Zo bouwt NXP een chipgigant

Het Nederlandse NXP koopt concurrent Freescale. Is dit de gedroomde comeback van de Europese chipindustrie?

Illustratie iStockphoto / bewerking NRC Studio

Ze kunnen al een beetje aan elkaar snuffelen, de medewerkers van NXP en Freescale. Op het Mobile World Congress, de telecombeurs die deze week in Barcelona werd gehouden, hebben beide chipbedrijven een stand in Hal 7. Het is nog geen honderd meter lopen, dus af en toe neust er een oranje overhemd (de Freescale-kleur) rond tussen het geel-blauw-groen van NXP. Even kijken wie de nieuwe collega’s worden.

Over een half jaar vormen ze één industrial powerhouse, maakten NXP-en Freescale afgelopen week bekend. NXP-topman Rick Clemmer zou afgepeigerd moeten zijn na een hectische week, maar barst in Barcelona nog van de energie. Dit is zijn grootste deal ooit: de combinatie heeft een beurswaarde van 32 miljard euro. Ter vergelijking, NXP’s oude moederbedrijf Philips is nu 25 miljard waard.

Het is ongebruikelijk dat een Nederlands bedrijf een branchegenoot in de VS koopt voor ruim 10 miljard euro. Met Freescale is NXP in één klap de vierde chipfabrikant ter wereld, zegt Clemmer. Kleine kanttekening: hij telt de fabrikanten van computergeheugen niet mee. Dan staat NXP/Freescale op de zevende plek.

Hoe bouw je een chipgigant? Om te beginnen kun je NXP niet op één hoop schuiven met chipmakers als Intel of Samsung, die zich met processors voor servers, pc’s, telefoons en geheugenchips bezighouden.

NXP maakt chips voor speciale toepassingen, met name beveiligde communicatie. Beveiliging wordt belangrijker nu we niet alleen informatie digitaliseren maar ook de fysieke wereld verbinden: auto’s vol sensoren, fabrieken die hun machinepark en productie via internettechniek in de gaten houden, het slimme huishouden dat zelf z’n temperatuur regelt.

Europese chipindustrie

Tot 2000 had Europa een redelijk gezonde chipindustrie, tegenwoordig vindt minder dan 9 procent (27 miljard dollar) van de wereldwijde chipproductie nog in Europa plaats. Azië en de VS leiden de markt. Veel bedrijven, ook NXP, verplaatsten productielijnen naar Azië of worden ‘fabless’; ze ontwerpen chips en laten ze elders maken.

Neelie Kroes, in haar vorige rol als eurocommissaris, hoopte dat Europa in 2025 weer een marktaandeel van 20 procent in de chipindustrie zou kunnen halen. Dat is erg ambitieus. Europa moet zich in ieder geval specialiseren. Bijvoorbeeld in beveiliging. NXP levert chips voor bankkaarten en smartphones van onder meer Apple. Ook andere Europese bedrijven als Gemalto, Infineon en ST Microelectronics onderscheiden zich met beveiliging en identificatie.

Clemmer: „Europa heeft hierin een traditie opgebouwd. Dat begon met chipkaarten in het openbaar vervoer, daarna met chips op bankpassen. In de VS werken veel betaalautomaten nog met magneetstrips. Als het gaat om betalingsverkeer is Amerika nog een Derde Wereldland.”

China loopt nu voorop met betaaltechnologie, zegt Clemmer. Zit daar geen concurrentie van NXP dan? „Zij hebben nog niet de benodigde certificaten die wij wel hebben.”  Om zulke stempels van goedkeuring draait het in de veiligheidsindustrie.

Van overleven naar overnemen

Het nieuwe bedrijf heet NXP, de naam Freescale verdwijnt. Toch noemt Clemmer het „een fusie van twee gelijken” (NXP haalde 5,6 miljard dollar omzet in 2014, Freescale 4,6 miljard). De aandeelhouders van Freescale houden een derde zeggenschap. In de praktijk koopt NXP Freescale voor 10,6 miljard euro, bestaande uit cash, krediet en – vooral – eigen aandelen.

