Geld lenen aan Nestlé? Je betáált rente

Niet alleen op staatsobligaties, ook op bedrijfsobligaties daalt de rente. Dat is fijn voor grote bedrijven: lenen is goedkoop. Maar de risico’s nemen toe.

Rendement op alle obligaties laag

Als Warren Buffett opeens verschijnt op een markt, dan weet je dat daar iets gaande is. Berkshire Hathaway, de conservatief ingestelde beleggingsmaatschappij van de Amerikaanse superbelegger, gaf deze maand voor het eerst obligaties uit in euro’s, in plaats van in dollars.

Door 3 miljard aan euro-schuldpapier in de markt te zetten, voegde Berkshire zich bij een schare Amerikaanse bedrijven die nu corporate bonds uitgeven in de Europese eenheidsmunt. Afgelopen week deed Kinder Morgan, de grootste aanlegger van pijpleidingen van de VS, hetzelfde, met 1,25 miljard euro aan obligaties. Coca-Cola (8,5 miljard euro) zette de stap in februari al.

De trend is deel van een bredere ontwikkeling op de Europese markten: de vraag van beleggers naar bedrijfsobligaties blijft groeien, of ze nu van Amerikaanse of van Europese bedrijven afkomstig zijn. Obligaties van de Zwitserse voedselreus Nestlé werden in februari voor het de eerst met negatieve rente verhandeld. Ook schuldpapier van Shell dook kort onder de nulgrens. Beleggers betálen nu rente om geld uit te lenen. Het is een vreemd verschijnsel dat zich nog sterker bij staatsobligaties van een aantal eurolanden voordoet.

De gemiddelde rente op bedrijfsobligaties in de eurozone met een looptijd van vijf jaar was dinsdag gezakt tot 0,77 procent – het laagste niveau sinds 2008 – om aan het eind van de week weer iets op te veren.

Wat is er aan de hand? De daling van rentes op bedrijfsobligaties is al gaande sinds 2012. Toen begon de Europese Centrale Bank (ECB) stapsgewijs de rente te verlagen en – belangrijker – in de zomer van dat jaar zei ECB-president Draghi dat hij „al het nodige” zou doen om de euro te redden.

Dat had een direct effect op de rentes op staatsobligaties – en een indirect effect op bedrijfsobligaties. „Door die woorden wisten beleggers dat staatsobligaties veilig waren op de langere termijn”, zegt Gareth Isaac, obligatiebelegger bij Schroders in Londen. De rentes namen af. En de rentes op bedrijfsobligaties daalden mee.

Dat laatste gebeurt „omdat beleggers op zoek gaan naar beleggingsproducten met een hogere opbrengst – een hogere rente”, zegt Isaac. Bedrijfsobligaties zijn zo’n product. Regeringen worden op de markten als betrouwbaarder gezien dan bedrijven: bedrijven betalen meer rente dan overheden. Ligt de gemiddelde rente op vijfjaars bedrijfsobligaties in euro’s (nog) boven nul, die op vijfjarige staatsobligaties in de eurozone is gemiddeld al negatief.

Honger naar rendement

Een extra stimulans voor de run op bedrijfsobligaties was de laatste paar weken vooral dat beleggers zich opmaakten voor het besluit van de ECB om kwantitatieve verruiming (quantitative easing, QE) toe te passen: de grootschalige aankoop van vooral staatsobligaties. Rentes op staatsobligaties daalden verder; rentes op bedrijfsobligaties zakten weer mee.

Dit ondanks het feit dat ook het aanbod van bedrijfsobligaties toeneemt, recentelijk vooral uit Amerika. Voor Amerikaanse bedrijven is het inmiddels een stuk goedkoper om te lenen in euro’s. De rente op obligaties in euro’s ligt zo’n 1,5 procentpunt lager dan die op dollar-schuldpapier.

Maar de vraag blijft het aanbod overtreffen. Tekenend voor de honger van beleggers naar rendement is dat vrijwel elke uitgifte van bedrijfsobligaties overtekend wordt. Bij Coca-Cola (uitgifte: 8,5 miljard) hadden beleggers voor 20 miljard euro ingetekend. De meesten vingen dus bot.

Het is een fijne trend voor grote bedrijven, die steeds goedkoper geld kunnen lenen door obligaties uit te geven, op een moment dat banken nog steeds voorzichtig zijn met leningen.

Riskante beleggingen

Maar risico’s zijn er ook, zegt Andy Burgess, belegger voor BNY Mellon Insight in Londen. „In de zoektocht naar hogere opbrengsten worden ook steeds meer risicovolle obligaties gekocht en obligaties met een lange looptijd.” Burgess doelt op risicovolle speculative grade obligaties. Deze obligaties, vaak van zwakkere bedrijven, hebben een lage kredietscore (B of lager). De rente is hoger dan bij investment grade -obligaties met een laag risico (A tot AAA).

De rente op álle bedrijfsobligaties wordt lager – dus ook op die met een hoog risico. „Het kan lang goed blijven gaan”, zegt Burgess. „Maar als bedrijven in de problemen komen, bijvoorbeeld bij economische tegenwind, kunnen de verliezen groot zijn.” Burgess merkt dat beleggers bereid zijn steeds meer risico te aanvaarden. In de contracten die verbonden zijn aan de obligatiekoop wordt het beschermingsniveau van beleggers „steeds zwakker”, zegt hij.

Hoe lang kan dit doorgaan? Volgens Isaac van Schroders is de bodem „ binnen bereik”. Negatieve rentes op bedrijfsobligaties, zoals bij Nestlé, zullen de uitzondering blijven, denkt de belegger. De grote stimulans achter de lage rentestanden, het QE-beleid van Draghi, loopt misschien eerder op zijn einde dan werd verwacht, zegt Isaac.

Het programma loopt in principe tot september 2016, maar als de ECB eerder wil stoppen, dan kan dat, zegt Isaac. „De afgelopen week is hysterisch geweest. De effecten van QE die we hadden verwacht in 18 maanden, hebben al plaatsgevonden in één week. Maar veel economische indicatoren staan hoog. Dus de vraag rijst hoe lang de ECB dit nog volhoudt.”