De paringsdans van een net ontdekt pauwspinnetje

Foto Jürgen Otto, Peckhamia

Hij is de paradijsvogel van de ondergroei. Dit pauwspinnetje uit Australië is bezig indruk te maken op een dame. Hij heeft de zijflappen van zijn bontgekleurde achterlijf uitgeklapt, zodat het rond werd, en opgeklapt. Ook zette hij zijn spinklieren op als een parasol. Nu wiegt hij zijn achterlijf heen en weer. Dat moet naar één kant, en met de derde poot aan die kant moet gezwaaid worden. Langzaam omlaag, en dan zo snel omhoog dat het hele lijf schudt. Om het effect nog te vergroten, beweegt hij soms zijn mondtentakels ritmisch op en neer.

Het lijkt onvoorstelbaar dat deze spin, voluit Maratus jactatus geheten, tot voor kort onbekend was. Toch werd hij pas zes weken geleden beschreven door de Australische fotograaf Jürgen Otto in het wetenschappelijk tijdschrift Peckhamia – een blad van liefhebbers, geheel gewijd aan springspinnen.

Jürgen Otto en David Hill, de Amerikaanse hoofdredacteur van Peckhamia, hebben getweeën sinds 2011 maar liefst 12 soorten toegevoegd aan het geslacht van de pauwspinnen (Maratus) dat nu 43 soorten telt.

De spinnen leven enkel in Australië, op één soort na. Allemaal voeren ze ingewikkelde paringsdansen uit, maar ze doen dat vrijwel ongezien. Ze leven op de grond of in bosjes, en zijn niet groter dan 4 tot 6 millimeter. Pas in de jaren negentig werd zo’n dans waargenomen. Tot die tijd dachten biologen dat de spinnetjes hun achterlijf-zijflappen gebruikten om te zweven. Otto – naar eigen zeggen deels kleurenblind – kreeg een oog voor de spinnen en vindt ze nu overal. Hij filmt en fotografeert ze ter plaatse – zie zijn Youtube-kanaal ‘Peacockspiderman’. In dezelfde publicatie waarin Otto en Hill M. jactatus beschrijven, presenteren ze ook nog de nieuwe soort M. calcitrans. Die is zwartwit: hij ziet er nog het meest uit alsof hij een skeletkostuum uit de feestwinkel draagt.

    • Hester van Santen