Knausgård leest ook Geert Mak. En dat vervult hem met ‘intense schaamte’

Karl Ove Knausgård is een verschrikkelijk vergeetachtige reiziger. En onder de indruk van Geert Mak Foto ANP

De Noorse ‘literaire rockster’ Karl Ove Knausgård reisde in januari door de VS om een serie reportages te schrijven voor The New York Times. Mét Geert Maks Amerikaboek Reizen zonder John, blijkt uit het eerste deel van die reportage. En dat Amerikaboek vervult hem met ‘intense schaamte’.

Zittend in een sombere pizzatent in Canada, waar hij vastzit omdat hij moet wachten op een nieuw rijbewijs, schrijft Knausgård:

‘Nu vervulde het boek me met een intense schaamte. Hij [Geert Mak, red] was nog niet uit het vliegtuig of hij zat al in zijn huurauto en reed weg. Geen koorts, geen onzekerheid, geen angst, geen missend rijbewijs, geen onproductieve dagen op een hotelkamer. Hij heeft statistieken over Amerika en Amerikanen, hij citeert uit een groot aantal boeken, waaronder Tocqueville, en, hij had tenminste iets te zeggen over Amerika, hij was in staat om wat hij zag in een economische, politieke en culturele context te plaatsen.’

Vorm

Knausgård had Reizen zonder John, het boek waarvoor de Nederlandse journalist Geert Mak in 2010 de reis overdeed die Nobelprijswinnaar John Steinbeck in de jaren ’60 maakte voor zijn reisboek Travels with Charley, in zijn tas gestopt omdat ‘wilde kijken hoe hij dat deed’:

‘Ik dacht het boek te kunnen gebruiken als sjabloon, niet voor de inhoud, maar voor de vorm.’

Ironie

Mak had ‘het al gezien’ laat hij per mail weten. Hij voelt zich ‘gevleid’:

“Het is altijd leuk als je kind met een andere auteur mee op pad mag. Maar helemaal verbaasd was ik niet: sinds de TV-serie In Europa in Noorwegen maar liefst drie keer is uitgezonden heb ik daar flink wat lezers. En natuurlijk proef ik, Knausgård kennend, tussen de regels ook een vleugje ironie. Dat is nu precies zíjn kwaliteit.”

Rugzak

Knausgård, die ook in Nederland bekendheid geniet dankzij zijn autobiografische romanreeks ‘Mijn strijd’, beschrijft zichzelf in The New York Times als een ontzettend vergeetachtig iemand. De reportage opent met een opsomming van de dingen die hij allemaal al is kwijtgeraakt: rijbewijs, paspoort, geld, boeken. Of een rugzak (hij vindt hem een dag later wonder boven wonder terug) met daarin alles wat hij de afgelopen de afgelopen twee decennia schreef:

‘De laatste keer dat ik in New York was, liet ik mijn rugzak in een taxi liggen. Ik had drie kinderen bij me, dus ik was een beetje afgeleid toen we uitstapten. Al onze paspoorten zaten in die rugzak, met mijn laptop, waar alles opstaat wat ik de afgelopen twintig jaar heb geschreven.’