‘Zó veel ophef over handel is nooit vertoond’

De handelscommissaris moet het omstreden han- delsverdrag TTIP met de VS sluiten – nog dit jaar.

Handelscommissaris Cecilia Malmström komt gehaast binnenstormen – een taxiprotest in Brussel heeft het werkschema van de Zweedse eurocommissaris volledig in de war geschopt; alles moet vandaag in marstempo. Maar zodra ze zit, steekt ze kalm en gedecideerd van wal.

Malmström is een vrouw met haast, en een vrouw met een missie. Ze moet de reputatie van de Europese Commissie redden. In het Verdrag van Lissabon (2009) kreeg Brussel de bevoegdheid om namens alle EU-lidstaten handelsverdragen te sluiten. Tot nu toe ging dat redelijk vlotjes: een tiental verdragen kwam tot stand en er zitten er zeventien in de pijplijn. Maar nu dreigt de Commissie op de grenzen van haar ambitie te stuiten.

Het struikelblok: TTIP (Transatlantic Trade and Investment Partnership, spreek uit: Tietip), het handelsverdrag waarover de EU praat met de Verenigde Staten. Waar eerdere handelsverdragen amper voor rumoer zorgden, doet dit verdrag dat juist wel – in het kwadraat. Omdat het zo groot is, omdat het Amerika betreft en vooral omdat het veel verder gaat dan het slechten van ‘technische’ handelsbarrières, zoals tarieven.

In TTIP willen de EU en de VS ongelijksoortige, soms diep verankerde handelsregels gelijkschakelen, en dat op tal van terreinen. Van machines tot medicijnen, van voedsel tot chemicaliën. Gisteren zetten Commissievoorzitter Juncker en de Duitse Bondskanselier Merkel extra druk op de ketel door te zeggen dat ze het verdrag eind dit jaar gesloten willen zien.

„Dát er debat over TTIP is, vind ik goed”, zegt de eurocommissaris tijdens een gesprek. „Maar zóveel ophef is nooit eerder vertoond. Dat legt veel druk op onderhandelaars die gewend zijn om in beslotenheid te opereren.”

„Wat de campagnevoerders ook zeggen”, vervolgt ze, „het gaat bij TTIP niet om het verlagen van Europese standaarden van voedselveiligheid of milieubescherming. Ja, we praten over landbouw, maar er komen geen genetisch gemanipuleerde planten de EU in, dat ligt hier veel te gevoelig. En ja, we praten over aanbesteding van diensten, maar we sluiten gezondheidszorg, onderwijs en water uit van de onderhandelingen. TTIP zal niemand verplichten te privatiseren.”

Hoe verklaart u dan de enorme ophef rond dit handelsakkoord?

„Vergeet niet dat volgens de Eurobarometer een meerderheid van de Europese bevolking vóór dit akkoord is. Vooral in Duitsland, Oostenrijk en Luxemburg is men tegen. Er is natuurlijk in het algemeen veel wantrouwen tegen Europese instituties en tegen nationale leiders. Daartegenover kan ik alleen het onderhandelingsmandaat stellen dat de commissie van de lidstaten heeft gekregen.”

De grootste steen des aanstoots in TTIP is investeringsbescherming. Het arbitragesysteem ISDS (Investor-State Dispute Settlement), waarbij drie speciaal benoemde advocaten, buiten de gewone rechtssystemen om, bindende uitspraken doen over claims van bedrijven tegen staten, werd een halve eeuw geleden bedacht om investeren in risicolanden te vergemakkelijken.

Inmiddels maken bedrijven er zó gretig gebruik van (zie inzet), dat ISDS volgens critici de soevereiniteit van staten ondermijnt. Door massaal verzet van maatschappelijke organisaties besloot Malmströms voorganger, de Belg Karel De Gucht, vorig jaar januari het onderwerp ISDS tot nader order taboe te verklaren in de handelsbesprekingen met de VS.

