Ook met z'n orkest uit Hong Kong is Van Zweden erg luid

Het tijdsverschil tussen Dallas en Hong Kong is veertien uur. Dus is het maar goed dat Jaap van Zweden, chef-dirigent van orkesten in beide steden, bruist van energie en ambitie. Sinds 2008 bouwt hij aan een gedisciplineerder Dallas Symphony Orchestra, per 2012 volgde hij Edo de Waart op bij de Hong Kong Philharmonic.

Dat dit laatste orkest het betere is, bewees een flitsend concert in Muziekgebouw Eindhoven als onderdeel van een Europese tournee. In het theatrale Quintessence van Fung Lam (Hong Kong, 1979) laveerden de musici meteen soepel tussen de extremen in muzikale freeze en hyperactiviteit. Beethovens Vioolconcert werd solide vertolkt door solist Ning Feng, niet altijd verfijnd maar wel met bevlogen overgave. Van Zweden begeleidde met een lekker volvette sound.

Het Hong Kong Philharmonic etaleerde een aanstekelijk, gretig strijkerscorps (voornamelijk Aziatisch) en een hechte maar weinig uitgesproken blazersgroep (bijna allen blank) in Prokofjevs Vijfde symfonie. Van Zweden benadrukte de machinale drive van deze symfonie in oorlogstijd. Maar echt aangrijpend werd het niet, en net als bij Van Zwedens Amerikaanse orkest werkten de schelle fortissimi op den duur uitputtend.

Een concertante Ring des Nibelungen was voor Van Zweden een belangrijke reden om in Hong Kong aan het werk te gaan. Hopelijk is het eindresultaat straks genuanceerder dan Wagners Walküreritt, waarmee het publiek nu meedogenloos werd platgewalst, doet vrezen.