En weer is Nederland veiliger geworden...

En wéér is het veiliger geworden. Deze week publiceerden het CBS en de Nationale Politie nieuwe cijfers over 2014. De trend naar substantieel minder inbraken, overvallen en straatroven houdt aan. Er is ongeveer twintig procent minder overlast door hangjongeren, drugs of dronkenschap, minder agressie in het verkeer, minder verloedering. Staatssecretaris Teeven droeg deze week in Drenthe toevallig net een complete gevangenis aan Noorwegen over. Binnen drie decennia zijn we hier van een cellentekort en heenzend-officieren geëvolueerd naar compleet overbodige, vaak nog nieuwe gevangenissen die we nu met expats trachten te vullen.

Opstelten incasseerde dinsdag meteen. Hij rekende het toe aan de intensieve samenwerking van ministerie, politie, OM, gemeente, woningbouwcorporaties en burgers. Nu ga ik daar niet over zeuren. Dat een politicus in verkiezingstijd met een veiligheidsagenda deze bal inkopt, alle begrip. En die intensieve samenwerking, het zal vast geholpen hebben – alleen durft geen criminoloog te zeggen hoeveel.

De daling van criminaliteit voltrekt zich namelijk in de meeste Westerse landen. En wel sinds eind jaren negentig. Wat hier gebeurt past in een bredere trend. Opstelten en Teeven hebben die daling in ieder geval niet gehinderd. Dat is ook al wat. Maar hoe komt het? Heeft de beschaving gewonnen, zijn we minder tot het kwaad geneigd? In de criminologie zijn een aantal bizarre theorieën te vinden. Het zou te danken zijn aan obesitas – dikke mensen kunnen immers niet zo makkelijk inbreken of hard weghollen na een overval. Of, wacht, het komt door het verdwijnen van lood uit de benzine, in de jaren 70 en 80 – minder loodvergiftiging, dus minder agressie. Of zou het komen doordat abortus werd gelegaliseerd in de jaren 70? Zo kwamen er minder ongewenste kinderen die als jonge man konden ontsporen. Nee, stop, het is juist te danken aan internet en games. Alle jonge mannen zitten nu aan het scherm gekluisterd waar ze elkaar alleen digitaal de hersens inslaan. Wacht even – het komt door ‘zero tolerance’ beleid, streng politie optreden in grote steden.

Ik ontleen de meeste voorbeelden aan een erg aardige collegereeks van dr. Jan van Dijk, emeritus victimoloog, te vinden op Universiteitvannederland.nl. Van Dijk stond aan de wieg van het internationale slachtofferonderzoek waarin deze trend duidelijk werd. Hij toonde aan dat de conjunctuur van criminaliteit in ieder geval niet door armoede of achterstand komt. Criminaliteit als gesublimeerde klassenstrijd. Eerder het tegenovergestelde. Juist toen de welvaart opkwam, ruwweg vanaf de jaren ‘60, groeide de criminaliteit mee. Tussen ‘65 en ‘95 nam de criminaliteit met wel een factor tien toe. In Nederland leidde dat eind jaren ‘80 onder leiding van minister Korthals Altes (VVD) tot een bouwhausse in het gevangeniswezen. De omslag naar een scherpe daling begon al eind jaren ‘90 en houdt sindsdien aan.

Als belangrijke gemene deler wordt de demografie gezien, de vergrijzing. Het aantal jonge mannen, dadergroep bij uitstek, nam af. Verder blijkt preventie het meest doeltreffende wapen, het wegnemen van de gelegenheid. Het wettelijk verplicht stuurslot en later de startonderbreker in auto’s had dramatische effecten. Landen met wettelijk verplicht goed hang- en sluitwerk herken je aan hun lage inbraakstatistieken. Er zijn criminologen die beweren dat je met sloten niet alleen inbraken en joyriding voorkomt, maar complete criminele carrières. Landen met een lage criminele instap zouden meer beroepscriminelen en dus meer ernstige misdrijven ontwikkelen. Van Dijk denkt dat de criminaliteitsgolf behalve door de demografie ook gewoon uit zichzelf is afgeremd. Slachtoffers namen spontaan effectieve maatregelen. Er ontstond een grote particuliere beveiligingssector. Ook politie en justitie werd hier en daar effectiever. Straffen werden doelmatiger toegepast, denk aan het langer insluiten van verslaafde veelplegers. En Opstelten dus – die heeft ook geholpen! Heus.