • Tom-Jan Meeus