De stroppenpot van banken zat nog nooit zo vol

Foto ANP

Hoeveel geld moeten banken uitlenen om een verlies van 20 miljard euro goed te maken? Wie een grove rekensom maakt, komt tot astronomische bedragen. Dat geeft een indicatie van de megarekening van de crisis. Een rekening waaraan iedereen uiteindelijk heeft meebetaald.

Uit een inventarisatie blijkt dat de drie grote Nederlandse banken, ABN Amro, ING en Rabobank, tussen 2009 en 2014 voor een recordbedrag van 20 miljard euro hebben zien verdampen aan leningen die zij hadden verstrekt aan vooral vastgoedontwikkelaars en ondernemingen. Uitgaande van wat er nu nog klaar staat voor nog te verwachten stroppen, komt de schade zelfs uit op meer dan 30 miljard.

Wat betekent zo’n strop concreet?

Stel dat een bank op dit moment tegen een rente van een half procent kan lenen en spaargeld kan aantrekken tegen betaling van een rente van 1 procent. En stel dat ze dat weer uitleent tegen een rente van, zeg 3 procent. Dan is de winst voor de bank pakweg 2,5 cent op elke euro die ze uitleent. Om 20 miljard terug te verdienen, moeten banken dus 800 miljard euro uitlenen, gedurende een jaar lang. Om een idee te krijgen: dat is ruimschoots meer dan het geld dat ING, de grootste van de drie banken, nu al heeft uitgeleend (555 miljard).

En dan houd je nog niet eens rekening met de kosten die banken maken voor personeel en andere zaken. Als je die nog van de rente-inkomsten aftrekt, zullen banken nóg meer geld moeten uitlenen. Als je ook nog de nog verwachte stroppen meeneemt, wordt het uit te lenen bedrag helemaal absurd. Dan praat je over een biljoen of meer, niet over miljarden.

Ziedaar de pijn van zeven jaar crisis van de grote Nederlandse banken. Alle bankenreddingen hebben weliswaar een soortgelijk bedrag gekost, maar dat bedrag wordt deels terugbetaald. De 30 miljard is dus een indicatie van de prijs van de kredietcrisis.

Wie lijdt hieronder?

Iedereen. Banken moeten die verliezen terugverdienen en ze doen dat deels door het verlagen van de spaarrentes en het verhogen van rentes op kredieten. Ook salarissen van personeel werden gekort.

De angst voor nieuwe stroppen leidt zelfs tot een rem op de kredietverlening. Dat zet weer een rem op de economie. Goede kredietverlening is cruciaal voor het functioneren van de economie. Op dit moment vervullen banken hun smeerolierol onvoldoende, stellen economen. Het herstel van de economie is nog altijd zwak.

Kampioen stroppen is ING. Die bank moest de afgelopen jaren 8 miljard euro afboeken. Maar wie beter kijkt, ziet dat het de Rabobank is waar de hardste klappen vallen. Daar bedragen de stroppen weliswaar een miljard minder. Maar de pot met voorzieningen voor nog te verwachten verliezen is bijvoorbeeld véél royaler gevuld dan die van ING.

Waarom rekent Rabo op de slechtste vooruitzichten?

Rabo zelf zegt dat zij mede last heeft van klanten die nu pas in problemen komen, omdat ze eerst hun eigen reserves hebben opgebruikt. De impact van een crisis komt in feite met een vertraging, aldus Rabobank. Maar dat is niet het hele verhaal. Rabo is ook traag geweest met afboeken en het treffen van voorzieningen. In de hoop mogelijk dat problemen van klanten op termijn, als het weer beter gaat, vanzelf zouden verdwijnen.

Een andere cruciale reden is dat Rabobank in het verleden fors heeft geïnvesteerd in commercieel vastgoed, winkels, kantoren. Het heeft voor zo’n 28 miljard aan vastgoedleningen uitstaan. De commerciële vastgoedmarkt is echter volledig ingezakt gedurende de crisisjaren.

In feite voelt Rabobank nu de pijn van het grote speculeren met vastgoed waar ze in de jaren voor de crisis mee was begonnen. Een opmerkelijke stap juist voor deze degelijke, coöperatieve boerenbank.

Lees het hele artikel in NRC Handelsblad