Rus denkt over Poetin: hij slaat ons, dus hij houdt van ons

Illustratie Tom Janssen

De Russische propagandamachine draait op volle toeren. En het volk steunt president Poetin in zijn leugenoffensief, schrijft Sana Valiulina (auteur van Kinderen van Brezjnev).

‘Met mildheid maakt een tsaar zich niet geliefd. Uitbuiting, doodstraf – dat werkt net zo goed”, zegt Boris Godoenov in het gelijknamige koningsdrama van Alexander Poesjkin. Alle Russische tsaren die zich aan deze huisregel hebben gehouden, werden gevreesd en geliefd door hun volk.

Een tsaar die zo onverstandig was om de teugels te laten vieren, Alexander II bijvoorbeeld die in 1861 de lijfeigenschap afschafte, werd op weg naar zijn paleis opgeblazen. Na de dood van Stalin, de rode tsaar en een van de grootste kannibalen uit de geschiedenis, schreide het radeloze volk ten hemel. Zelfs mijn moeder, die toen al beter wist, pinkte een traantje weg.

In het relatief vreedzame Brezjnev-tijdperk bleef het spook van Stalin door het land waren. „Stalin zou hier meteen orde op zaken stellen”, was een gangbaar commentaar op alles wat niet deugde in het verrotte systeem. Rusland heeft het stalinisme nooit afgezworen. Collectieve boetedoening voor misdaden bleef uit. Zonder prikkeldraad tussen hen in waren de beulen en de slachtoffers van het Goelagregime niet meer van elkaar te onderscheiden.

Deze ongedefinieerdheid past bij de Russische ziel met zijn grenzeloosheid, zijn gepassioneerdheid en zijn haast apocalyptische gesteldheid – kenmerken die we zo bewonderen in de Russische literatuur maar die zich op het sociaal-politieke vlak, in hun afkeer van begrenzing, matigheid en discipline, transformeren tot nihilisme en extremisme. Daarom was een sociaal-democratisch model nooit populair in Rusland en zal het dat ook nooit worden. Te saai, te juridisch, te klemmend, te burgerlijk.

Lees het complete artikel zaterdag in NRC Handelsblad (€)