Zestien winkels van Polare bloeien weer

Foto: Lars van den Brink

Als verhaallijn voor een roman is het te dun. Te eendimensionaal. Te positief ook, op het kleffe af. Als sprookje werkt het echter wonderwel: zestien van de twintig Polare-vestigingen die een jaar geleden failliet gingen, bestaan nu als zelfstandige boekhandels, en ze bloeien. Soms voorzichtig, soms uitbundig, blijkt uit een inventarisatie.

Dat doen ze tegen de trend in. Donderdag publiceerde het CBS cijfers die de negatieve teneur van de afgelopen jaren bevestigen. Het aantal boekwinkels in Nederland is sinds 2007 met 20 procent gedaald. De omzet lag vorig jaar 20 procent lager dan in 2012.

Toen de toenmalige investeerder ProCures (tegenwoordig Cofay geheten) in februari vorig jaar het faillissement moest aanvragen van de winkelketen Polare, vreesden velen het einde van klassieke boekhandels, zoals Broese in Utrecht en Scheltema in Amsterdam. Het marktaandeel van deze winkels was bovendien belangrijk voor het hele boekenvak: zonder Polare zouden ook uitgevers het moeilijk krijgen, en zelfs voor andere boekhandels zou het negatief kunnen uitpakken, omdat een deel van de lezersmarkt simpelweg zou verdampen.

Inmiddels hebben zestien Klein Duimpjes de reus verslagen. Als oud-medewerker of concurrerende boekhandelaar meldden ze zich bij de curator om losse winkels over te nemen. Weg met de keten, de landelijke eenheidsworst, het door bestsellers gedomineerde assortiment, de bedrijfskleding die ProCures oplegde, die miskleun van een naam en de maandelijkse afdracht van overheadkosten aan het hoofdkantoor. Drie grote veranderingen:

1. Kleinere panden

Willeke van der Meer, voormalig boekhandelaar in Heemstede, kocht de Leidse Polare-vestiging Kooyker. Ze trof er een sterk uitgeholde voorraad aan.

“Toen ik had getekend, keek ik nog eens goed en dacht: oh mijn god, wat heb ik gedaan. Er stond weinig normaals meer in de kast.”

Van der Meer sloot één van de twee verdiepingen en hield grote uitverkoop. Dat leverde genoeg op om goed, nieuw assortiment aan te schaffen voor de resterende verdieping. Van der Meer besloot haar kosten zo flexibel mogelijk te houden: een huurcontract voor een jaar, minder personeel, tijdelijke contracten.

“Ik heb geen backoffice, dat ben ik zelf. Het woord Polare valt hier niet meer.”

Over enkele weken betrekt ze twee deuren verderop een kleiner pand, met lagere stookkosten. Het winkeloppervlak krimpt dan van 300 naar 200 vierkante meter. “Groot is leuk, maar niet het toverwoord”, zegt ze.

“Het betekent meer huur, meer personeel, meer voorraad. Ik zou een geldschieter nodig hebben, en dat wil ik niet.”

Ook het Rotterdamse Donner en de winkel in Den Haag verhuisden naar een kleiner pand. In Groningen gebeurt dat dit voorjaar. In Leeuwarden en Enschede werd het Polare-assortiment ingevoegd bij de al bestaande boekhandel van de nieuwe eigenaar. Alleen Scheltema in Amsterdam breidt uit: dat verhuist binnenkort naar het Rokin, waar meer vierkante meters in gebruik worden genomen.

“De 1.200 vierkante meter aan de Spuistraat waren te groot voor deze tijd”, zegt Fabian Paagman, die met zijn zuster nu eigenaar is van het vroegere Verwijs in Den Haag. Vorige maand openden zij hun nieuwe winkel van 700 vierkante meter aan de Lange Poten.

2. Uitbreiding assortiment

Op één kostenpost heeft niemand bezuinigd: het assortiment. In de twee jaar onder ProCures en ook de periode ervoor, toen de winkels nog Selexyz heetten, werd dit steeds verder ingeperkt, waardoor een vicieuze cirkel van minder omzet en minder inkoop ontstond. “We hadden veel exemplaren van weinig titels”, zegt Jan Verhagen van Van Piere in Eindhoven.

