VU-rapport: veel knip- en-plakwerk Nijkamp

Foto ANP / Koen van Weel

Hoogleraar regionale economie Peter Nijkamp van de Vrije Universiteit in Amsterdam heeft op grote schaal stukken tekst uit eigen wetenschappelijke artikelen hergebruikt in nieuwe publicaties, zonder bronvermelding. Decennialang bouwde hij aan een oeuvre dat vooral omvangrijk was, niet zozeer origineel of kwalitatief hoogstaand. Hij hield er een “twijfelachtige onderzoekspraktijk” op na.

Dat concludeert een onafhankelijke commissie van wetenschappers die het afgelopen jaar Nijkamps oeuvre onderzocht. De VU heeft het rapport vandaag gepubliceerd. Ze treft geen sancties. Nijkamp is sinds vorig jaar met emeritaat. Hij wilde vanochtend nog niet reageren op het rapport. Voor plagiaat vond de commissie onvoldoende aanwijzingen.

‘Systematisch knip- en plakwerk

De commissie traceerde in het universitaire registratiesysteem Metis 2.330 artikelen van Nijkamp, sinds 1970. Om het werk behapbaar te houden beperkte ze zich tot 261 publicaties (in peer-reviewed tijdschriften) vanaf 1995. In 43 ontdekte de commissie een of meer passages uit eerder werk (ook peer-reviewed) van Nijkamp zelf, al dan niet geschreven met co-auteurs. Ze keek alleen naar passages langer dan 50 woorden. Soms bleek de gekopieerde tekst een hele pagina.

Volgens de commissie past het “systematisch knip- en plakwerk” in een publicatiestrategie “waarbij kwantiteit leidend lijkt te zijn en nauwelijks in toptijdschriften wordt gepubliceerd”. Deze strategie zou “een mogelijke verklaring” geven voor Nijkamps “ontzagwekkende aantal publicaties”.

Begrip ‘zelfplagiaat’ zorgde voor verwarring

Vorig jaar januari beschreef NRC Handelsblad hoe Nijkamp stukken tekst uit eigen werk recyclede, zonder bronvermelding. Dat werd zelfplagiaat genoemd. Het begrip zorgde voor verwarring. Hoe erg is het als je stukken tekst van jezelf nog eens gebruikt?

De Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen concludeerde in april vorig jaar dat er een groot, grijs gebied is. Stukken tekst hergebruiken hoeft niet kwalijk te zijn. Het ligt eraan waar in de publicatie dat gebeurt, en hoeveel tekst is gekopieerd. Het is niet ongewoon in de algemene inleiding of de sectie ‘materiaal en methoden’. In de resultaten en de conclusie is het opmerkelijker. Bovendien kan het eindeloos refereren aan eerder eigen werk ook een strategie zijn om de indruk te wekken dat werk in de wetenschap vaak geciteerd wordt. Vorig jaar is de universitaire beroepscode aangepast. Daarin staan nu regels voor bronvermelding bij “hergebruik van eerder gepubliceerd materiaal”.

Lees ook: Zaak-Nijkamp: hard rapport, maar geen straf