Heel Roemenië jaagt op corrupte politieke leiders

De een na de ander wordt opgepakt, maar de vraag is of het systeem echt verandert.

Elena Udrea, fraudeverdachte Foto EPA

Geen Roemeen die nog opkijkt van een toppoliticus in handboeien. Toen de burgemeester van havenstad Constanta gisteravond werd afgevoerd uit het kantoor van het nationale anticorruptieagentschap DNA, trad hij in de voetsporen van een lange reeks hooggeplaatste verdachten. Eerder die dag was er al de arrestatie van de directeur van het bureau dat de integriteit van het overheidsapparaat moet garanderen. Zondagavond nam de minister van Financiën ontslag omdat datzelfde DNA hem verdacht van omkoping.

De publieke afgang van ’s lands sjoemelende elite is snoepgoed voor televisiejournaals. Een duizelingwekkende opeenvolging van verhoren en arrestaties zorgt ervoor dat televisiecrews de stoep bij het DNA-gebouw zelden hoeven te verlaten. Corruptie is wijdverbreid in de EU-lidstaat van 20 miljoen inwoners, maar de afgelopen tijd hebben dubieuze politici, zakenlui en rechters ook echt wat te vrezen.

Het werk van de corruptiebestrijders leidde al tot een rechtszaak tegen de voormalige vicepremier en campagneleider van de zittende minister-president Victor Ponta en tot de aanhouding van zijn zwager. Aan de andere kant van het politieke spectrum belandde Elena Udrea, vorig jaar nog presidentskandidate, in hechtenis op beschuldiging van fraude. Udrea wekte de hoon van de Roemenen met haar verzoek om chique meubels en nieuw behang in haar „vreselijke” cel.

De cijfers zijn indrukwekkend. In 2014 verzocht het agentschap het parlement om de arrestatie van negen volksvertegenwoordigers en opende het twaalf strafrechtelijke onderzoeken tegen huidige of voormalige ministers. Het nam meer dan 303 miljoen euro in beslag. DNA-onderzoeken leidden tot 1.138 veroordelingen.

Het succes werkt aanstekelijk. Het aantal burgers dat zelf corruptie aangeeft is met bijna 80 procent gestegen, aldus hoofdaanklager Laura Kövesi. Maar er is ook kritiek: de corruptiestrijd zou zijn omgeslagen in een politieke heksenjacht. Politici zouden ten onrechte in voorlopige hechtenis worden geplaatst.

„Maak je geen illusies, ze zijn allemaal schuldig”, zegt Alina Mungiu-Pippidi, deskundige corruptiebestrijding aan de Hertie School of Governance in Berlijn. „En maatregelen als voorlopige hechtenis moeten voorkomen dat verdachten hun verhalen afstemmen. In Roemenië is liegen onder ede de regel, geen uitzondering.”

Als er al een probleem is met het DNA is dat volgens Mungiu-Pippidi, „dat het eigenlijk geen volwaardige anticorruptiedienst is. Het komt niet toe aan beleid, preventie of wetgeving, maar doet slechts wat het kan: zo veel mogelijk mensen arresteren. Zolang de overheid en de politieke partijen niets doen aan systeemcorruptie zullen de nieuwe bewindslui de toekomstige veroordeelden zijn”.