Hij heeft de licenties, coureurs het geld

Zijn raceteam geldt als opleidingsinstituut voor de Formule 1. Na Max Verstappen verwelkomt hij nu Mick Schumacher (zoon van). „Een lief kereltje.”

Frits van Amersfoort (60) heeft een nieuw racetalent, Mick Schumacher (15). „Zijn moeder Corinna doet er veel aan om hem zo normaal mogelijk te laten opgroeien.” Foto Andreas Terlaak

Fotografen in de bosjes: negeren. Interviewverzoeken van Duitse journalisten: doorsturen. Praten over zijn nieuwste aanwinst: liever niet.

Dat zijn ongeveer de regels die racebaas Frits van Amersfoort twee weken geleden zijn opgedragen toen hij een nieuwe coureur aan zijn team bond. Hij is best wat publiciteit gewend, na de successen van Max Verstappen van vorig jaar, maar dit ging nog een stap verder, nog voordat de eerste race van het seizoen was verreden.

De naam van zijn nieuwe Formule 4-rijder zegt genoeg: Mick Schumacher. De zoon (15) van de voormalige Duitse Formule 1-coureur Michael Schumacher, die in 2013 in coma belandde na een skiongeluk. De zevenvoudig kampioen is herstellende, al gaf hij zelf nog geen teken van leven. Zijn management geeft amper informatie en schermt daarom ook zoon Mick af. Weg van journalisten die hopen op een snipper nieuws over zijn vader.

Voor Van Amersfoort (60) is het een aparte gewaarwording. Graag rept hij met gepaste trots over zijn bedrijf, maar als het over Mick Schumacher gaat, dient hij zich op de vlakte te houden. „Vanuit Duitsland zijn we al gewaarschuwd. Zijn moeder Corinna doet er veel aan om hem zo normaal mogelijk te laten opgroeien.” Wat hij wel kan zeggen: „Dat Mick een lief kereltje is, die weet dat hij nog veel moet leren.” Zijn eerste race is in het weekend van 25 april.

In dat licht bezien is het een nadeel dat Schumacher nog niet in de simulator heeft kunnen rijden in het epicentrum van zijn nieuwe team, in het Noord-Hollandse Huizen. Daar, tussen een meubelbedrijf, matrassenleverancier en een kaashandel, bevindt zich Van Amersfoort Racing, dat sinds 1975 actief is in de racerij. Eerst als een clubje hobbyisten, nu als een professioneel team met zo’n tien fulltimers en tien freelancers. Het gros sleutelt in de werkplaats aan de bolides, de rest zit in het kantoor achter een computer.

Het team heeft vijf coureurs onder contract met ieder een eigen auto in de Formule 3 en 4, een niveau dat volgens directeur Van Amersfoort vergelijkbaar is met de topklasse in het voetbal, de twee na hoogste klasse. Grote verschil: in zijn bedrijf gaan miljoenen om. Een auto laten rijden in de F3 kost ongeveer 600.000 euro. Niet veel minder is het bij de F4, waarin Schumacher gaat rijden.

Tijdens het gesprek verontschuldigt een van zijn medewerkers zich. Hij heeft 135 euro nodig voor wat nieuwe onderdelen die hij moet ophalen. Van Amersfoort pakt zijn knip, blijkt niet genoeg cash te hebben en vraagt of er ook gepind kan worden. Nee. Gelukkig kan zijn collega wat voorschieten. Zo gaat het bijna dagelijks in Huizen. Racen slurpt geld. Banden, brandstof, universitaire expertise en toeren door Europa: kosten zat.

Het grootste deel daarvan komt op rekening van de coureurs. Zij kopen zich als het ware in bij licentiehouder Van Amersfoort. „We zeggen ook dat coureurs niet bij ons rijden, maar mét ons.” Dat is de autosport eigen: talent is belangrijk, maar financiële middelen mogelijk nog meer.

Vaak komen coureurs uit welgestelde families. Ze rijden op vermogen, tenzij ze zo aantoonbaar goed zijn dat sponsoren zich opwerpen. Dat is het geval bij Max Verstappen. Toen hij vorig jaar werd benaderd door Red Bull, spoten monteurs van Van Amersfoort zijn auto alvast in de kleuren van het frisdrankmerk. Puur een vorm van faciliteren. Opdat Verstappen zich alvast kon profileren als toekomstig rijder van Red Bull.

Opleidingsinstituut

Het team geldt als opleidingsinstituut voor hogere podia. Zo hebben onder anderen Christijan Albers en Jos Verstappen (vader van) voor Van Amersfoort gereden aan het begin van hun carrière. Later reden zij in de Formule 1, de koningsklasse waarin Max Verstappen dit weekeinde op 17-jarige leeftijd debuteert. Midden in de nacht (Nederlandse tijd) begint de race in het Australische Melbourne, maar Van Amersfoort gaat kijken. „Voor Max. Hij was een natte droom voor ons team.”

Diens vele eerste plekken in de Formule 3 zorgden voor prettige extra publiciteit in een wereld die zich afspeelt buiten de schijnwerpers. Formule 3 en 4 komt amper aan bod op het open televisienet. Sponsoren staan niet in de rij. Van Amersfoort: „Toen sigarettenfabrikanten niet meer mochten sponsoren, is de markt ingestort. In Nederland leeft autosport ook amper. Wij worden gesponsord door Volkswagen in Duitsland, maar krijgen bij de Nederlandse vestiging nog geen busje gesponsord. Een Duitse bus is geen optie, want de voertuigenbelasting moeten we zelf betalen.”

Charlatans

Lucratief is de business niet. Zonder te klagen benadrukt Van Amersfoort dat hij ook „diepe ellende” heeft meegemaakt. Dat hij naast de succesverhalen van de familie Verstappen ook verhalen kan vertellen over coureurs die lang niet zo goed reden als hij had gehoopt, maar zich wel hadden ingekocht. Die bovendien niet altijd voldoen aan de rekening van een paar ton.

Ouders zijn vaak de boosdoeners. Omdat Van Amersfoort een opleidingsstation runt, heeft hij veel coureurs van 16 tot en met 18 jaar onder zijn hoede. „Die worden soms afgeleverd met een te hoog verwachtingspatroon. Bij voetbal moet je het zelf doen, bij tennis kun je al wijzen naar je racket, maar bij auto’s is het helemaal makkelijk om te zeggen dat het materiaal niet deugt. Ze tekenen een contract in de hoop dat hun kind succesvol wordt en sponsors aantrekt, maar als dat niet lukt, wijzen ze naar ons. Sommigen betalen dan niet. Inderdaad, onbeschoft.”

Hij lijkt zich erbij neer te leggen dat hij zulke charlatans treft. Zelf vond hij geen pot met goud, wel een boel geluk. Het feit dat hij geen pensioen opbouwt, lange werkweken maakt en vaak van huis is, weegt niet op tegen het plezier tussen de auto's. Was Van Amersfoort geen racebaas geweest, „dan wel truckchauffeur”. Auto’s zijn voor hem meer dan een hobby. Het is een stijl van leven.

    • Fabian van der Poll