Tegels die het hoekje om kijken

De tegels van het Nederlandse Dtile wringen zich in de vreemdste bochten. Ze gaan de hele wereld over.

Zet drie jonge ontwerpers in één auto en ze stappen na een ritje van een uur weer uit vol goede ideeën. Zo ging het althans jaren geleden toen het bedrijf Droog Design ontwerpers uitnodigde ideeën te leveren voor badkamerinrichting, het Dry Bath-project. In de vorige eeuw was dat nog, en de drie Arnhemse ontwerpers waren Arnout Visser, Peter van der Jagt en Erik Jan Kwakkel. Ze bedachten ‘functietegels’, zoals een tegel met ingebouwd luchtrooster, een handdoekhaak en een planchet, allemaal uitgaande van de allersaaiste witte basistegel van 15 x 15 cm.

Een paar jaar later, in 2001, volgde een keukenontwerp, gebaseerd op het idee dat je die tegel ook 90 graden kunt buigen en er een heel bouwsysteem van kunt maken, inclusief holle en bolle hoeken. Een fantastisch ontwerp, even simpel als innovatief, maar in de praktijk moeilijk uitvoerbaar, zo bleek.

Droog Design kreeg het niet van de grond en uiteindelijk namen de ontwerpers hun idee weer in eigen hand. Van der Jagt en Kwakkel hebben jaren gezocht naar geschikte fabrikanten, Arnout Visser richtte zich op eigen werk. Na speurtochten door heel Europa kochten ze uiteindelijk een machine die ze eigenhandig geschikt maakten voor hun tegels. Nu staat er aan de rand van Arnhem een heuse Dtile-fabriek. Met drieënhalve man en veel hulp van buiten weten ze hun bedrijf te runnen. Eens in de week rijdt er een enorme vrachtwagen voor om hun tegels over de wereld te verspreiden. Peter van der Jagt: „We bouwen keukens en badkamers voor particulieren, maar ook architecten weten ons te vinden.” Philippe Starck heeft hun tegels gebruikt in het restaurant Ma Cocotte in Parijs. Tom Dixon heeft ze toegepast in het hotel Mondrian in Londen, Marc Newson werkte ermee in de first class lounge op LA Airport en ga zo maar door. „Het heeft even geduurd, maar nu loopt het als een trein.” Het succes van Dtile zit vermoedelijk in de combinatie van vernieuwing met vertrouwde basistegels. Maar, bezweert Van der Jagt: „het is niet nostalgisch en echt heel nieuw, dit bestond nog niet! Het is misschien nostalgie naar wat er nog niet was.”

Er liggen allerlei ideeën voor nieuwe tegels, maar voorlopig hebben ze hun handen vol aan de dagelijkse praktijk. Ze maken meubels, zoals tafels met ingebouwd espressoapparaat of koelkast, maar ook open haarden met nissen en plateaus, alles bekleed met een dekentje van glanzend keramiek. Het lijnenspel van de voegnaden werkt als grafische decoratie.

Als het moet, betegelen ze complete interieurs, van boven tot onder en van links naar rechts. Zijn ze tegelfreaks? Van der Jagt: „Het gaat ons om het bouwsysteem. Om het scheppen van onbegrensde mogelijkheden met dit idee. Dus nee, tegelfreaks zijn we niet.”