‘Zo vrij ben ik alleen in België’

Felix Van Groeningen ging na het grote succes van ‘The Broken Circle Breakdown’ niet meteen naar Hollywood. „Ik moet verliefd zijn.”

Regisseur Felix Van Groeningen (links) aan het werk met zijn vaste cameraman Ruben Impens op de set van hun filmBelgica. Foto Thomas Dhaenens

De dichte wolk sigarettenrook boven de dansvloer is het eerste wat opvalt als je de set opwandelt van Belgica, de nieuwe film van Felix Van Groeningen (1977). Het is even wennen, maar hoort bij een film over het uitgaansleven van de jaren negentig. Na zijn Oscarnominatie voor The Broken Circle Breakdown (2012) werkt Van Groeningen aan een nieuwe film over een bescheiden muziekcafé dat uitgroeit tot een succesvolle alternatieve nachtclub, in een film die losjes is gebaseerd op de daadwerkelijk bestaande Gentse uitgaansgelegenheid Charlatan.

Een ijskoude winternamiddag in het centrum van Gent: in de kunstgalerie die door Van Groeningen is omgebouwd tot nachtclub klinken pompende beats. De regisseur zelf staart in een hoekje van de club geconcentreerd naar enkele monitors. Op de schermen: de beelden die zijn vaste cameraman, Ruben Impens, maakt, zigzaggend tussen 200 rokende, dansende en drinkende figuranten.

Van Groeningen regisseerde tot nu toe vier films: Steve + Sky (2004), Dagen Zonder Lief (2007), de internationale arthousehit De Helaasheid der Dingen (2009) naar het boek van Dimitri Verhulst, en het Oscargenomineerde The Broken Circle Breakdown. Hollywood lonkte, maar de regisseur besloot anders dan zijn landgenoot Michaël R. Roskam voorlopig niet de oceaan over te steken. Van Groeningen: „Het klinkt misschien cliché, maar ik wil films blijven maken op de manier waarop ik ze nu maak. Het verhaal vertellen dat ik wil vertellen en de vrijheid hebben om te werken met de acteurs en de crew die ik wil. In de States is dat niet evident. Ik kreeg scripts toegestuurd uit de VS, maar waarom zou ik een film regisseren waar ik niets mee heb? Dat zou voor mij niet marcheren. Dingen komen op mijn pad, ik word er verliefd op, en denk: ‘Daar wil ik drie jaar van mijn leven aan spenderen.’”

Op dit moment is hij verliefd op het verhaal van twee broers, Jo en Frank, de eigenaars van het populaire muziekcafé Belgica dat langzaam transformeert tot een nachtclub. In hoeverre willen de broers hun zaak aanpassen voor succes? Willen ze eigenlijk wel groot worden, en welke prijs moeten ze daarvoor betalen? Van Groeningen: „Plots merken de broers dat hun ambities en idealen veranderen. En door de donkere kanten van het nachtleven sneuvelen dromen én relaties.”

Van Groeningens film is in de verte gebaseerd op het relaas van het bekende muziekcafé Charlatan in Gent. Zijn vader was ooit eigenaar van dit Gentse instituut in het nachtleven. Van Groeningen: „Ik heb zelf in de Charlatan gewerkt, maar voor mij is deze film niet persoonlijker dan mijn eerdere films. The Broken Circle Breakdown had ik nooit kunnen maken als ik bepaalde dingen niet had meegemaakt.” De ziekenhuisscènes in die film – waarin we het dochtertje van de hoofdpersonages zien sterven – zijn opgenomen in het ziekenhuis waar Van Groeningens eigen vader is overleden.

Co-scenarist Arne Sierens verzon de naam Belgica voor de kroeg. Van Groeningen: „De film is geen echte kroniek van de Charlatan. Omdat we verhalen en perioden door elkaar gebruiken, zochten we een andere naam. Toen bedachten we dat het verhaal van het café het verhaal van een land zou kunnen zijn: hoe ga je om met de mensen die je binnenlaat, met de mensen die er werken, met veiligheid? Hoe bepaal je wat wel en niet mag?”

Tussen de dansende massa beweegt acteur Stef Aerts zich naar de bar en begint te flirten met een van de barmeisjes. Zijn vriendin (Hélène Devos, Toneelgroep Amsterdam ) komt naast hem staan, ze zeurt om aandacht en wijst op de biervlek op Aerts’ jasje. In een vet West-Vlaams accent roept ze boven de muziek uit: „Da’s kweenie ’oe marginaal, Jo.” (Wat verschrikkelijk ordinair, Jo). Net zoals in zijn vorige films worden dialecten niet geschuwd. Is het een typisch Vlaamse film? Van Groeningen: „Ik hoop dat de film het lokale overstijgt, dat het iets heel herkenbaars wordt: Vlaams, Belgisch, Europees.” Tegelijk vertelt Van Groeningen dat het Belgische nachtleven wel uniek is. „In veel landen kan een café niet tegelijkertijd een nachtclub zijn.” In België hebben kroegen geen sluitingsuur. Van Groeningen: „En dat in een muziekcafé techno wordt gedraaid zie je ook in weinig landen.”

De muziek eist veel aandacht op. Alle nummers van de rockbands en het fanfarekorps in de beginjaren van de bar, tot de latere dj-sets, zijn geschreven door de broers Stephen en David Dewaele (Soulwax, 2 manydj’s). De broers lopen rond op de set en verzuchten dat het hard werken is. „We hebben alle bands die optreden in Belgica zelf samengesteld, alles wordt live opgenomen, en je mag niet zien dat deze mensen nooit eerder samen hebben gespeeld. De muziek voor deze film is veel meer werk dan we dachten. Maar we doen het graag. Felix is een vriend, hè.”

Stephen en David Dewaele werkten eerder met Van Groeningen, ze schreven de muziek voor zijn debuutfilm. Ook cameraman Impens en editor Nico Leunen zijn oude bekenden. De stijl van Belgica zal minder gepolijst en eclectischer zijn dan in The Broken Circle Breakdown, maar hoe de film die in oktober uitkomt er precies zal uitzien is voor de regisseur ook nog de vraag. Van Groeningen: „Mensen zeggen soms dat ze heel benieuwd zijn naar hoe de film wordt. Dan zeg ik vaak: ik ook.”