Tijd zat dus. En armoe, schulden

In de aanloop naar de Provinciale Statenverkiezingen van 18 maart bezoeken twee verslaggevers de twaalf provincies en tekenen alledaagse zorgen van de kiezer op. „De SP heeft lekkere tomatensoep, maar wij zijn de ballen.”

‘Tosti?” Anneke Swarts legt de stapel boterhammen met kaas en salami vast klaar bij de toaster.

Voorheen ‘deed’ Appie Kuiper, vijfde op de lijst, de tosti’s in het hoofdkwartier van de VCP, een zolderruimte in het Groningse Winschoten. Maar nu de vrouw van de nummer vier op de lijst, Johan Swarts, op het partijbureau kon werken met behoud van uitkering, hebben de communisten eindelijk een eigen ‘partijpoes’, 59 jaar oud. „Jahaa”, zegt Appie Kuiper, languit swipend over zijn iPad tijdens een spelletje Candy Crush. „Dit komt mij beter uit.”

Niet dat Kuiper nu volledig is gevrijwaard. Laatst heeft hij met Engel Modderman, derde op de lijst, het hele plafond schoon geboend. Met zijn twee meter lengte was Kuiper staand op een tafel de enige die erbij kon. Tafel verzetten, schoon water halen, het hele weekend was hij bezig geweest. Er wordt dan ook wat afgerookt bij communisten. Shag.

Drie inloopdagen heeft de partij wekelijks, iedereen is welkom. Vandaag zit een handvol partijleden rondom een tafel vol asbakken, koek en koffie. Zware stemmen, truien, tattoos, sjaals. Hier bespreken ze partijzaken, de krant, de tv, de buurman. Soms gaat er een eurootje in de kantoorkas voor de frituur. En eens per maand wordt er geklaverjast met bier.

De meesten zijn werkloos, zoals wel meer mensen in Groningen. Tijd zat dus. En ze weten wat er speelt in de regio. Armoede, schulden. De VCP doet niet aan partijgeneuzel, toneelstukjes, achterkamertjes of ballonnen in verkiezingstijd, de VCP doet alleen aan actie. „De SP heeft lekkere tomatensoep, maar wij zijn de ballen”, zegt Johan Swarts. Het leverde de partij, opgericht in 1999, vier zetels op bij de laatste gemeenteraadsverkiezingen. En nu is het tijd voor een gooi naar een zetel in de Provincie.

Als iedereen zijn tosti opheeft, staat Anneke Swarts alweer met de afwasborstel boven een teiltje.

„Vergis je niet in Anneke”, zegt Johan Swarts vanaf zijn stoel. „Ze is kei- en keihard. Niet zeuren en doorgaan. Ze is een bijzondere partner, al 43 jaar. In armoe en rijkdom.”

Johan Swarts, de enige filterroker van het gezelschap, verdiende ooit goed geld als manager van een stuntteam met hagelnieuwe Mitsubishi’s. Hij was altijd onderweg, totdat hij een keer thuis zijn vijfjarige dochter iets zag doen wat hem niet zinde. Toen ze reageerde met ‘dat regelt mama wel’, wist hij: dit is m’n laatste seizoen. Johan Swarts belandde na een rits baantjes en een burn-out in de bijstand. Nu geeft hij namens de partij advies aan mensen bij wie een deurwaarder heeft aangeklopt.

Eén zeteltje in de Provincie zou leuk zijn. Dan heb je een ingang. Meer zetels liever niet. De meeste partijleden moeten er niet aan denken de hele dag te vergaderen. Voor je het weet, gaat het de hele tijd over een zeldzaam paddestoeltje dat van alles tegenhoudt.

Wees eerlijk, zegt Johan Swarts, iedereen heeft in Groningen hetzelfde partijprogramma (gas, zorg, windmolens) en die hele verkiezingen leven helemaal niet. „Het is een moetje.”

Nee, laat lijsttrekker Jan Kenter, een dossiervreter, de Provincie maar doen. Die heeft die ambitie wel. De anderen zitten liever in de gemeenteraad. Hup de auto in en erop af. Onder de mensen.