Bluf, spin of spreken ze de waarheid?

Politici doen in aanloop naar de Statenverkiezingen allerlei beweringen, zoals donderdag bij RTL. NRC checkt ze.

De lijsttrekkers donderdag buiten de opnamen om. Foto Robin Utrecht

De getallen vlogen weer voorbij, tijdens het verkiezingsdebat op RTL4 donderdag tussen de vijf leiders van de grootste partijen in de Tweede Kamer. Maar welke klopten, en welke niet?

Voor een politicus zijn feiten wapens. Om schade toe te brengen moeten ze drie kenmerken hebben: een feit moet het gelijk van je eigen partij bewijzen en tegelijk je tegenstander in verlegenheid brengen. Het feit moet waar zijn – of in elk geval waar klinken. En je tegenstander moet het niet al te makkelijk in twijfel kunnen trekken.

Het lijkt alsof politici hun feiten ter plekke bedenken. Dat is schijn: zeker bij de voorbereiding van belangrijke debatten wordt door campagneteams uitgebreid gezocht naar getalletjes die in één mooie volzin je debatpartner tussen de ogen kunnen raken.

Belangrijk onderdeel van de voorbereiding is ook de verdediging: bedenk feiten die je in een debat liever niet wil horen, en die je tegenstander dus zeker zal gebruiken. Daarvoor moet je dan een goede verdediging bedenken. Dat kan een tegenfeit zijn, of een goocheltruc met cijfers en definities tot de kijker alweer vergeten is waar het eigenlijk om ging. Verwarring is altijd beter dan vernedering.

Blijkt een goede verdediging niet te bedenken, of vergeet je die onder de hitte van de studiolamp, dan is er altijd nog de mogelijkheid iemand van liegen te betichten, de onwelgevallige werkelijkheid weg te lachen of het cijfer te negeren.

Bedenk ook: je feiten moeten achteraf wel enigszins overeind blijven. Tegenwoordig controleren journalisten soms al tijdens een debat de juistheid van je bewering.