Indiase groei overtreft die van China

In haar eerste begroting poogt de regering van premier Modi bedrijven te stimuleren zonder dat armen de dupe worden.

Indiase bouwvakker in Kolkata, de officiële benaming voor Calcutta. Foto Rupak De Chowdhuri/Reuters

„India staat op het punt een hoge vlucht te nemen”, zei minister van Financiën Arun Jaitley zaterdag bij het begin van zijn begrotingstoespraak. De begroting die hij presenteerde was gericht op het stimuleren van economische groei en bevatte tegelijkertijd maatregelen ten faveure van de armste bevolkingsgroepen.

Volgens de regering komt de economische groei voor het huidige begrotingsjaar uit op 7,6 procent. In 2015-16 verwacht ze een economische groei van tussen de 8 en 8,5 procent. Die cijfers zijn een opwaartse bijstelling na een herziening van de wijze waarop India het bruto binnenlands product berekent. Nog voor de bijstelling voorspelden IMF en Wereldbank echter al dat India de komende jaren de Chinese groei, die afneemt, zou evenaren en waarschijnlijk zelfs voorbijstreven.

Naar de begroting werd reikhalzend uitgekeken door investeerders in binnen- en buitenland. Ze was echter minder positief voor het bedrijfsleven dan zij hoopten.

De aanvankelijke teleurstelling werd veroorzaakt door het gemis aan ‘big bang reforms’. Sinds 1991 is de Indiase economie aanzienlijk geliberaliseerd, maar op de 178 landen tellende index van economische vrijheid van de Heritage Foundation, de Amerikaanse denktank, staat India op de 128ste plaats van 178.

Positief is dat de begroting een breuk vormt met het stagnerende beleid van de vorige regering. Geholpen door de lage olieprijs (India’s belangrijkste importproduct), werden grote overheidsinvesteringen (10 miljard euro) aangekondigd in de verouderde infrastructuur.

Om investeringen aan te trekken werd een verlaging van zakelijke belastingen met 25 procent in de komende vier jaar aangekondigd en een verdere digitalisering van overheidsdiensten. Om India’s stroomuitval te verminderen worden de komende jaren vijf ‘ultramega-elektriciteitscentrales’ gebouwd.

De regering heeft besloten de belasting op steenkool te verdubbelen. Met het geld moeten projecten voor duurzame energie – waaronder ook het stimuleren van elektrisch vervoer – worden gefinancierd.

De subsidies op brandstof en kunstmest, die zwaar drukken op de begroting, werden eerder al verminderd door het afschaffen van de subsidie op diesel en benzine. Overige subsidies worden nu zo veel mogelijk rechtstreeks aan de gegadigden uitbetaald door geld op hun bankrekeningen over te maken er voorkoming van corruptie. Modi’s Jan Dhan-project, waarbij elke Indiër een bankrekening kon openen, heeft geleid tot het openen van miljoenen rekeningen en is een groot succes.

De vraag blijft hoe de regering-Modi belangrijke knelpunten gaat aanpakken: moeizame landverwerving, archaïsche arbeidswetten, te trage rechtspraak, tekortschietende gezondheidszorg en de lage kwaliteit van het onderwijs. Daarvoor rest de regering nog vier jaar.

Imponerend mandaat

Premier Modi kwam in mei aan de macht met een imponerend mandaat dat hem in staat stelt grote veranderingen door te voeren zonder directe politiek risico’s. Hij dankte zijn overwinning voornamelijk aan zijn beloften de economie vrijer en concurrerender te maken. Ook beloofde hij dat de groei „aan iedereen, ook aan de armsten” ten goede zou komen. Die notie kwam terug in de begroting. Jaitley kondigde onder meer maatregelen aan ter ondersteuning van arme boeren en de ontwikkeling aan van een stelsel van sociale verzekeringen, dat voor heel India moet gaan gelden.

De regering kondigde eveneens een verhoging aan van het defensiebudget met 7,9 procent voor het komende jaar, tot een bedrag van bijna 40 miljard euro. „De verdediging van elke centimeter van ons land gaat voor alles”, zei Jaitley. Na jaren van gematigd beleid probeert India nu het militaire gat met China te dichten. Het buurland manifesteert zich steeds vaker met zijn marine in de Indische Oceaan, die door India als zijn invloedssfeer wordt beschouwd.