Vroeger was hier toch ook zout water?

Morgen zijn de verkiezingen voor de Provinciale Staten. Wij bezoeken de 12 provincies. Vandaag Noord-Brabant, waar sinds de Deltawerken minder zout water stroomt.

Zoek en je vindt oudere mannen op bankjes met uitgesproken meningen over de toestand in de wereld. Vandaag zitten er vier in een jachthaven in Bergen op Zoom. Pratend over een netelige kwestie in Noord-Brabant: het plan van het rijk om mondjesmaat zout water toe te laten tot het Volkerak en het Zoommeer, wateren die na de bouw van de Deltawerken onaantrekkelijk zijn geworden door het gebrek aan doorstroming.

Een ge-wel-dig plan. „Morgen gelijk mee beginnen”, jubelt tachtiger Freek van Bers. Ook Toon van de Water ziet het helemaal zitten. „Alleen al de lucht van zout water. Heerlijk. Zout water is gezond.” Ze wijzen naar hun bootjes, die in bruinig water dobberen. Van Bers: „Vies.” Van de Water: „’s Zomers kan het gigantisch stinken. Alsof je door een laag verf heen vaart. Dat komt door de blauwalg.”

De mannen weten nog hoe het was toen er nog geen Deltawerken waren. Vóór de watersnoodramp. Van de Water: „De watersnoodramp kon ontstaan doordat de dijken honderd jaar niet waren onderhouden. Het waren heel slechte dijken.” Lau Wouts: „Het waren molshopen.” Hoog tijd dat er weer wat zeewater naar Bergen op Zoom gaat stromen. „Dan kun je hier weer zwemmen”, zegt Van Bers. Ook Erik Sorber ziet voordelen. „Er komt veel meer vis.”

Toch zitten er ook nadelen aan het verzilten van de wateren – denk aan de boeren. „Onze planten staan niet graag met hun voetjes in zout water”, zegt Kees van Dijk, die in De Heen, op enkele honderden meters afstand van het Volkerak, aardappelen en suikerbieten verbouwt. „Daar lijden we schade door.”

Bij de provincie Brabant vonden de boeren een luisterend oor. „Wij haken in op het plan van het rijk om de natuurlijkheid van de zuidwestelijke delta te herstellen, maar wij hebben daarbij als eis gesteld: eerst het zoet en dan het zout”, zegt gedeputeerde Yves de Boer (VVD).

En dus komt het water voor het beregenen van de gewassen straks niet meer uit het zilte Volkerak en het Zoommeer, maar uit het Hollands Diep. Daartoe wordt een nieuwe waterweg aangelegd in West-Brabant. En dat water loopt straks dwars door het stadje Zevenbergen.

„Toen we dat hoorden, brak bij veel winkeliers aanvankelijk paniek uit”, vertelt woonspecialist Ronald Schoone, voorzitter van de ondernemersvereniging Zevenbergen. „Je wilt namelijk vooral bereikbaar zijn.” Hij laat zijn hond uit tussen het winkelend publiek, onder wie een vrouw in een T-shirt met de tekst ‘Doe dit, doe dat, doe zelf ook eens wat’. Schoone: „Inmiddels zien we de kansen. De nieuwe haven zal leiden tot meer levendigheid. Zuigkracht. Beleving.”

De boeren zijn tevreden over de plannen, al zijn ze er nog niet helemaal gerust op. Akkerbouwer Van Dijk: „De overheid heeft beloftes over zoet water gedaan, maar er is geen onbetrouwbaarder partner dan de overheid. Kent u die uitdrukking niet?” Ook vrezen ze dat er toch nog zout water onder de dijken door zal sijpelen. „Er zijn geen garanties dat dit niet gebeurt.”

Wat vinden de mannen in de jachthaven hiervan? Prima dat er een apart kanaal wordt gegraven, maar de boeren moeten verder niet zeuren. Toon van de Water: „Vroeger was hier toch ook zout water? Ik weet nog dat hier duintjes lagen. Er stond een boomgaard op honderd meter afstand van het water.” Freek van Bers: „Boeren klagen altijd.” Van de Water: „We hoeven geen medelijden met hen te hebben.” Van Bers: „Eerst konden de boeren elke vier jaar een nieuwe Mercedes kopen, straks elke zes jaar.”