Drie anderen op deze plek

Op deze plek staan volgende week drie andere auteurs. Dat zit zo: rond Internationale Vrouwendag verscheen Het f-boek, een bundeling essays over het feminisme van nu, waaraan ik heb bijgedragen. Voor de promotie stond ik in Het Parool, De Telegraaf en Trouw. Die laatste krant kopte: ‘Daar zijn ze: de nieuwe feministen.’ Met een voorpaginafoto van drie jonge, witte vrouwen. Iemand tweette ‘en ook nog slank’, wat ik helaas als een compliment opvatte. In Trouw sprak ik over ‘totale diversiteit’ en daarna over mannen – hoe die bij het feminisme horen, omdat genderhokjes iedereen beperken. Er stond niet bij dat ik met totale diversiteit ook doelde op vrouwen met een andere achtergrond. Bijvoorbeeld omdat ze niet in Amsterdam wonen, bijvoorbeeld omdat ze niet op de universiteit hebben gezeten, bijvoorbeeld omdat hun ouders of zijzelf ergens anders zijn geboren of opgegroeid. Bijvoorbeeld omdat ze zwart zijn.

Er waren veel mediaverzoeken. Telkens trachtte ik het door te schuiven; misschien een keertje iemand anders vragen? In Het f-Boek staan zestig auteurs, waarvan 39 witte vrouwen. Maar ‘de media’ willen een naam die lekker bekt. Zo gaat dat. Ik heb geprobeerd een afweging te maken, maar achteraf bezien was ik te meegaand.

Want wie denkt in zo-gaat-dats, ziet nooit iets veranderen.

En wie geen fouten durft te maken, ook niet. Ik vrees dat ik mezelf als ‘nobele witte’ opwerp. Kijk mij – white saviour – m’n plek eens afstaan aan drie zwarte vrouwen. Ik hoop dat het ook anders kan: dat je plaats kunt maken zonder dat je daar een medaille voor vraagt. Ik begrijp dat plaatsmaken behoorlijk relatief is: ik mag deze ruimte in nrc.next drie keer per week vullen, nu al ongeveer 78 weken achtereen. Ik geef ’m nu één weekje weg. Dat is het minste van het minste. Dat is 1,3 procent. Dat is geen systeemverandering.

Maar, zoals de feministische dichter Adrienne Rich schreef: ‘Wat we zien, zien we. En zien is veranderen.’

Dat ik deze plek heb, is een kwestie van geluk. Hard werken is niet uitzonderlijk, namelijk. Geen enkele kwaliteit is uitzonderlijk. Samen vormen ze heus wel iets – een heuse authentieke ik –, maar bevoorrecht zijn is een heel belangrijke sokkel. Wit, hoogopgeleid, jong: het zijn privileges. Zonder die sokkel valt geen enkele kwaliteit op.

Een week van andere stemmen – drie zwarte vrouwen op deze plek –, betekent uiteraard niet dat daarna iedereen is gehoord. Iedere auteur spreekt alleen voor zich. En toch wil je ook een groter probleem laten zien. Het moet een statement zijn tegen de witte stemmen in de krant en het melkwitte plafond van mediaplatformen. We – vier auteurs – weten niet zeker of het een goed statement is. Het is iets. We proberen.

Volgende week staan Ama Koranteng-Kumi, Clarice Gargard, Fatihya Abdi hier. Namen die best wel lekker bekken.