Een hoge schuld zorgde zes jaar geleden nog bijna voor de ondergang van het bedrijf. Private-equityinvesteerders hadden NXP in 2006 overgenomen van Philips en de chipfabrikant met 6 miljard dollar schuld opgezadeld. Er volgde een rigoureuze reorganisatie met 4.500 ontslagen, waarvan 1.300 in Nederland. De verouderde productielijnen in de NXP-fabriek in Nijmegen verdwenen, onderdelen werden afgestoten. „We wisten net te overleven” zegt Clemmer.

Ook Freescale, de voormalige chipdivisie van Motorola, bezweek bijna onder de schulden. Clemmer vindt de schuld van de nieuwe combinatie, circa 10 miljard dollar, niet te hoog. „Drie keer de gezamenlijke brutowinst, en dat bouwen we binnen anderhalf jaar af naar minder dan twee keer de brutowinst. Dat is gangbaar in de industriële sector.”

Clemmer ziet NXP namelijk niet als een volatiel chipbedrijf dat dobbert op de traditionele conjunctuurgolf in halfgeleiders. „Het gros van onze producten volgt andere cycli. Die van de auto-industrie bijvoorbeeld, of de planning van overheden die hun paspoorten vernieuwen.”

De timing van de Freescale-deal heeft dus niet met die chipconjunctuur te maken. De omstandigheden zijn domweg gunstig: crisis achter de rug, hoge koersen, lage rente. Er vonden in 2015 al drie kleinere overnames in de halfgeleidersector plaats. Na de positieve reacties op de NXP-deal lijkt het wachten op de volgende.

Connected car

De samenwerking met Freescale is met name gericht op de autosector. Het bewijs is te zien in de Spaanse beurshal: zowel NXP als Freescale reden een eigen connected car vol chips en sensoren naar het Mobile World Congress. NXP wil een one stop-shop worden voor elke autofabrikant die voertuigen met rijassistentie of autonome besturing maakt. De auto-industrie is kieskeurig in de keuze van leveranciers. Er worden hogere eisen gesteld aan betrouwbaarheid en duurzaamheid dan bij andere elektronica. Dat komt omdat auto’s 20 jaar of langer meegaan; terugroepprogramma’s om mankementen te vervangen zijn een enorme kostenpost.

Freescale levert al decennia chips voor de interne besturing van de auto (zoals motormanagement), maakt radarsensoren en bouwt processors die alle gegevens in de auto verwerken.

Kort door de bocht: de Freescale-chips regelen de werking van het voertuig, NXP is meer gespecialiseerd in de beveiligde verbindingen en communicatie tussen de auto en de buitenwereld. Zodat de auto andere weggebruikers in de gaten heeft voordat de bestuurder ze ziet.

Daarnaast maakt NXP chips voor autoradio’s. Samen met Freescale kan het complete infotainmentcenters leveren. Het dashboard verandert nu al in één groot computerscherm.

De wijn blijft op temperatuur

Ontwikkelaar Stefan Crijns toont op de NXP-stand een van de industriële toepassingen: een sticker met een draadloze chip die de temperatuur van goederen tijdens transport in de gaten houdt. „Handig als je bederfelijke waren moet vervoeren, of een hele dure fles wijn.”

Crijns ziet het wel zitten, samenwerking met Freescale-collega’s. „Ze produceren daar sensoren die wij niet maken.” Honderd meter verderop, op de Freescale-stand, ziet systeemspecialist Robert Moran de logica van een combinatie ook in: „De moderne auto moet zoveel gegevens verwerken dat snelle processors nodig zijn. Die maken wij. En er zijn snellere en veilige verbindingen nodig. Die komen van NXP.”

Op één punt overlappen de beide bedrijven elkaar: ze maken beide chips voor versterkers in mobiele zendmasten. Om de deal niet te laten stranden op mededingingsautoriteiten, verkoopt NXP die divisie.

Sommige Freescale-medewerkers, die liever niet met name genoemd worden, zijn bang voor hun baan. NXP wil jaarlijks 500 miljoen dollar besparen op ondersteunende diensten. Clemmer: „Bij die functies kijken we wie het beste geschikt is.” De meeste Freescale- medewerkers blijven buiten schot, denkt Clemmer: „Wie in de techniek zit, hoeft niet ongerust te zijn.”