In tranen na onvermijdelijke opgave

Meerkampster Nadine Broersen bleek achteraf te geblesseerd om mee te doen. Dat deed pijn.

Na enkele mislukte pogingen op het onderdeel hoogspringen moest meerkampster Nadine Broersen vrijdag geblesseerd opgeven. Boven: Anouk Vetter, die juist wel een goede dag had. Foto's Robin van Lonkhuijsen/ ANP

Het was vooraf een dilemma: moest Nadine Broersen wel of niet meedoen aan de EK indooratletiek? Was het met die verrekte enkelbanden niet te risicovol? Achteraf moet de conclusie zijn: de wereldkampioene meerkamp van 2014 had niet naar Praag moeten reizen. Het heeft haar niets opgeleverd.

Maar ja, hoe gaat dat als je een ambitieuze atlete bent? Dan wil je naar internationale kampioenschappen, daar train je voor. En voor een meerkampster geldt nog eens dat het aantal wedstrijden vanwege de zware belasting beperkt is. Een sprintster kan bij wijze van spreken elke week de baan op, maar een meerkampster moet wachten op grote toernooien of tussendoor kiezen voor één onderdeel op een wedstrijd.

Voor Broersen, die twee weken geleden bij de NK indooratletiek in Apeldoorn bij het hoogspringen door haar enkel ging, was het vooraf duidelijk: als het even kan zou ze naar de EK gaan. Een MRI-scan leerde haar dat de enkel nog niet helemaal in orde was. Twee verrekte banden met haarscheurtjes. En Broersen voelde pijn. Maar de linkerenkel goed intapen en wat pijnstillers slikken, dan moest het lukken, hield ze zichzelf voor.

Eenmaal op de licht vibrerende baan in Praag was de werkelijkheid weerbarstiger. Al snel merkte Broersen dat het nog niet goed zit met haar enkel. Op het eerste onderdeel, de 60 meter horden, voelde ze de pijn weer opkomen en wist ze dat het hoogspringen, het tweede nummer, een beproeving zou worden.

Dat bleek, want al bij de eerste sprong, over 1.77 meter en normaal een makkie, leek het alsof iemand een mes in haar enkel stak. De explosiviteit was weg; ze sprong als het ware dwars door de lat. Pas bij haar derde poging ging het goed. Maar toen was het kwaad als geschied en strompelde Broersen met een van pijn vertrokken gezicht over de baan. Dat ging niet goed komen, zoveel was duidelijk. Bij Broersens trainer Ronald Vetter was dat besef er snel, maar nog niet bij de atlete. Vetter adviseerde haar te stoppen, „Dit heeft geen zin”, riep hij haar toe. „Maak het niet erger en denk aan het buitenseizoen.”

Broersen wilde van geen wijken weten. „Daar ben ik te koppig en te eigenwijs voor”, sprak de atlete naderhand. „De coach kan wel van alles roepen, maar ik moet daar eerst zelf van overtuigd raken.” Dat was na haar eerste poging over 1.80 meter, normaal geen hoogte waar de Nederlands recordhoudster (1.93 meter) van wakker ligt. Weer ging het mis en de pijn verergerde. Pas toen accepteerde Broersen huilend het onvermijdelijk. Ze stopte.

Ook de zielepijn zat diep, want tijdens haar uitleg tegenover de pers bleven de tranen stromen. Een verbitterde Broersen: „Ja, nu begrijp ik dat doorgaan geen zin had. De EK indoor is het niet waard om de WK van komende zomer in gevaar te brengen. Maar een toernooi is een toernooi en ik wil altijd vechten om een medaille. Dit doet pijn, vooral in mijn hoofd.”

Achteraf erkent ook trainer Ronald Vetter dat Broersen in Praag aan een zinloze exercitie bezig was. „Maar ja, nu is het makkelijk praten”, zegt hij berustend. „Maandag is de enkel getest op horden en bij het kogelstoten. En dat ging top. Hoogspringen hebben we vanwege de belasting achterwege gelaten. En weet je, vorig jaar in aanloop naar de EK in Zürich, had Nadine haar knie gestoten en bleek er tijdens de wedstrijd geen vuiltje aan de lucht. Ze won keurig de zilveren medaille. Maar een enkelblessure blijkt van een iets andere orde. Indachtig onze ervaring in Zürich en na intensief overleg met de medische staf hebben we groen licht gegeven. Onverstandig zeg ik nu. Maar dat is makkelijk praten.”

Achteraf had Vetter zijn atlete tegen zichzelf in bescherming moeten nemen, zo reëel is hij. „Maar het is vooraf allemaal zo dualistisch. Ook omdat je weet dat Nadine over een vechtersmentaliteit beschikt. Neem de WK van 2013 in Moskou, waar ze bij het eerste onderdeel, de 100 meter horden, over de laatste hindernis struikelde. Ondanks die tegenslag heeft ze de wedstrijd vervolgd en eindigde ze tiende met een keurig totaal van 6.224 punten. Dat typeert Nadine. Een topatlete met een leeuwenhart.”

Na afloop had Vetter opnieuw ambivalente gevoelens. Zo teleurgesteld hij was over het optreden van Broersen, zo tevreden was hij over de prestatie van zijn 22-jarige dochter Anouk Vetter. Zij verbeterde op vier van de vijf onderdelen haar persoonlijk record. Behalve op de 800 meter, het afsluitende nummer waarop ze zo veel tijd verloor, dat Vetter van de vijfde plaats naar de achtste plaats in het klassement duikelde. Tactisch niet slim gelopen, was het eindoordeel. Om door te stoten naar de top moet er nog aan die afstand gesleuteld worden, concludeerde haar vader. Ronald Vetter: „Maar ze kwam hier vooral om internationale ervaring op te doen. In dat opzicht was het een geslaagde dag. Nu moeten we verder groeien.”

Anouk Vetter was zelf ook tevreden, met uitzondering van de slotafstand. „Ik heb me vergist in het tempo op de 800 meter. Ik zag geen tussentijden en had het idee dat het een snelle race was. Maar het tegendeel bleek waar.” Ze eindigde op een totaal van 4.548 punten. „En dat hadden er 4.600 kunnen zijn”, stelde Anouk Vetter na afloop zuur vast.

Uit de andere vier onderdelen put ze echter veel moed. Die progressie biedt perspectief, omdat Vetter sterk is op de 200 meter en het speerwerpen, de twee disciplines die wel tot de zevenkamp, maar niet tot de vijfkamp behoren. Met andere woorden: er zit nog rek in de zevenkamp. En dat is een geruststellende gedachte in een jaar waarin wordt voorgesorteerd op de Olympische Spelen van 2016 in Rio de Janeiro.

Europees indoorkampioen meerkamp werd de Britse Katarina Johnson-Thompson. Met overmacht. Ze kwam na een dominerende 800 meter in 2.12,78 uit op precies 5.000 punten, slechts dertien punten onder het wereldrecord.

    • Henk Stouwdam