Column

Poep loeren

Youp van ’t Hek

Ik vraag aan mijn huisarts of het waar is dat ik elke dag goed naar mijn vers gedraaide drol moet koekeloeren. Hij vraagt waarom ik dat vraag. Ik zeg dat dat van Paul de Leeuw moet. Die vertelt dat een paar keer per dag op de radio. In het Sterblokje. Voor en na het nieuws. Mijn huisarts vraagt of ik gek ben. Of ik dat wel echt gehoord heb? Volgens hem is Paul de Leeuw een komiek, presentator, BN’er, entertainer plus een beetje cabaretier, maar heeft hij geen verstand van vers gedraaide drollen en het lijkt mijn huisarts sterk dat Paul de Leeuw deze oproep heeft gedaan. Ik vertel dat hij dat doet namens een darmkankerstichting. Heel veel mensen krijgen die ziekte en als je goed naar je poep loert kan je dat voorkomen. Als je ontlasting in plaats van bruin geel, groen of paars is moet je alarm slaan. Mijn huisarts vraagt of je dan Paul de Leeuw moet bellen.

Dan vraagt hij of ik het leuk vind als hij een liedje voor me zingt. Eventueel wil hij ook wel een mopje tappen. Want daar heeft Paul de Leeuw nu natuurlijk geen tijd voor. Dus moet mijn huisarts het maar doen. Ik zeg tegen de dokter dat ik denk dat hij niet kan zingen, waarop hij vraagt of ik vind dat Paul de Leeuw dat wel kan. Ik houd wijselijk mijn mond omdat ik geen oordeel over vakgenoten wil vellen. Ik vraag aan de huisarts waarom hij denkt dat darmkankerdokters Paul de Leeuw hebben gevraagd om een belangrijke mededeling omtrent onze gezondheid de ether in te schallen. Mijn huisarts heeft geen idee. Ik ook niet. Of ik denk dat Paul de Leeuw daarvoor betaald is? Ik zeg tegen de huisarts dat ik dat niet denk, sterker nog: ik weet zeker dat Paul dat gratis doet. Maar ik zeg dat ik het wel raar vind dat de darmkankerstichting geld aan de Ster betaalt om deze belangrijke mededeling omtrent onze gezondheid bij het volk te krijgen. Dat moet de overheid toch gratis doen! Dat vindt mijn huisarts ook. Hij vraagt of ik weleens gevraagd ben om iets over gezondheid rond te bazuinen. Ik leg hem uit dat ik soms iets doe voor mensen met alzheimer. Ik zit in een soort comité van aanbeveling, maar ben bij drie vergaderingen niet komen opdagen. Vergeten.

Ik heb de alzheimermensen nu aangeraden om Ivo Opstelten voor dat comité te vragen en om hem dan te laten spelen in een reclamefilmpje waarin je hem op zijn ministerie naar bonnetjes ziet zoeken terwijl hij liefdevol verzorgd wordt door een enthousiaste Silvio Berlusconi. En op de achtergrond zie je Fredje Teeven telefoneren met Jos van Rey, die hij steeds uitlegt dat dit telefoongesprek niet heeft plaatsgevonden. En dat Jos regelmatig in zijn poep moet roeren. Niet omdat de prominente Limburger vroeger VVD’er was, maar omdat dokter Paul de Leeuw dat zegt. En misschien is het leuk als je dan Henk Kamp ziet langslopen en dat die tegen Ivo roept dat hij de Groningers zijn excuses gaat aanbieden. Niet omdat hij dat meent, maar omdat er binnenkort verkiezingen zijn. En de onvermijdelijke René Leegte hobbelt daar dan weer als een schoothondje achteraan en die kirt dat hij het goede nieuws vast door de trein gaat schreeuwen. Met zijn mobieltje als megafoon!

Mijn huisarts vraagt waarom ik eigenlijk bij hem in de spreekkamer zit? Ik zeg dat ik als gek naar het jaarlijkse Boekenbal wil, maar dat ik niet weet hoe een gemiddelde psychisch gestoorde zich gedraagt.

Mijn huisarts zegt dat ik op de avond van het bal voor de Amsterdamse Stadsschouwburg moet gaan staan en gewoon moet krijsen dat alle jihadisten het beste in Syrië kunnen sneuvelen of ik kan verkleed als Kamervoorzitter Van Miltenburg Shakespeare verkeerd gaan citeren of met een helm op mijn bolle kop roepen dat ik bang ben voor een oehoe of dat ik als afpersopa ga staan huilen dat ik vrijgelaten wil worden omdat ik in de cel last van mijn benen heb gekregen en dat dat zielig is. Maar ik kan ook vermomd als ex-hoofdredacteur van het feministische actieblaadje Opzij roepen dat ik De Mol ben!

„Maar”, zegt mijn huisarts, „dan heb je wel kans dat je gearresteerd wordt wegens belediging van een hele bevolkingsgroep”.