Javaanse poppen in spel over politionele acties

Hete Peper: poppen en acteurs Foto Jochem Jurgen

„Voor de meesten in Indonesië is de vrijheidsoorlog van zo’n 70 jaar terug tegen de Nederlanders een vergeten onderwerp, dat te ver in het verleden ligt”, zegt Beni Sanjaya, acteur en wajangspeler van het gezelschap Papermoon Puppet Theatre uit Yogyakarta. De groep is in Nederland om met Het Volksoperahuis de voorstelling Hete Peper te brengen, het gedramatiseerde verhaal over de Nederlander Erik die in het huidige Indonesië op zoek is naar zijn vader. Deze streed tijdens de politionele acties aanvankelijk tegen de Indonesiërs, maar hij koos al snel de andere kant.

Het Volksoperahuis maakte eerder de voorstelling Indo, over de Nederlands-Indische identiteit. Muzikant en tekstschrijver Jef Hofmeister belicht in Hete Peper, met acteur en regisseur Kees Scholten, het „verlangen naar verzoening van Nederlandse militaire zijde”. Hofmeister: „De trauma’s die in ons land nog altijd leven bij Indiëgangers leggen een eenzijdig accent. Wij zijn naar Indonesië gegaan om met enkele theatergroepen te spreken over de onafhankelijkheidsoorlog. Maar men reageerde terughoudend, kennelijk uit angst dat we de Nederlandse kant gaan belichten. Papermoon wilde meteen meewerken, juist omdat we de Indonesische visie beklemtonen. Het recht op vrijheid, op merdeka, is vanuit historisch perspectief begrijpelijk.”

Kees Scholten speelt meerdere rollen, behalve de zoon ook de collaborerende soldaat. „De politionele acties waren verwarrend. Het was lang niet altijd duidelijk wie vriend of vijand was. Er waren ook Nederlandse soldaten die begrip hadden voor de Indonesische kant.” Hete Peper gaat ook in zijn land op tournee, zegt Sanjaya: „In Indonesië tonen we politieke onderwerpen op symbolische wijze. Gevoelige gebeurtenissen benoemen we nooit rechtstreeks, maar we laten in beeld zien wat er gebeurt. Wajang is daartoe een prachtig middel: goed en kwaad, oorlog en vrede kunnen we met poppen, kleur en muziek uitdrukken.”