Deze SUV maakt groter overbodig

Bas van Putten test de nieuwe Land Rover op IJsland. Die bewijst daar dat hij prima met de grote jongens mee kan.

Sneeuwstorm. Van het ene moment op het andere blindeert een dichte poedersuikerwolk de voorruit. Onprettige bijkomstigheid is dat ik met negentig over een snelweg rijd. De schrik geeft het born to be wild-gevoel een fikse knauw.

Ik rijd de nieuwe Land Rover die de maker betitelt als ‘the world’s most versatile premium compact SUV’: de Discovery Sport. Waarmee bedoeld wordt dat hij mans genoeg is om Siberische condities te trotseren. Ik minder vaart en merk, behoedzaam afremmend, dat ik me geen zorgen hoef te maken. ‘Het eerste lid van de nieuwe Discovery-familie’ blijft met vierwielaandrijving en spijkerbanden strak op koers. Spijkerbanden ja – we zijn op IJsland. Dat vergt enige uitleg, net als de plaats van deze auto binnen het Land Rover-gamma.

Het merk introduceert de Discovery Sport in dit onbegaanbare ijs- en kraterlandschap omdat het voor een 4x4 niet ruig genoeg kan. Maar dit is niet de Discovery zoals we hem kenden. Die auto hield als grote terreinwagen het midden tussen de spartaanse Land Rover Defender en de chique Range Rover, een gedegen compromis van functionaliteit en luxe. Maar door zijn formaat en steeds weelderiger uitrusting kannibaliseerde hij de Range Rover-modellen.

Daarom stelt Land Rover nu orde op zaken met een driesporenbeleid: een Defender-lijn voor de echte terreinvoertuigen, de Range Rover-lijn voor de elitaire topklassemodellen en een Discovery-format dat precies tussen die uitersten moet passen: minder hardcore dan een Defender, minder weelderig dan een Range Rover. De geheime bedoelingen kunnen worden afgeleid uit het nieuws dat er voor iets boven de 40.000 euro ook een versie met voorwielaandrijving komt. Aha, dit is de redelijk geprijsde SUV die het bij gewone mensen moet gaan maken. Met zeven stoelen waarvan Land Rover er, omdat die op rij drie geen vetpot zijn, bescheiden ‘5 + 2’ maakt.

Formeel is de Discovery Sport de opvolger van de Freelander, de kleinere terreinwagen van Land Rover; in de praktijk wordt dit de softroader die met middenklasse-SUV’s moet concurreren, desnoods zonder het familiehandelsmerk van aandrijving op alle wielen. Met die gemankeerde compromis-Discovery stuurt Land Rover de media natuurlijk niet op pad. Op IJsland rijden we uitsluitend met de vierwiel aangedreven versies. Officieel moeten alle Land Rovers de beste terreinwagens in hun klasse blijven. Dat is de 4 x 4-Discovery. Een steile afdaling in diepe sneeuw volbrengt hij met het onverstoorbare gezag van de grote jongens uit het huis. Hij beschikt over hetzelfde terrain response-systeem dat het mogelijk maakt het onderstel met één druk op de knop op de ondergrond af te stemmen. Het werkt even goed als in de Range Rovers. Zo goed dat je je afvraagt waarom je nog tot anderhalve ton zou uitgeven voor Land Rover-technologie die voor minder dan de helft hetzelfde kunstje doet.

Spijkerbanden

De vering is minder geraffineerd dan in de luchtgeveerde Range Rovers en de stoelen zijn aan de kleine kant, maar de rust aan boord is vergelijkbaar. Door de excellente geluidsisolatie is het verschil tussen de diesel- en benzineversies niet te horen; alle varianten zijn spookachtig stil. De knarsende spijkerbanden hoor je alleen met het raam open. Ze geven de auto een grip die met normale winterbanden ondenkbaar was geweest. Dan nog is het oppassen met de platgereden, tot ijsbaan opgevroren sneeuwlaag op de B-wegen van dit betoverende horroreiland. Land Rover adviseert bij twijfel voorzichtig te remmen om de gladheid van de ondergrond te checken. Met enige regelmaat merk ik dat de maximumsnelheid net te hoog is. Maar riskant wordt het nooit. Die kar beheerst zijn vak.

Ik drink een glas met ontwerper Massimo Frascella, die ooit voor Kia werkte, Kia! Hij beveelt zijn geesteskind met Kia-argumenten aan. „Waar vind je voor dit geld een vijf+tweezitter van dit formaat?” Dat kon nog wel eens waar zijn ook. De Discovery Sport legt het fatum bloot dat alle fabrikanten over zichzelf hebben afgeroepen: dat ze steeds meer auto kunnen maken voor steeds minder. Dit is een van de inmiddels vele middenmaten die hun grotere familieleden overbodig maken.