Column

Seksclub

In mijn Amsterdamse buurt zit achter geblindeerde ramen een seksclub. Dat is voor mij geen nieuwe situatie, want nabij mijn vorige adres, in een verder uiterst brave provincieplaats, was ook een seksclub gevestigd. Als het middagzonnetje scheen, zaten de hoertjes in de tuin bij te bruinen. Het gaf de straat een ongekende frivoliteit.

Er is ooit één pistoolschot gevallen, maar dat kan in de beste families gebeuren. Het enige nadeel was dat de klanten hun auto nooit pal voor een seksclub parkeren, maar altijd wat verderop, in dit geval voor mijn deur. Af en toe vergiste een doorgaans dronken klant zich door bij mij aan te bellen. Het zal zelden bevordelijk zijn geweest voor zijn libido als ik in de deuropening verscheen.

Die Amsterdamse seksclub oogt veel grimmiger, je ziet er overdag nooit iemand in- of uitgaan. Ik zal de naam niet noemen, ook om de indruk te voorkomen dat ik provisie krijg over een plotselinge aanwas van klanten; de columnist als souteneur – het zou een opmerkelijk novum zijn.

Mijn informatie over deze club moet ik putten uit zijn website. Om allerlei redenen kan ik er beter niet zelf binnengaan en helaas ken ik niemand die erover kan en wil vertellen. De club noemt zich op de site „een vrouwvriendelijk erotisch café, open voor iedereen”, dus ongeacht geslacht of seksuele voorkeur. Het is een café, waar „alles kan en (bijna) alles mag.”

Aan de deur bestaat wel een zeker toegangsbeleid door ‘onze door-bitch’, die vraagt wat je binnen verwacht. Je moet sexy kleding dragen. „Dit betekent niet dat men naakt of in lingerie moet verschijnen, maar ook niet in het allerdaagse (sic) kloffie.’’ Mannen die „zich als aasgieren op elke binnenkomende vrouw storten” worden geweerd. Misschien mag je je nog wel op zo’n vrouw storten, maar in ieder geval niet als aasgier.

Naast de bar bevindt zich een verhoging. „Hierop liggen enkele matrassen en kussens. Soms hangt hier een sling, dan weer hangen hier kettingen voor een BDSM spel.’’ Er is ook nog een kelder met een darkroom en een kleine peeproom. Voyeurisme is alleen toegestaan „op respectabele afstand, dus meer dan 1 meter”. En je mag géén commentaar leveren op „het spel van anderen” – niet ideaal voor voetbalsupporters dus.

U zult zich afvragen waarom ik besloten had mezelf nader te informeren over deze club. Sommige lezers zal dat zijn tegengevallen, andere hadden misschien niet anders verwacht.

Op een dag liep ik erlangs en zag een meters breed en hoog reclamebord aan de gevel hangen. Deze borden hebben nooit een erotisch karakter, het zijn doorgaans onschuldige autoreclames. Die dag hing er een reclame voor Unox-worst. Deze toonde in kleur een smakelijk schaaltje boerenkool waarop een gedeeltelijk in stukjes gesneden rookworst lag te dampen. De slagzin erboven luidde: „Ook ineens zo’n zin om naar huis te gaan?’’

Ik probeerde me voor te stellen hoe de bezoekers, vooral de in niet alledaagse kloffie gestoken mannen onder hen, zo’n reclamebord zouden ervaren. Zouden ze de worst als een symbool voor hun lust beschouwen en extra gemotiveerd binnentreden? Of zou eerder het schrikbeeld van een door hen verwaarloosd gezin voor hun geestesoog opdoemen: moeder de vrouw met de kids, verenigd rond die overheerlijke Unox-worst?

Rest mij de mededeling dat Unox tegen het weekend opeens vervangen was door Mercedes Benz.

Frits Abrahams