Merkel geeft Japan lesje boetedoening

Japan wordt meer achtervolgd door zijn oorlogsverleden dan Duitsland. Bondskanselier Merkel legt uit waarom.

De Duitse kanselier Angela Merkel met museumdirecteur en ex-astronaut Mamoru Mori in het wetenschapsmuseum Miraikan in Tokio. Foto Reuters Foto Reuters

Duitsland heeft vaak lof geoogst uit het buitenland voor de manier waarop het na 1945 in het reine heeft proberen te komen met zijn duistere oorlogsverleden, Japan veel minder. Het was dan ook pikant dat bondskanselier Angela Merkel de Japanners er gisteren in Tokio – juist in het jaar waarin beide landen de zeventigste verjaardag herdenken van hun definitieve nederlaag – subtiel aan herinnerde hoe de Duitsers te werk zijn gegaan.

Gevraagd tijdens een bezoek aan de Japanse krant Asahi Shimbun hoe Duitsland er, anders dan Japan, in was geslaagd zich te verzoenen met de buitenwereld, zei Merkel: „Er was een grote bereidheid in Duitsland de dingen bij de naam te noemen.” Daarnaast wees ze op de grootmoedige houding van buurlanden en bondgenoten, die de jonge Bondsrepubliek een plaats in hun midden gunden.

In een toespraak bij de krant had ze eerder al instemmend de uitspraak van de onlangs overleden ex-president Richard von Weizsäcker geciteerd dat 8 mei 1945 een dag van bevrijding voor Duitsland betekende, van de barbaarsheid van het nationaal-socialisme. In Japan is van regeringszijde nooit in zulke krachtige termen over het toenmalige regime in Tokio gesproken.

Voor de goede orde voegde Merkel er bij de discussie nog twee beleefd geformuleerde maar veelbetekenende zinnetjes aan toe: „Het is lastig voor mij als Duits kanselier u van advies te dienen hoe u met uw buren moet omgaan. Dat moet uit een proces in de samenleving zelf voortkomen.”

Juist aan dat laatste heeft het volgens buitenlandse critici, met name uit China en Zuid-Korea, in Japan vaak ontbroken. Het land heeft zich weliswaar herhaaldelijk verontschuldigd voor misdaden tijdens de bezetting van grote delen van Azië, maar het irriteert velen dat conservatieve Japanners blijven ontkennen dat het Japanse leger een actieve rol speelde bij seksueel misbruik van honderdduizenden ‘troostmeisjes’ in Oost-Azië. Premier Abe en anderen hebben in het verleden ook openlijk betwist dat Japan zich in de jaren dertig en veertig aan agressie en oorlogsmisdaden schuldig heeft gemaakt.

Merkels uitlatingen zullen dan ook in slechte aarde zijn gevallen bij Abe, met wie ze gisteravond dineerde en met wie ze volgens Duitse media toch al geen al te hartelijke verstandhouding heeft. Naar Abes smaak heeft Japan zich al meer dan genoeg geëxcuseerd voor wat er gebeurd is tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Bovendien zal Abe geërgerd zijn geweest dat Merkel juist de Asahi Shimbun uitkoos voor een bezoek. Die liberale krant is al jaren gehaat onder conservatieven, zoals Abe zelf, wegens de berichtgeving over het misbruik van troostmeisjes. Tot grote voldoening van de conservatieven bleken in 2014 enkele van deze verhalen niet te kloppen. Een nieuw bewijs, concludeerden ze maar meteen, dat al die beschuldigingen over Japanse misdaden in de oorlog op niets berustten.

Abe, die eind 2013 de omstreden Yasukuni-tempel bezocht, waar ook wordt gebeden voor het zielenheil van ruim duizend veroordeelde oorlogsmisdadigers, zal zelf in augustus moeten voorgaan bij de herdenking van Japans overgave. De grote vraag is: zal hij bij die gelegenheid, voor het oog van de wereld, de eerdere excuses proberen af te zwakken?

Er staat veel op het spel, ook Abe beseft dat. Daarom zoekt een speciale, door hem aangestelde groep deskundigen nu al naar formuleringen, die zijn denkbeelden vertolken zonder de betrekkingen met de buitenwereld al te zeer te schaden.

Gisteren nog drong China er bij Japan op aan zijn eigen oorlogsverleden nu eens eerlijk onder ogen te zien. In Zuid-Korea leven soortgelijke gevoelens. Ook de voormalige Japanse premier, de socialist Tomiichi Murayama, die in 1995 de meest vergaande excuses tot nu toe aanbood, toonde zich bezorgd dat Abe afbreuk aan zijn woorden zou doen. Dat, merkte de nu 91-jarige Murayama vorige week op tegenover het persbureau Bloomberg, „zou betekenen dat alles wat tot nu toe is gezegd een leugen is”.