‘Singin’ in the rain’: musical op filmniveau

Dan Burton danst en zingt even excellent als Gene Kelly in Singin'in the rain.

Het regent echt, in het Théâtre du Châtelet in Parijs. Eerst alleen nog tegen het achterdoek, veilig opgevangen in een goot waardoor de dansende zanger met zijn paraplu en zijn gleufhoed droog lijkt te blijven. Maar allengs heviger – en dan stroomt het ook nog uit een loshangende regenpijp, zodat de plensbui steeds geloofwaardiger naar beneden komt en onze held terdege doorweekt raakt. Terwijl hij blijft dansen en zingen, tot het pauze is: Singin’ in the rain, het ziet er bijna net zo fantastisch uit als in de film.

Singin’ in the rain was nooit als theatermusical bedoeld. De machtige MGM-producent Arthur Freed gaf in 1952 opdracht een muziekfilm te maken rondom de songs die hij in zijn jonge jaren zelf als tekstdichter had geschreven, samen met zijn vaste componist Nacio Herb Brown. Een ietwat egocentrische onderneming dus, maar met briljant resultaat. Want de scriptschrijvers Betty Comden en Adolph Green verzonnen een verhaal dat zich afspeelde in de jaren twintig, toen de zwijgende films werden verdrongen door de uitvinding van de geluidsfilm. En daar bleken die bestaande songs perfect in te passen. Inclusief de scène die tot de beroemdste van alle filmscènes behoort: Gene Kelly, die de titelsong danste en zong, spetterend in een regenbui van jewelste.

Geen wonder dat het nog tot 1983 duurde voordat er voor het eerst een theaterversie kwam: zo’n regenbui op het podium vereist geavanceerd staaltjes toneeltechniek. Drie jaar later kwam er een Nederlandse bewerking, die echter te klein van formaat was – en daardoor lang niet showy genoeg – om een onvergetelijke indruk te maken.

Dat is nu in het Théâtre du Châtelet wel anders. Hier is een ensemble van tien zingende danseressen en tien zingende dansers aan het werk, plus een stuk of tien grotere rollen en een fonkelend orkest van meer dan veertig strijkers en blazers die de riante sound van de Hollywoodorkesten uit de jaren vijftig volop laten schitteren.

Théâtre du Châtelet is gespecialiseerd in kortlopende musicals in het Engels, met Franse zij- en boventitels. Singin’ in the rain gaat vanavond in première en blijft doorspelen tot eind deze maand. Maar nu al is besloten tot een repriseperiode aan het eind van dit jaar. En terecht: dit is een ultieme feelgoodmusical vol originele vondsten, met vooral uit Engeland gerekruteerde spelers die hun veeleisende vak tot in de vingertoppen beheersen.

De ster van de show is Dan Burton, in de rol van Gene Kelly. Zijn zanggeluid is ouderwets romantisch, in de gunstigste betekenis van die woorden. En als danser valt hij vooral op omdat hij in staat is bijna ongemerkt van lopen over te gaan op dansen – met de nonchalant ogende passen waarin Kelly altijd excelleerde. Ook zijn twee naaste tegenspelers (Clare Halse als de geliefde en Daniel Crossley als de goede vriend) zijn toptalenten. Zo krijgen hits als You are my lucky star, Make ’em laugh, All I do is dream of you en de titelsong alle energie die ze verdienen.

Daarbij heeft de Canadese regisseur Robert Carsen ook nog eens een spectaculaire finale ontworpen. Waarin nog nog één keer fikse bui losbarst, en iedereen Singin’ in the rain zingt.

Wat een feest.