Durf NEE te zeggen

Zeg je ook weleens ja terwijl je nee bedoelt? In het onderwijs komt het vaak voor. Docenten volgen er speciale assertiviteitscursussen voor. Zomaar een tip: doe alsof je niet ziet dat de baas naar je kijkt.

Illustraties Daphne Prochowski

‘Ik kan geen nee zeggen”, zegt een 26-jarige basisschoolleerkracht tijdens het voorstelrondje. „Als mij wat gevraagd wordt, voel ik de druk om ja te zeggen.”

Een 39-jarige docente Engels heeft moeite om te communiceren met de economiedocent. „Hij is veel assertiever dan ik. Hij komt uit het bedrijfsleven.”

Dit is de cursus ‘Assertief omgaan met collega’s’. De deelnemers zijn zes mensen uit het onderwijs, die omwille van privacy niet met hun naam in de krant willen.

Volgens Brigit Linssen, cursusleider van onderwijsvakbond AOb, hebben veel mensen in het onderwijs last van assertiviteitsproblemen. Dat zit ook in hun karakter. „Zij denken vooral aan de toekomst van de kinderen en cijferen zichzelf weg.” Daardoor vallen ze ten prooi aan mensen in het onderwijs die wél assertief zijn, met als gevolg bijvoorbeeld meer werkdruk.

De cursisten hebben moeite om voor zichzelf op te komen en houden te weinig rekening met zichzelf. Daardoor kroppen ze veel op, wat tot stressklachten en overbelasting kan leiden. Een van van de cursisten, al vijftien jaar docent: „Ik neem zulke gevoelens mee naar huis en kom dan daar tot ontploffing. Tegen de verkeerde persoon.” Linssen komt dat vaker tegen.

In 2010 begon de AOb de assertiviteitscursus. Schoolleiders steunen docenten die de cursus volgen. Stressklachten kunnen immers tot uitval leiden, dat wil de schoolleiding niet. „Negentig procent van de deelnemers krijgt de cursus vergoed”, zegt Linssen. 180 euro voor AOb-leden en 300 euro voor niet-leden.

De cursus wordt zo’n tien keer per jaar gegeven, met gemiddeld tien deelnemers. De jongste vandaag is 26, de oudste 60 jaar. Vrouwen zijn altijd in de meerderheid. Niet vreemd, in het onderwijs werken veel meer vrouwen.

Organiseer jij het kerstdiner even?

Je hebt het als docent niet makkelijk: mondige leerlingen en ouders bemoeien zich overal mee. Dat hoort ook bij het beroep. Maar als collega’s en leidinggevenden openlijk aan jouw functioneren twijfelen, komt dat harder aan.

Vervelende gesprekken met collega’s komen steeds vaker voor, volgens de cursisten. Dat komt door de toegenomen werkdruk in het onderwijs, zegt een 41-jarige intern begeleider. „Assertieve collega’s weten heel goed de werkdruk te verschuiven naar collega’s die geen nee kunnen zeggen.”

Linssen: „Het gevoel van verantwoordelijkheid voor de kinderen is enorm.” Daarom doen mensen in het onderwijs dingen die ze eigenlijk niet hoeven te doen tóch.

Eén leerkracht van een basisschool knikt zuchtend. „Dat had ik laatst nog. Een collega moest een leerling beoordelen die ik vorig jaar in de groep had. Daar had mijn collega geen zin in: of ik dat kon doen. Dat wilde ik niet, het was haar verantwoordelijkheid.” Even later zat ze toch het beoordelingsformulier in te vullen.

In een rollenspel komt de situatie van de 26-jarige leerkracht aan de orde. Bij teamvergaderingen krijgt zij er tegen haar zin elke keer taken bij. „Er werd iemand gezocht om het kerstdiner te organiseren.” Ze maakte ‘zoals altijd als enige oogcontact met de directeur’. En werd meteen gevraagd. „Ik probeerde nee te zeggen, maar zei toen dat ik het op zich wel zou kunnen doen, maar niet in m’n eentje.” Een minuut later had ze de organisatie van het kerstdiner op zich genomen. Alleen.

De eerste tip van Linssen: „Ga de volgende keer, net als je collega’s bij zo’n vraag, ook wat anders zitten doen. Je make-up bijvoorbeeld.” Daar moet je natuurlijk geen gewoonte van maken, maar het is een goede oefening.

En als ze dan toch gevraagd wordt? „Nee zeggen en daarbij blijven”, zegt Linssen. „Geen mitsen en maren.” Want: ‘op zich’ betekent dat je het dus wél kunt doen. ‘Maar’ biedt onderhandelingsruimte, en opmerken dat je het ‘niet in je eentje’ kunt doen, moedigt nieuwe pogingen aan.

De 26-jarige leerkracht zit vaak naar voren gebogen, terwijl ze met de directeur praat. Linssen: „Die andere persoon wil wat van jou, leun in zo’n gesprek achterover.”

Non-verbale communicatie is ook heel belangrijk, wil zij maar zeggen.