Twintig keer erger dan de zwaarste storm

Reisjournalist Iris Hannema is op Vanuatu en maakte daar de verwoestende cycloon mee. „House is flat”, vertellen bewoners haar.

Foto Goddard Modis/EPA

Een dove Italiaan als kamergenoot. De Nederlandse Iris Hannema (30) kan er nu een beetje om lachen, maar dat was anders toen vanaf vrijdagavond tegen 22.30 uur de tropische storm met volle kracht over Vanuatu raasde.

Er was niemand in de buurt met wie ze wat kon kletsen om de angst te verdrijven. De drie andere bedden van haar dorm in het Travellers Budget Motel waren leeg. Lag ze daar tegen de rug van die slapende, dove Italiaan aan te kijken. Hij werd natuurlijk niet wakker gehouden door de herrie. Om het hostel heen loeide en kraakte het, er was geluid van brekende spullen. „Twintig keer luider dan de hardste Nederlandse storm.” Het ergste lawaai duurde ongeveer acht uur.

Woensdag kwam reisjournalist Iris Hannema aan in Port Vila, de hoofdstad van Vanuatu. Sinds anderhalve maand reist ze door Oceanië. Zij wil juist naar plekken waar veel mensen in Nederland nooit van hebben gehoord.

Zaterdagochtend stond de kamer van Iris blank, het bed was zeiknat. Ze was opgelucht, maar voor dat gevoel kwam verbijstering in de plaats toen ze naar buiten ging. Het waaide en regende nog steeds hard. Op de binnenplaats van haar hostel was alles kapot. Uit elkaar gerukte tropische planten. Plastic stoelen op het zwembad. Stukken van Melanesische houten beelden en maskers, waar het eiland er zoveel van heeft.

Het hostel staat op een heuvel en je kunt er een deel van Port Vila overzien. „Dit is een wereld die in één nacht helemaal kapot is gegaan”, dacht Iris toen ze uitkeek over de stad. Een oorlogsgebied waarin de natuur de vijand is. Bomen van een meter dik, geknapt als takjes. „Huizen hebben geen daken meer. Huizen zijn weggevaagd. Overal lagen koelkasten.” Het Travellers Budget Motel van Australische eigenaren is van beton, het stond nog overeind. Maar veel woningen op Vanuatu zijn van een „soort bamboebladeren of riet of golfplaten”.

In het centrum heeft Iris een jacht gezien dat bij een huis naar binnen is gevaren. Ze zag dat er een opgezwollen lichaam uit het water werd gevist. Het officiële dodenaantal op Vanuatu was volgens de VN-afdeling voor noodhulp gisteren 24. De afgelopen dagen heeft Iris met veel bewoners gesproken. „House is flat”, antwoorden veel mensen als ze vraagt hoe het gaat.

Iris zag jongens met messen een supermarkt binnengaan. Plunderaars, denkt ze. De Franse ambassade waarschuwde haar om ’s avonds thuis te blijven vanwege plunderingen.

Nu pas wordt de omvang duidelijk

„Kun jij me vertellen wat er precies aan de hand is?” vraagt Iris tijdens het gesprek. Dat lijkt opmerkelijk, want we bellen juist met haar omdat zij ter plaatse is. Maar de bewoners en Iris zelf weten weinig, zegt ze.

„Er gaan veel geruchten. Bijvoorbeeld over veel doden op eilandjes verderop.” Iris was eerder op het nabijgelegen Tanna, waar volgens haar amper stevige huizen staan en de schade groter moet zijn. Mensen proberen familie op andere eilanden te bereiken, maar dat lukt niet. Terwijl de ramp al aan het begin van afgelopen weekend is gebeurd, wordt de omvang ervan nu pas duidelijker. Er zijn dus toch plekken die helemaal afgesloten van de rest van de wereld kunnen zijn.

„Er was geen elektriciteit en bijna niemand kon bellen”, zegt Iris. Er zijn inmiddels generatoren, maar die worden spaarzaam gebruikt. Volgens Iris omdat de benzine waar ze op draaien bijna op is.

De bewoners van Vanuatu wisten dat orkaan Pam misschien zou komen, maar het leek alsof ze zich niet echt hadden voorbereid: „Er waren geen ramen dichtgetimmerd.” Iris was ook niet écht gealarmeerd toen ze hoorde dat er een orkaan zou komen. Ze probeerde vrijdag toch te vertrekken, maar alle vluchten zaten vol met vluchtende toeristen.

„Ik zit in het pikdonker op een plastic stoel op de binnenplaats die nu weer schoon is. Er zijn sterren, het is gewoon weer 35 graden.” Iris wil weg. „Het voelt niet goed om hier als toerist rond te lopen.” Misschien vliegt ze aan het begin van de middag naar een ander eiland in de buurt, waar de orkaan niet heeft huisgehouden. Haar ouders hebben online een ticket geboekt, want kantoren van vliegmaatschappijen waren dicht. Iris weet niet zeker of het lukt. Ze heeft nog geen passagiersvliegtuigen over het eiland zien vliegen. Wel zes transportvliegtuigen, waarschijnlijk uit Australië of Nieuw-Zeeland. Gisteren was ze op het vliegveld om poolshoogte te nemen. „Overal lag glas, het stond onder water.”

Iris maakt zich zorgen. „De echte ramp komt over een paar weken, volgens de kokkin van het hostel, als er alleen nog maar noedels zijn. Op het tropische eiland leven veel mensen uit hun eigen tuin. Maar alles is kapot.”

    • Kim Bos