Vanaf de overname hebben alle winkels geïnvesteerd in uitbreiding van het assortiment, soms meer dan distributiebedrijf CB verantwoord vond. In die gevallen moesten de geldschieters of Euretco, het moederbedrijf van samenwerkingsverband Libris, te hulp komen met garantstellingen. De investering blijkt een cruciale zet te zijn, die wellicht een interessante les vormt voor andere detailhandelbedrijven die in het nauw zitten: aanbod creëert vraag.

Ad Peek van boekhandel Van der Velde in Groningen en Leeuwarden:

“Mede doordat we de medewerkers de vrije hand hebben gegeven bij de inkoop, is het aanbod een stuk aantrekkelijker geworden. De verkopen in de laatste maanden van vorig jaar laten zien dat dit een juiste beslissing was. Breedte verkoopt.”

En Marlous Mutsaers van Gianotten-Mutsaers in Tilburg: “Het aantal klanten is toegenomen en ze kopen meer. “De mensen moeten naar ons toekomen omdat hier meer keuze is dan bij anderen.” Erik van Doorn van Broese in Utrecht verandert daarom de presentatie van de boeken die bij de ingang liggen elke dag: “Breedte is onze redding.”

Alle voormalige Polare-winkels rapporteren groeiende omzetcijfers en presteren dus beter dan de markt. In veel gevallen liggen de verkopen aanzienlijk boven hun eigen verwachtingen. Scheltema zag naar eigen zeggen de omzet en het marktaandeel groeien. In een jaar tijd steeg dit van 0,6 procent van de totale Nederlandse boekverkopersmarkt naar 1,4 procent. “Ons primaire doel is het Scheltema van weleer in ere te herstellen”, zegt winkelmanager Gretske de Jong.

“Want, zo is onze overtuiging, dan komt de rest vanzelf. Dat ons marktaandeel zo snel groeit is een teken dat we op de goede weg zitten.”

3. Positief sentiment vasthouden

De vraag is wel of de winkels erop kunnen rekenen dat dit zo blijft. Het afgelopen jaar hebben ze volop geprofiteerd van het positieve sentiment onder lezers, die opgelucht waren dat hun boekhandels nog bestonden en beseften dat hun klandizie het verschil maakte. Dit vasthouden blijft voorlopig de kunst.
Hans Peters van Dekker v.d. Vegt in Nijmegen verwacht dat dit zal lukken. “Dat we nu beter presteren komt door een hersteld klantvertrouwen, het verbeterde winkelbeeld en de activiteiten die we organiseren.” De omzet in Nijmegen is met 3 procent gegroeid, terwijl de markt met 7 procent daalde.

Op je lauweren gaan rusten is nu het grootste risico, denkt Ton Harmes van de boekenkerk in Maastricht. En, zegt hij, het boekenvak zal “hard moeten werken aan het instandhouden van de Wet op de vaste boekenprijs, omdat daarmee het brede assortiment te borgen is.” Minister Bussemaker besloot onlangs de wet met vier jaar te verlengen, maar verbond daar wel de voorwaarde aan dat de effectiviteit in harde cijfers moet worden aangetoond.

Maar er dreigen nog gevaren

De reuzen Donner, Scheltema en Broese zitten alledrie met huisvestingskwesties. Scheltema krijgt een mooi nieuw pand, maar de omgeving blijft voorlopig een bouwput, onder andere door de aanleg van de Noord/Zuidlijn. Donner was vorig jaar al verhuisd naar de Coolsingel, maar die oplossing was tijdelijk. “Dat wij twee keer moeten verkassen binnen twee jaar is een beproeving waar geen andere ex-Polarewinkel voor heeft gestaan”, zegt Leo van de Wetering, een van de vijf directeuren. Donner is met drie partijen in gesprek.

Broese wacht waarschijnlijk de zwaarste strijd. Daar heeft de gemeente, die eigenaar is van het pand aan de Stadhuisbrug, de huur opgezegd. Zij wil dat het pand ten goede komt aan de openbare bibliotheek. Dat de ene boekenpartij zo de andere zou verdringen, klinkt mede-eigenaar Erik van Doorn vreemd in de oren. Tot nu toe heeft hij nog geen geschikt alternatief. “Als je Broese wilt blijven, heb je die 1.150 vierkante meter echt nodig, en dat is schaars in het centrum van Utrecht.”

Een jaar na het Polare-drama zijn dus niet alle onzekerheden verdwenen. Boekverkopers stralen van enthousiasme en de klant is terug, maar een lang en gelukkig leven is niet verzekerd.