De schepping voor kleuters

Hoe weet je wat het begin van alles is? Doordat je vader of je juf heeft verteld dat dat iets met atomen te maken heeft? Bij jeugdtheatergezelschap De Toneelmakerij moeten ze gedacht hebben: ‘Er bestaan legio scheppingsverhalen; welke waar is weet niemand, want niemand was erbij; dus waarom verzint niet iedereen zijn eigen scheppingsverhaal? Laten wij daarmee beginnen, want een theatervoorstelling is eigenlijk ook een schepping van iets uit niets.’ En zo geschiedde.

Het begin van alles begint, of begint misschien wel niet; in ieder geval staan er ineens twee verhuizers met een hoop dozen in de theaterzaal. Er valt een briefje naar beneden waarop een even onduidelijke als niet te negeren opdracht staat gekrabbeld: ‘begin maar alvast’.

En dan ontvouwt zich een onderzoekend, maar bloedserieus spel, waarin vele bestaande of niet-bestaande scheppingsverhalen uit volkslegendes aan elkaar worden geknoopt. Verhuizers Sjon (Tjebbo Gerritsma) en Ron (Roel Adam) openen kisten, ontdekken een ongeboren meisje (Laurien Riha) en samen scheppen ze de hele donderse boel bij elkaar: hemel, aarde, dieren, wilgen, en tot slot de mens en diens sterfelijkheid. De tekst van Tjeerd Bischoff meandert hier en daar wat al te veel in ’t rond, maar de vormgeving van Rieks Swarte blaast verrukkelijk leven in de brouwerij. De kleuteroogjes in de zaal glimmen. Een schaduwspel, dieren van dekbedden en tape, metershoge poppen van karton: het raakt allemaal precies de chaotische, wonderbaarlijke en raadselachtige sfeer waarmee het begin van alles altijd omgeven zal blijven.