Intimiderende moord op hardnekkig criticus van Poetin

Al voor de moord op Boris Nemtsov, vrijdagavond in het zicht van het Kremlin, was duidelijk dat Rusland onder Vladimir Poetin een gevaarlijk land is geworden voor critici van zijn politiek. Er was, en is, moed voor nodig om oppositie te voeren tegen de president, en tegen de onverdraagzaamheid, de corruptie en het agressieve nationalisme dat zijn bewind steeds meer kenmerkt.

In 2006 werd de journaliste en activiste Anna Politkovskaja vermoord, die het waagde de oorlog in Tsjetsjenië aan de kaak te stellen. In 2009 stierf in een gevangenis de advocaat Sergej Magnitski, die onderzoek deed naar de diepe verwevenheid van de staat en criminele belangen, nadat hij was gemarteld en medische zorg hem was onthouden. Het zijn slechts twee voorbeelden, de lijst van omgekomen tegenstanders van Poetins regime is langer en sinds vrijdag staat er ook een oud-vicepremier op.

Het klimaat is sinds het begin van Poetins derde termijn, in 2012, nog verhard. Een week geleden zei Nemtsov daarover tegen de Financial Times: „Vergeleken met 2012 leven we in een ander land. Een land van oorlog, van een vernederd, gehypnotiseerd volk.” Poetin is enorm populair, mede dankzij de annexatie van de Krim, de oorlog in Oekraïne en de aanhoudende propaganda van het Kremlin in de massamedia. Tegenstanders van Poetins politiek, en ook mensen die alleen maar laten zien wat er werkelijk aan de hand is in Rusland, worden bijvoorbaat weggezet als een vijfde colonne, als verraders of marionetten van het Westen.

In 2011 was er nog oppositie in Rusland, zei Nemtsov vorige week, nu zijn er alleen nog dissidenten. Toch bleef hij met grote vasthoudendheid betogingen organiseren en zich uitspreken over de ware aard van Poetins Rusland. Grote woede van het Kremlin wekte zijn onderzoek naar de grootschalige corruptie bij de Olympische Spelen in zijn geboorteplaats Sotsji. En binnen enkele weken zou hij komen met een rapport over de Russische betrokkenheid, door Poetin steeds ontkend, bij de oorlog in het oosten van Oekraïne. Voor andere critici van Poetin en voorstanders van een vrije Russische samenleving was de moord op Nemtsov een intimiderende gebeurtenis. Des te belangrijker dat tienduizenden gisteren deelnamen aan protesttochten in Moskou en Sint-Petersburg.

Wie schuld draagt aan de moord zal misschien nooit bekend worden. Maar vaststaat dat Poetin verantwoordelijk is voor het klimaat van giftig nationalisme en openlijke haat, waarin het politieke debat steeds meer wordt gesmoord. Ook zonder historische parallellen te trekken is dat een angstwekkende ontwikkeling. In de eerste plaats voor Rusland, maar ook voor de rest van Europa.