Het Rotterdamse Refresco maakt bijna alle cola en sapjes die jij koopt

ANP

De Nederlandse drankengigant Refresco kondigde zojuist aan dat het binnenkort naar de Amsterdamse beurs gaat. NRC sprak topman Hans Roelofs toen hij in 2013 het Engelse Gerber overnam, uhm met Gerber fuseerde.

Huismerkcola van Albert Heijn is anders dan cola van het huismerk van C1000. “Voor iedere klant maken we een ander product”, zegt bestuursvoorzitter Hans Roelofs van frisdrank- en sapproducent Refresco. Hij moet het weten – Refresco levert tussen de 30 tot 50 procent van alle huismerkdranken (behalve alcohol) aan Nederlandse supermarkten.

Het Nederlandse bedrijf is nu al marktleider in Europa op het gebied van huismerkdranken, maar wordt nog groter, zo werd deze week bekend. Refresco fuseert met de kleinere sappenfabrikant Gerber Emig, een Brits familiebedrijf. De combinatie heeft een compromis gevonden in de naam Refresco Gerber.

Overname


Hoewel topman Roelofs zich twee keer verslikt in het woord “overname”, gaat het écht om een fusie, benadrukt hij. „Alle aandeelhouders van beide bedrijven blijven aan boord.” Een ruime meerderheid van de aandelen van het nieuwe bedrijf, 70 procent, is voor de huidige aandeelhouders van het in Rotterdam gevestigde Refresco.

Die aandeelhouders zijn twee private equitybedrijven: een IJslands consortium (62 procent) en de Britse investeringsmaatschappij 3i (20 procent). Toen de IJslanders door de geldcrisis in eigen land niet meer konden investeren, moest Refresco op zoek naar nieuw kapitaal. Dat vond het in 2010 in 3i, dat zijn belang in Refresco in 2006 juist verkocht.

Snelle groei is kenmerkend voor bedrijven die in handen zijn van private equity. Sinds de oprichting in 2000 deed Refresco twaalf overnames. De afgelopen tien jaar verdriedubbelde de omzet. Na de fusie kan Refresco Gerber jaarlijks 6,5 miljard liter frisdrank en sap produceren.

Size that matters

“Omvang”, zegt topman Roelofs, “is belangrijk”. Niet vanwege concurrentie met Europese branchegenoten. Die zit voor Refresco vooral in lokale spelers, zegt Roelofs. “Familiebedrijven die in één of twee landen leveren.”

Het nieuwe Refresco Gerber is in die verkruimelde markt een uitzondering. Belangrijker is het om tegenwicht te bieden tegen de leveranciers waar Refresco van afneemt en de supermarkten waar het bedrijf aan levert – allemaal grote spelers.

Van de vijf miljard liter die Refresco jaarlijks brouwt, wordt bijna 80 procent verkocht met huismerklabel. In de supermarkt traditioneel te vinden in de schappen onder de A-merken, voor de meeste klanten nét niet op ooghoogte. Zo’n 20 procent produceert Refresco wel voor “de Coca-Cola’s, Pepsi’s, Liptons en Red Bull’s van deze wereld”.

De afgelopen twee jaar maakte Refresco verlies. Crisis is de voor de hand liggende verklaring in de retail-industrie. Maar voor een bedrijf dat vooral – goedkopere – huismerkdranken produceert, kan crisis ook een voordeel zijn.

“In Noord-Europa ruilen mensen A-merken inderdaad in voor huismerken. Maar in Zuid-Europa stoppen mensen helemáál met het kopen van frisdrank.”

Wicky

Behalve vraaguitval in delen van Europa heeft Refresco last gehad van een „explosie” van prijzen van grondstoffen: sinaasappel- en appelsapconcentraat en suiker bijvoorbeeld, waar Refresco nogal wat van nodig heeft om die zoete drankjes te maken. Dat heeft ook bijgedragen aan het “teleurstellende resultaat”.

Tegelijk wijst Roelofs er uitgebreid op dat de winst voor belasting, rente en afschrijvingen wél positief is. En die winst telt, voor een bedrijf in handen van private equity, zegt hij. Al was een positief getal onderaan de streep wat hem betreft ook wel “handig” geweest.

Behalve kinderdrankje Wicky heeft Refresco geen eigen lijn van ‘merkdranken’. Het bedrijf opereert in de schaduw – hun producten altijd verscholen achter andermans label. Ambities om meer dranken met een eigen etiket te ontwikkelen zijn er niet.

“We zijn ingericht op het leveren van producten. Niet op het maken van merken.”