Wel duidelijk uw hand opsteken svp

In aanloop naar de Statenverkiezingen van 18 maart bezoeken verslaggevers de twaalf provincies en tekenen de alledaagse zorgen van de kiezer op. In Gelderland gaan die over de bus.

Als bussen op het platteland door een gapend gebrek aan passagiers vooral bezig zijn „lucht te verplaatsen”, zoals op het Gelderse provinciehuis in Arnhem wordt gezegd, wat ligt er dan meer voor de hand dan kleinere bussen laten rijden met vrijwilligers als chauffeur?

Hier komt de buurtbus in beeld. Compact. Wendbaar. Vooral geschikt voor dorpelingen. Fungerend als „haarvaten” van het openbaar vervoer.

„Ik heb aan rijden geen hekel”, zegt Ignace Sondag. „En het is best aardig om met passagiers een praatje te maken.” De gepensioneerde projectmanager in de spoorbeveiliging is chauffeur van een van de veertig buurtbussen in Gelderland, samen goed voor 400.000 tot 450.000 reizigers per jaar. Sondag (68) rijdt gemiddeld eens per week drie uur lang drie routes door de Betuwe. Lijn 260, langs kale fruitbomen en weghollende fazanten. „Ja, het is hier prachtig. Vooral in de lente.” Door smalle straatjes en over de brug van de Linge. „De langste rivier van het land. Zoek maar op als je het niet gelooft.” Je zou het gerust een comfortabele rit kunnen noemen als er niet zo veel verkeersdrempels waren geweest. Sondag: „Jazeker word ik daar gek van.” Maar een wereld zonder verkeersdrempels is ook niet alles. „Dan jakkeren ze hier met tachtig door de dorpen.”

Gelderland wil iets veranderen aan het openbaar vervoer, vooral buiten de spits. Buurtbussen kunnen daarbij helpen. Net als bussen die alleen op afroep rijden. Zelfsturende auto’s. Elektrische fietsen. „We zien al jaren een daling in het aantal busreizigers, hoezeer iedereen ook z’n best doen bussen luxer en aantrekkelijker te maken”, vertelt de Gelderse gedeputeerde Conny Bieze (VVD). „Wat we dus moeten doen, is minder aanbodgericht denken en alleen rijden als er vraag is. We moeten pas gaan rijden, bijvoorbeeld, als een zestigplusser een bus bestelt om morgen haar zus in een andere stad te bezoeken.”

De buurtbus rijdt volgens een vaste dienstregeling. Opstappen kan overal langs de route. „Wel duidelijk uw hand opsteken”, aldus een instructie. Druk is het niet. Tijdens twee ritten stapt niemand uit en niemand in. O ja, één persoon. Margaret Lionarons uit Amsterdam op het treinstation van Geldermalsen. „Op de gewone bus had ik een half uur moeten wachten.” Enkele haltes verder, bij een zorgcentrum, stapt ze uit. „Hier geef ik een inburgeringscursus voor asielzoekers.”

Vakbonden klagen weleens dat de vrijwilligers de beroepschauffeurs het brood uit de mond stoten. „Maar als we geen vrijwilligers zouden hebben, reed hier helemáál geen bus meer”, zegt Rob Sluijter, voorzitter van de Buurtbusvereniging West-Betuwe. Sommige vrijwilligers zijn uitgerekend werklozen. Mari Perquin (60) uit Appeltern raakte onlangs zijn gevelmontagebedrijf kwijt. Sinds enkele maanden zit hij op lijn 265, tussen Dreumel en Beneden-Leeuwen, elders in het rivierengebied. Hij vervoert dagelijks slechts vier tot vijf passagiers, maar hij heeft er veel schik in. „Je hebt wat te doen.”

In de Gelderse Staten is nog niet iedereen overtuigd van het nut van de nieuwe visie op het openbaar vervoer. De SP stemde tegen. Fractievoorzitter Eric van Kaathoven: „Experimenten zijn prima. Maar laten we ook blijven proberen de gewone bussen voller te krijgen. We moeten niet te snel de handdoek in de ring gooien.”