Column

Nu groeit het ongenoegen

92 is hij, en hij zit in een rolstoel. Maar de strijdbaarheid heeft Louis van Gasteren niet verlaten. Voor de projectie in Eye van Out of my skull, zijn experimentele film uit 1965, is hij voetstoots bereid alles en iedereen op de rebelse schop te nemen. De ouderdom: „Niks aan, al je vrienden gaan dood.” Het leven: „Je wilt dingen, maar je hebt vrouw en kinderen en daar moet je voor zorgen.” De vroeger bestaande Filmkeuring, die Out of my skull zou hebben verboden omdat zij de film niet kon zien in de versie voor het publiek – met in de laatste minuten een stroboscoop in de zaal.

Gisteren was die er wel in Eye. Out of my skull is een film als geen andere. In beeld komt voornamelijk het gezicht van Van Gasteren zelf, in slowmotion. Hij heeft het duidelijk naar zijn zin. Dat klopt, vertelt hij. De film is gemaakt in het jaar dat hij een gastdocentschap vervulde aan de Amerikaanse Harvard-universiteit. Dat was me nog eens een land! Er waren collegezalen met 2.000 stoelen, maar als een student met de professor in discussie wilde, ging deze daar gewoon op in.

In zijn experimenteel plezier is de film duidelijk een kind van de jaren zestig. Een leuke tijd was dat: overal gonsde het van verandering en opstandigheid, in de VS, op het Amsterdamse Spui, in Parijs, Praag. De wereld veranderde, niet zozeer aan de hand van een concreet programma, maar meer in de atmosfeer, die vrijer werd en de mens bevrijdde van veel morele ballast.

Onder invloed van Duitse idealistische filosofen zijn we sinds de negentiende eeuw zulke ontwikkelingen als uitdrukking van een tijdgeest gaan zien, een veranderende mentaliteit die over de aardbol zweeft en er voor zorgt dat het in meerdere landen tegelijk opeens een beetje Franse revolutie was, of 1848, of 1968. Een attractieve gedachte – als opstandige voel je je deel uitmaken van iets groters, dat de heilige huisjes omver werpt.

Dinsdagavond hoorde ik de financieel geograaf Ewald Engelen hem nog vertolken toen hij de studenten toesprak die in Amsterdam het Maagdenhuis hebben bezet: jullie strijd is deel van een „steeds bredere beweging”, van Athene tot Amsterdam, tegen de financiële wurggreep op ons leven, macht van gezichtsloze bedrijven en instituties, afgedwongen individualisering die onmondig maakt, uitholling van de democratie.

Is er een omslag in de tijdgeest? Nog maar kort geleden was kritiek op ‘de banken’ iets van een kleine groep, nu hoor je om je heen algemeen gemopper over de groeiende inkomensverschillen binnen de neoliberale orde. Er was in West-Europa de afgelopen jaren nauwelijks meer een theatervoorstelling die niet tenminste impliciet die orde aan de kaak stelde – nu groeit het ongenoegen. Nog dreigen in verkiezingstijd Rutte c.s. met economische ondergang, mocht de bevolking het in haar hoofd halen om met de bestaande orde te experimenteren. Maar tegen de tijdgeest is niemand opgewassen.