Fraaie film eindigt op tijd

In Walesa, Man of Hope laat oudgediende Andrzej Wajda (88) het leven van de Poolse vakbondsleider en latere president Lech Walesa tussen 1969 en 1989 zien. De film heeft een raamvertelling waarin de Italiaanse journaliste Oriana Fallaci hem interviewt over de scharniermomenten uit zijn leven. Zoals zijn eerste arrestatie in 1970, tijdens de bloedig neergeslagen protesten op de scheepswerf in Gdansk. In die tijd is Walesa elektricien op de werf en bij toeval ontdekt hij zijn retorische gave. Al snel wordt hij vakbondsleider en aanvoerder van de steeds invloedrijkere Solidarinosc-beweging die in 1980 de werf van Gdansk middels een staking volledig platlegt – een gebeurtenis die de neergang van het communisme versnelt.

Walesa, Man of Hope, schetst middels een vermenging van archiefbeelden, Poolse punkrock op de geluidsband en nagespeelde scènes, op fraaie wijze een beeld van een tijdperk waarin onderdrukking de norm was en de rechten van individuen met voeten werden getreden.

Wajda schetst zijn vriend Walesa als onkreukbare held. Hij eindigt zijn film heel slim in 1989. Tussen 1990 en 1995 bleek Walesa een teleurstellend president, tegenwoordig heeft hij een aartsconservatieve (en homofobe) moraal. Van zijn vroegere charisma is weinig meer over.