Speuren naar pastiche-elementen

Kenners trekken de echtheid van de recentelijk gevonden Sherlock Holmestekst in twijfel. Wel dook er een tweede, gesigneerd, exemplaar op.

Sherlock sidney paget

‘Dit is een middelbareschoolverhaaltje.” In de stem van Hans Aarsman klinkt geen enkele twijfel. Discovering the Border Burghs and, by deduction, the Brig Bazaar, het eind februari op een Schotse zolder herontdekte Sherlock Holmesverhaal, kan volgens de fotograaf, auteur en groot Sherlock Holmesliefhebber onmogelijk geschreven zijn door de Schotse schrijver Sir Arthur Conan Doyle (1859-1930).

Het nieuws over de vondst van een onbekend Holmesverhaal ging de wereld over. Maar verschillende Holmeskenners zoals de Zweedse Mattias Boström en de Amerikaanse journalist Ryan Britt trokken meteen na het lezen van de tekst op de site van The Daily Mail de echtheid ervan in twijfel.

Afgelopen weekend dook een tweede exemplaar van het verhaal op. Dit keer gesigneerd door Doyle zelf. Daardoor wordt nu toch weer getwijfeld of het verhaal niet gewoon aan de beroemde Schotse schrijver mag worden toegeschreven. Of heeft Doyle – die persoonlijk aanwezig was op de fundraiser waarvoor het verhaal werd geschreven – simpelweg de bundel met teksten van anderen gesigneerd?

Voorlopig blijven de ontkenners in de meerderheid. „Het verloren Sherlock Holmesverhaal is absoluut een pastiche”, schreef Mattias Boström op het digitale Holmes-platform ‘I Hear of Sherlock Holmes Everywhere’, vlak na de ontdekking van het eerste exemplaar. De Zweedse non-fictieschrijver, auteur van Från Holmes Till Sherlock (Van Holmes tot Sherlock), vindt het opvallend dat de naam van Doyle nergens vermeld wordt: noch onder het verhaal zelf, noch in het colofon van Book o’ the Brig, het bundeltje uit december 1903 waar het verhaal in werd opgenomen.

Ook lokale kranten repten toentertijd niet over een nieuw Holmesverhaal van „the famous litterateur” Doyle. Terwijl dat volgens Boström „echt vermeldenswaardig” was geweest, omdat „Conan Doyle in de herfst van dat jaar weer was begonnen met het publiceren van nieuwe Holmesverhalen in The Strand Magazine.” Het verhaal kan dus volgens Boström onmogelijk door Doyle geschreven zijn. Eerder door een lokaal iemand, een „mager literair talent”.

De Amerikaanse journalist Ryan Britt ziet genoeg aanwijzingen in het verhaal zelf dat het een neptekst betreft. Omdat Londen te ver reizen is, treedt een Schotse journalist in Discovering the Border Burghs via zijn „Faculty of Imagination” het huis van Holmes en Watson in het Londense „Sloan Street” binnen om daar verslag te doen van Holmes’ befaamde deductieve gaves. Britt: „Heb je het door? Dit verhaal biecht op dat het een pastiche is. Er is niet alleen gebrek aan bewijs dat Sir Arthur Conan Doyle dit verhaal heeft geschreven, er zijn duidelijke aanwijzingen in de tekst dat hij dat niet gedaan heeft.”

„Sloan Street moet natuurlijk Baker Street zijn”, zegt Aarsman, die het „irritant” vindt dat mensen kunnen denken dat Doyle dit verhaal geschreven heeft: „Zelfs de deductie in het verhaal rammelt aan alle kanten.”