Boko Haram eindelijk in defensief

Met dank aan Frankrijk en buurlanden wint Nigeriaanse leger eindelijk terrein tegen terreurgroep.

Een vrouw en haar kind in het dorpje N’Gouboua bij het Tsjaadmeer. Veel Nigerianen zijn daarheen gevlucht. Foto Jerome Delay/AP

Na jaren van oorlog met duizenden doden dient zich in het noordoosten van Nigeria een ommekeer aan in de strijd tegen de islamitische terreurgroep Boko Haram. Het Nigeriaanse leger heeft zich na een reeks van tegenslagen herpakt en lijkt nu in staat de extremistische strijders in het defensief te dringen. Regionale militaire samenwerking met de buurlanden, onder sterke Franse druk, draagt bij tot de successen tegen Boko Haram die sinds kort worden geboekt. Afgelopen weekeinde begonnen troepen uit Tsjaad en Niger aan een nieuw offensief in de regio ten westen van het Tsjaadmeer.

Ondanks deze militaire vorderingen is het nog steeds niet veilig in het noordoosten, want Boko Haram valt na zijn militaire verliezen terug op zijn oude tactiek om spectaculaire bomaanslagen op burgerdoelen uit te voeren. „Ik ga straks niet in een lange rij staan bij de verkiezingen later deze maand als het leger ons geen veiligheid kan garanderen”, zegt een inwoner van de hoofdstad Abuja.

In de noordelijke stad Maiduguri werden afgelopen weekeinde meer dan vijftig burgers gedood bij zelfmoordaanslagen. Boko Haram zet steeds vaker jonge, gesluierde meisjes in om zelfmoordaanslagen te plegen. Toen een vermoedelijk onschuldig meisje van nog geen tien jaar onlangs weigerde zich te laten fouilleren op een markt werd ze door omstanders doodgeslagen.

Nigeriaanse regeringssoldaten namen de afgelopen weken een reeks stadjes in langs het Tsjaadmeer en in het berggebied bij de grens met Kameroen. Langs het meer heroverde het leger de stad Baga, waar Boko Haram in januari mogelijk meer dan duizend burgers heeft vermoord. Verder dringen regeringssoldaten dieper het Sambisawoud in. Daar ontvoerde Boko Haram een jaar geleden ruim tweehonderd schoolmeisjes uit Chibok. Boko Haram bereidt nu een tegenaanval voor in de stad Gwoza, ten zuidoosten van de regionale hoofdstad Maiduguri, waar de groep vorig jaar augustus de vestiging van een kalifaat aankondigde.

Moreel

Dat de Nigeriaanse soldaten nu beter hun mannetje staan, is het gevolg van een beter moreel. De afgelopen maanden waren tientallen soldaten gedeserteerd na klachten dat ze geen wapens ontvingen van hun superieuren. Ooggetuigen van de aanval op Baga vertelden in januari dat burgers van de lokale zelfverdedigingsmilitie geweren afnamen van bange, weigerachtige soldaten om te gaan vechten tegen Boko Haram. Legerleiders peppen het moreel sinds kort op door, net als de president, regelmatig veldbezoeken af te leggen. De doorgaans afstandelijke president Goodluck Jonathan bezocht zelf de ouders van de tweehonderd ontvoerde meisjes uit Chibok. Ook zijn er wapens gekocht, zoals opgeknapte T-72-tanks en gevechtshelikopters. De VS wilden deze wapens niet leveren wegens schending van de mensenrechten door het leger, maar de regering wist via onbekende tussenpersonen toch wapentuig aan te schaffen.

Met Frankrijk als drijvende kracht in de VN-Veiligheidsraad en op de achtergrond bij de Afrikaanse Unie proberen landen in de regio een militair verbond tegen Boko Haram te smeden. Enkele honderden soldaten uit Tsjaad verdreven Boko Haram al uit dorpen zowel in Nigeria als aan de Tsjadische kant van de grens, zodat Boko Haram geen vrijplaatsen meer heeft waarnaar het kan uitwijken.

Hoe ver de Franse betrokkenheid precies gaat, blijft nog onduidelijk. Als de Veiligheidsraad zijn fiat geeft aan de gezamenlijke Afrikaanse strijdmacht kunnen westerse landen openlijker hulp geven aan de strijd tegen Boko Haram.

De Franse minister van Buitenlandse Zaken Laurent Fabius erkende eind februari tijdens een bezoek in Tsjaad dat Parijs „helpt met inlichtingen en opleiding” voor de regionale legers. „Frankrijk steunt op operationele wijze de Afrikaanse troepen”, zei ook president Hollande vorige maand. Volgens hem bestaat die steun ook uit het verstrekken van „brandstof, en soms ook munitie”. Maar een echte Franse interventie, zoals in het noorden van Mali in 2013, sloot hij uit. Frankrijk heeft 3.000 man gelegerd in Tsjaad om als vervolg op de interventie in Mali islamitische terreurgroepen in de hele regio te bestrijden. En op dit moment richt het vizier zich vooral op Boko Haram.