Deze week kreeg de discussie een nieuwe impuls: zes landen, waaronder Nederland, stelden een permanent, openbaar handelstribunaal voor. Minister Lilliane Ploumen (Buitenlandse Handel, PvdA) wil dat niet alleen dat de investeringsclausule in TTIP wordt aangepast, maar liefst ook die in het Europese handelsverdrag met Canada (CETA), waarvan de onderhandelingen al zijn afgerond.

Malmström moet nu bewijzen dat de Commissie controle heeft over de handelsagenda. Een lastige opgave, nu ISDS het overleg volledig lijkt te overschaduwen.

Probeert u de hele dag vertrouwen in de toekomst uit te stralen?

„Ik probeer vooral goed naar alle zorgen te luisteren en de gemoederen een beetje kalm te houden.”

Moet de Commissie niet gewoon haar verlies nemen en de clausule schrappen?

„We kijken of we ISDS kunnen hervormen. Hoewel zeker 300 verdragen in de VS en 3.000 verdragen wereldwijd zo’n ISDS-clausule hebben, is het debat erover nu te giftig geworden. En inderdaad, er zitten kanten aan dit systeem die zorgen baren. Er is kans op misbruik door lichtvaardige claims. De gronden voor claims zijn niet erg precies omschreven.

„In het Canadese verdrag hebben we ISDS al gemoderniseerd. We hebben het transparanter gemaakt, en we hebben het recht van staten om te reguleren veiliger gesteld. We kijken nu of we nog verder kunnen gaan. Kunnen we van TTIP een state of the art-afspraak maken met een vorm van ISDS waarmee burgers het eens zijn? Het is misschien mogelijk alleen nog rechters aan te stellen van een van te voren opgesteld register, in plaats van zoals nu, advocaten op ad hoc basis. We zouden de relatie tussen nationale rechtssystemen en arbitrage helderder moeten maken. In beroep gaan zou mogelijk moeten worden. Ik denk nu alleen hardop, ik kom dit voorjaar met een voorstel.”

Maar waarom is extra bescherming voor buitenlandse investeerders nodig bij een overeenkomst als deze, tussen hoogontwikkelde rechtsstaten?

„Investeringsbescherming blijft nodig, want handelsovereenkomsten gaan niet automatisch op in nationale wetgeving. Een Europees bedrijf dat investeert in Amerika wordt echt niet altijd beschermd door de Amerikaanse wet.”

Wat vindt u van het voorstel van minister Ploumen en haar collega’s?

„Het idee van een permanent internationaal hof is erg goed en het verdient nadere uitwerking. Maar je kunt dit niet in een middagje opzetten. Het ligt voor de hand dat via de wereldhandelsorganisatie WTO te doen. Ik kijk dus ook naar wat we tussentijds in TTIP kunnen doen.”

In het verdrag met Canada is de investeringsbescherming dus kennelijk niet ‘state of the art’. Gaat u de onderhandelingen met Canada heropenen?

„Nee, die onderhandelingen zijn echt helemaal klaar, het verdrag getekend. Maar omdat het nog juridisch wordt nagevlooid, legal scrubbing heet dat, zijn misschien kleine aanpassingen mogelijk.”

Zullen de Amerikanen een verdere aanpassing of beperking van ISDS accepteren?

„Dat moeten we bekijken. Doordat de besprekingen hierover door Europa bevroren zijn, weten ze hoe belangrijk dit voor ons is. Ze wachten nu eerst af tot welke conclusie wij komen. Dus het is te vroeg om daar iets over te zeggen.”

Het is nog steeds onduidelijk of CETA en TTIP alleen door het Europarlement of ook door de parlementen van alle lidstaten moeten worden goedgekeurd.

„Dat is een juridische kwestie. Juristen van de Commissie kijken of het verdrag het onderhandelingsmandaat overschrijdt. Zo niet, dan hakt alleen het Europarlement de knoop door. Maar ik denk dat TTIP en CETA ‘gemengde overeenkomsten’ zullen worden, wat betekent dat alle nationale parlementen erover zullen beslissen.”