Chinees alarm over groei en schuld

De Chinese premier Li toonde zich vanochtend ongekend somber over de economie. Wel krijgt Defensie meer geld.

Twee wachters passeren elkaar voor de Hal van het Volk, waar het Chinese parlement vanaf vandaag bijeen is. Foto Kim Kyung-Hoon/Reuters

Voor het eerst erkennen de Chinese autoriteiten dat de tweede economie van de wereld ernstig wordt gehinderd door problemen als schulden, overcapaciteit, milieuvervuiling, gebrekkige innovatie en dalende investeringen. Door deze „tijgers op de weg” zwakt de economische groei in 2015 af naar 7 procent. Dit zei premier Li Keqiang vanochtend in zijn jaarlijkse ‘werkrapport’ aan het Nationale Volkscongres, het 3.000 leden tellende parlement, dat overigens weinig macht heeft.

Defensie-uitgaven omhoog

7 procent is de laagste groei in vijftien jaar en vermoedelijk ligt de werkelijke groei nog een of twee procentpunten lager. De neergaande trend van het bruto binnenlands product verhindert China niet dit jaar de defensiebegroting met 10,1 procent te laten groeien. Hoewel de defensie-uitgaven al jaren sneller stijgen dan de economie, wordt het gat steeds groter. Analisten wijzen erop dat de officieel bekendgemaakte 148 miljard dollar naar alle waarschijnlijkheid niet de militaire uitgaven aan het ruimtevaartprogramma en inlichtingendiensten omvat.

Volgens analisten zullen vooral de marine, die zal worden uitgerust met vliegdekschepen, en de militaire inlichtingendiensten (cyberoorlogvoering) profiteren van de stijgende defensie-uitgaven. Een trend waarover buurlanden Japan, Zuid-Korea en Vietnam zich steeds meer zorgen maken.

Economische groei fors lager

Het jaarlijkse „werkrapport” van de premier, zoals de Chinese versie van de Troonrede wordt genoemd was ongebruikelijk ingetogen en zelfs alarmerend van toon. Een duidelijke trendbreuk met de vaak triomfantelijke werkrapporten van voorgaande jaren.

Hoewel China met 7 procent „het nieuwe normaal”, aldus Li) de snelst groeiende economie blijft van de G-20, zei de premier vanochtend in de Grote Hal van het Volk in Beijing dat het Chinese economisch model „inefficiënt is” en dat „onze capaciteit voor innovatie onvoldoende” is. Hij voegde daar nog een reeks andere structurele problemen aan toe, waaronder de landbouw, de wildgroei van de vastgoedmarkt, het milieu en de overcapaciteit in de door staatsbedrijven gedomineerde staalindustrieën.

„De moeilijkheden waar wij nu mee te maken hebben zijn groter dan ooit en hervormingen moeten versneld worden’’, aldus Li, zelf een gepromoveerd econoom. Daarmee zette hij ook de toon van de officiële berichtgeving, de propaganda, over de economie. Lagere groei ligt in China extra gevoelig, omdat de Communistische Partij (CPC) status en vooral ook legitimiteit en macht ontleent aan hoge, soms records brekende cijfers. Tot nu toe heeft de vertraging van de groei die zich vorig jaar al manifesteerde nog niet geleid tot stijging van de werkloosheid.

Werkgelegenheid is zorg

Volgens Li, de nummer twee in de partijhiërarchie, is de economie een goed draaiende banenmachine die in 2015 tien miljoen nieuwe banen moet produceren. Grote vrees van de leiders is dat de omvorming van de economie gepaard zal gaan met stijging van de werkloosheid en van sociale onrust. Li verpakte zijn zorgelijke boodschap in een reeks van sociale maatregelen, waaronder 7,5 miljoen sociale woningen, een nieuwe vakantiewet en verhoging van de staatspensioenen.

Of op middellange termijn de Chinese economie voor banen zal zorgen is volgens Li onzeker en hangt grotendeels af van het succes van maatregelen om de particuliere sector te versterken. Een robuust midden- en kleinbedrijf is cruciaal zei de premier die meer dan zijn communistische voorgangers deze sector wil helpen.

Vorig jaar steeg het aantal start-ups met 48 procent naar 3,6 miljoen, een ontwikkeling die de Chinese autoriteiten willen stimuleren. Of dat gepaard zal gaan met verdere, politiek zeer gevoelige hervormingen van grote staatsbedrijven liet hij in het midden. Staatsbedrijven die de energie-, bank-, transport- en telecommunicatiesectoren domineren, verzetten zich tegen verdere liberalisering.

    • Oscar Garschagen