Bijval is er genoeg op de UvA, maar hoe nu verder?

Het bestuur wilde praten met de actievoerders op de UvA. Maar alle gesprekken hebben nog weinig opgeleverd. Wat moeten ze nu doen? Opnieuw actie?

In het Maagdenhuis werd gisteren weer vergaderd. Maar het bestuur reageerde nog niet op de eisen van de actiegroep. Foto Remko de Waal/ANP

Het lijkt een ordentelijk debat te worden, maandagmiddag op de UvA. De studenten zitten op stoeltjes, rector magnificus Dymph van den Boom resideert achter een statafel en moderator Yoeri Albrecht wijst naar de powerpoint met agendapunten.

Maar dan neemt een docente antropologie het woord. „Wij geloven niet in deze dialoog, dus we willen een andere conversatie voorstellen.” De deelnemers schuiven de stoelen aan de kant, gaan rond de flip-over zitten en vervolgen de bijeenkomst in het Engels, de voertaal van deze opstand. Albrecht verdwijnt en Van den Boom neemt plaats in het publiek.

Wat was bedoeld als de derde debatsessie van het College van Bestuur (CvB) met studenten en docenten over hervormingen aan de universiteit, verandert in een kruising tussen een vergadering, een sit-in en een ondervraging. De studenten en docenten willen antwoorden en toezeggingen: hun geduld is op.

Vorige week heeft ReThink UvA, de groeiende groep van docenten-in-verzet, drie eisen gesteld aan het College van Bestuur, onder andere over democratisering. Het CvB kreeg tot vrijdagmiddag tijd om te antwoorden, vroeg om uitstel, en kreeg dat tot gisterochtend 09.00 uur. Maar ook dat was te vroeg voor de bestuurders: ze willen eerst praten met „verschillende groepen” binnen de universiteit voordat ze een reactie geven, schreven ze in een mail.

Van den Boom herhaalt dat standpunt tijdens het debat. „Ons antwoord komt echt wel. Een dag meer of minder maakt niet zoveel verschil.” De zaal is niet overtuigd, maar omdat de bijeenkomst maar een uur mag duren, eindigt hij onbeslist.

Buiten wordt Van den Boom opgewacht door zo’n honderd studenten en docenten die voor de ingang zitten met bordjes waarop staat ‘Het Maagdenhuis is hier.’ Van den Boom slalomt tussen de uitstekende ellebogen door en verdwijnt uit zicht. Een deel van de studenten besluit haar dan te achtervolgen tot haar auto, en probeert daar de weg te blokkeren. Het is een spontane actie die toont dat van een centrale strategie geen sprake is.

Bijval is er genoeg, maar wat nu?

Het is nu al bijna een maand geleden dat de bezetting begon, en over draagvlak hebben de Maagdenhuisbezetters niets te klagen. De afgelopen dagen kregen ze de ene steunbetuiging na de andere: van vooraanstaande wetenschappers, de rechtenfaculteit van de UvA en de Jonge Akademie van de KNAW. Ook van opiniemakers en politici krijgen ze bijval, en Maurice de Hond peilde dit weekend dat meer dan de helft van de Nederlanders achter hun eisen staat.

Maar hoe behoud je dit momentum en hoe kom je tot concrete en gezamenlijke actie? Het CvB neemt de tijd voor de reacties, terwijl de actievoerders haast hebben. De vergadering met Van den Boom levert geen nieuwe plannen op. Voor de tweede bijeenkomst van de dag, van docenten in het Maagdenhuis, geldt eigenlijk hetzelfde.

De docenten van ReThink UvA vergaderen maandagmiddag over het verlopen ultimatum: wat moet de volgende stap nu zijn? Over staken, waarmee werd gedreigd in het ultimatum, gaat het niet meer – en evenmin over grote acties. De verandering moet van onderop komen, vinden de aanwezigen: daarom moet iedereen in zijn eigen vakgroep en faculteit draagvlak zoeken en bekijken hoe hij de idealen van democratisering kan vormgeven. „Als individuen en als groep moeten we democratie op een positieve manier demonstreren”, zegt Guy Geltner, hoogleraar Middeleeuwse geschiedenis en een van de drijvende krachten achter ReThink UvA.

„Misschien kunnen we verkiezingen houden voor onze eigen bestuurders”, oppert een docent. Hij krijgt veel bijval. Men besluit dat er een wetgevende vergadering moet komen die een nieuwe democratische structuur voor de universiteit gaat ontwerpen.

Sommigen willen meer actie en roepen dat het CvB moet aftreden, maar dat wordt door anderen te radicaal bevonden. Uiteindelijk is men het erover eens dat er ‘geen vertrouwen’ meer is in het CvB, maar wat dat concreet inhoudt, wordt niet helemaal duidelijk. „Als het CvB ons benadert, zeggen we: ‘we erkennen jullie niet’”, zegt Geltner.

Een van de docenten raakt gefrustreerd. „Er is zoveel energie hier om actie te ondernemen, maar het wordt niet gecoördineerd. We moeten iets doen! Just make it fucking happen!” Ze krijgt applaus, maar er staat geen coördinator op. Een andere docent probeert het even later weer: „We moeten ten minste één collectieve actie hebben aan het eind van deze vergadering. Anders lijken we zwak.”

Het protest gaat dus nog door

Maar voor zo’n actie lijkt simpelweg nog geen goed idee te zijn. „De actiecommissie verzamelt voorstellen, en dan hebben we het er op onze volgende vergadering verder over”, zegt Geltner. In de tussentijd moeten mensen op hun eigen faculteit aan de slag gaan. „Iedereen moet naar buiten gaan en onmiddellijk democratie organiseren”, zegt Tamira Combrink, hoofd van de actiewerkgroep. „Gaandeweg vind je dan uit wat dat is.”

De onvermoeibare Geltner zegt na afloop dat hij er nog steeds vertrouwen in heeft. „Ik kan je verzekeren dat er deze week veel gaat gebeuren. Vrijdag komt er een grote studentendemonstratie en in de tussentijd zijn er verschillende stafvergaderingen en individuele acties.” Hij wijst op het uitgedeelde briefje met actietips voor docenten: mails sturen naar het CvB, colleges geven in de gang, posters ophangen, weigeren bepaalde taken uit te voeren.

Op de vraag of acties die niet collectief worden uitgevoerd wel werken – sommige docenten zijn bang hun baan te verliezen – heeft hij een simpel antwoord. „Dit is hoe bottom-up democratisering werkt. Als je daar niet aan wil meedoen, verdien je het om te worden geregeerd door managers.”