Kunstenaar vecht toegangsverbod in Stedelijk aan

Rob van Koningsbruggen

Rob van Koningsbruggen eist dat hij het Stedelijk Museum Amsterdam weer mag bezoeken. De beeldend kunstenaar, met onder meer zeventien schilderijen vertegenwoordigd in de collectie van het museum, heeft vanmorgen in een kort geding zijn toegangsverbod aangevochten.

Het museum ontzegde Van Koningsbruggen in 2012 de toegang, omdat hij dreigde over kunstwerken te plassen. In een brief stelde de 66-jarige kunstenaar destijds voor een stellage te bouwen boven een door hem verfoeid schilderij van Marlene Dumas. Amerikaanse videomakers moesten dan filmen hoe hij het doek „met een welgemikte pisstraal” zou „verbeteren”.

Mei vorig jaar werd de schilder in het museum gearresteerd nadat een suppoost hem had herkend. Hij zat vijf uur in een cel en kreeg een boete van 260 euro, die hij weigerde te betalen. Toen het Stedelijk Van Koningsbruggen dit jaar weer wilde toelaten met een proeftijd van een jaar, kondigde de schilder in een e-mail aan het museum met Heineken-ontvoerder Willem Holleeder te zullen bezoeken. Hierop werd hem de toegang tot het museum opnieuw ontzegd.

Een woordvoerder laat weten dat het museum goede redenen heeft voor het opgelegde toegangsverbod. „De veiligheid van onze collectie is van primair belang voor ons.”

In 2007 zat Van Koningsbruggen vijf maanden in de gevangenis nadat hij met een jerrycan met grasmaaierbenzine het projectbureau Wieringerrandmeer in brand had gestoken, wegens uitbreidingsplannen in de polder. De schilder zei dat hij niets anders had gedaan dan zijn burgerplicht.

Zijn galeriehouder, Willem Baars, noemt het „zielig” en „absurd” dat het museum de mails van Van Koningsbruggen zo letterlijk neemt. De schilder klaagde vanmorgen voor het kort geding ook dat het museum „alles zo letterlijk neemt”. Hij wil een paar keer per jaar de goede schilderijen in de collectie bekijken. „En zien wat voor rotzooi ze nu weer hebben aangekocht.” Ook de koffie in het Stedelijk is helemaal naar zijn smaak, zegt de schilder.