‘Hoe lager opgeleid, hoe eerder men seks heeft’

Dat zei Wilco Schilthuis van de GGD Amsterdam in Het Parool.

illustratie martien ter veen

De aanleiding

Een opmerkelijk gegeven: een meisje van 17 dat bij een Dirk van den Broek in Amsterdam werkt, beviel plotseling, tijdens haar werk in de supermarkt. De identiteit van moeder en kind worden beschermd, maar ze maakt het naar verluidt goed.

‘Toch’, schreef Het Parool vrijdag op de voorpagina, ‘nemen in Amsterdam tienerzwangerschappen de afgelopen jaren in aantal af.’ Aan het woord kwam Wilco Schilthuis, die bij de GGD Amsterdam werkt en voorlichting geeft over seksualiteit bij jongeren. Vooral aan lager opgeleide jongeren, want: „Hoe lager opgeleid, hoe eerder men seks heeft. Ongeveer een jaar eerder.” Hangt het opleidingsniveau van jongeren inderdaad samen met de leeftijd waarop zij seksueel actief worden? Dat checken we.

Waar is het op gebaseerd?

Schilthuis laat weten twee verschillende bronnen te hebben: een landelijk onderzoek en een plaatselijk onderzoek over Amsterdam. De eerste komt uit 2012 en is uitgevoerd door het Nederlandse kenniscentrum voor seksualiteit Rutgers WPF. De tweede is uitgevoerd door de GGD Amsterdam zelf: de Jeugdgezondheidsmonitor.

En, klopt het?

Eerst even het plaatselijke onderzoek. Dat is gebaseerd op digitale vragenlijsten die scholieren uit het verzorgingsgebied van de Amsterdamse GGD jaarlijks invullen, en waarin vragen staan over voeding, beweging en alcohol- en drugsgebruik, en ook over seksualiteit. De meest recente cijfers zijn die van het schooljaar 2012-2013, gebaseerd op de antwoorden van 4.706 vierdeklassers en 4.837 tweedeklassers.

Bij 15- en 16-jarigen (vierdeklassers) zijn de verschillen niet heel groot, maar wel significant: van de havo- en vwo-leerlingen zei 19,6 procent al eens geslachtsgemeenschap te hebben gehad, bij de vmbo-leerlingen op het laagste niveau (de basisberoepsgerichte leerweg en de kaderberoepsgerichte leerweg) was dat 24,6 procent. Het hogere vmbo-niveau (theoretische leerweg) zit ertussenin: 20,8 procent van de vierdeklassers heeft weleens seks gehad.

Het onderzoek onder tweedeklassers laat grofweg dezelfde verdeling zien, al liggen de percentages bij de 13- en 14-jarigen lager en zijn de verschillen groter. Van de havo-vwo’ers had 3,4 procent al eens seks gehad, van de vmbo-t’ers 6,7 procent en van de andere vmbo’ers 7,9 procent.

Is dat landelijk hetzelfde als in Amsterdam? Het resultaat van het laatste grote onderzoek op het gebied van seksualiteit bij jongeren, uit 2012, staat in het verslag Seks onder je 25e van Rutgers WPF. Zij ondervroegen nog veel meer pubers: bijna 5.000 jongens en meisjes van verschillende opleidingsniveaus. (En het is bovendien een representatieve steekproef, dus de afkomst en achtergrond van de ondervraagden kloppen met de verhoudingen in Nederland.)

Daaruit blijkt dat het percentage ‘laag opgeleide’ jongeren (dus: vmbo- of mbo-niveau) dat al seks heeft gehad significant hoger ligt dan het percentage ‘hoog opgeleide’ jongeren (havo, vwo, hbo of universiteit) – behalve bij de 12- en 13-jarigen, waar het percentage klein is.

Bij oudere jongeren zijn duidelijke verschillen te zien. 22 procent van de laagopgeleiden in de categorie 14- en 15-jarigen heeft weleens seks gehad, tegenover 7 procent van de hoogopgeleiden. Een categorie ouder (16- en 17-jarigen) is het 57 procent tegenover 43 procent. Dit gaat overigens alleen over ‘geslachtsgemeenschap’, maar ook bij de andere seksuele handelingen (masturberen, orale seks) ligt het percentage dat er ervaring mee heeft hoger bij de laagopgeleiden dan bij de hoogopgeleiden.

Conclusie

Een plaatselijk (Amsterdams) én een landelijk onderzoek onderbouwen de stelling dat laagopgeleiden eerder seksueel actief zijn, ofwel dat vmbo’ers eerder seks hebben dan havisten en vwo’ers. Daarom beoordelen we de bewering van Wilco Schilthuis als waar.

Ook een bewering zien langskomen die je gecheckt wilt zien? Mail nextcheckt@nrc.nl of tip via Twitter met de hashtag #nextcheckt

    • Thomas de Veen