‘Ik werd verliefd op Ramses’

Na de successerie RAMSES zingt acteur Maarten Heijmans nu een programma met liedjes van Shaffy, naar eigen smaak gemoderniseerd.

Maarten Heijmans, die de rol van Ramses speelde in de tv-serie, opende gisteren zijn Shaffytournee in Tivoli, Utrecht. Foto Andreas Terlaak

Opeens was Ramses Shaffy weer terug in Amsterdam. Augustus 2013, 3,5 jaar na zijn dood rende een (toen nog) vrij onbekende acteur de catwalk van het Uitmarktprogramma Shaffy Symfonia op en zong vol vuur Als het stormt. Alles klopte: de manier waarop hij ‘storem’ uitsprak, zijn donkere haren, sfinxachtige gezicht en hypnotiserende blik in de camera’s.

Met het concert stelde de AVRO acteur Maarten Heijmans (1983) voor als hoofdrolspeler van RAMSES, de tv-dramaserie van Michiel van Erp over de jonge jaren van Shaffy. „Ik was heel erg zenuwachtig”, blikt Heijmans terug op dat eerste openbare Shaffy-optreden. „De muziek van Shaffy betekent heel veel voor mensen. Het voelde als een enorme verantwoordelijkheid.”

Amsterdam kreeg kippenvel. De serie won een Zilveren Nipkowschijf, Heijmans een Gouden Kalf. Er volgden optredens op het Nederlands Filmfestival en De Nacht van de Poëzie. En nu is er het liedjesprogramma Maarten Heijmans zingt Ramses Shaffy, te horen in vijf concertzalen.

Heijmans wijt zijn succes in de serie voor een groot deel aan een lange en zeer gedegen voorbereiding. „Ik heb zijn trekjes bestudeerd, zijn mond en zijn ogen. We hebben beiden ook Slavisch bloed. Shaffy is half Russisch, ik half Hongaars. Maar het belangrijkste was dat ik mezelf toestond er helemaal voor te gaan. Vrienden van Shaffy zeiden dat iedereen meteen verliefd op hem werd, man of vrouw. Ik werd het ook. Ramses was zo’n uitzonderlijk mens op zoveel vlakken.”

Dat zijn naam nog lang met Shaffy geassocieerd zal worden, deert hem niet. „Het was een mooie periode. Het is heel inspirerend je bezig te houden met iemand die zo breed het leven leeft. Zeker tot een jaar na het draaien van de serie dacht ik constant: Wat zou Ramses nu doen? Nu probeer ik dat meer los te laten. Maar dat ligt misschien nog wel meer in zijn geest.”

In de concerttour geeft Heijmans met elektronica en een blazerssectie een eigen draai aan Shaffy’s liedjes. „Ik vermeng ze met mijn muzieksmaak. Je zou er inspiratiebronnen als Jeff Buckley, Beirut, Rufus Wainwright, Bon Iver, Sufjan Stevens en Radiohead in terug kunnen horen.”

De muzikanten zocht hij niet in het ‘Shaffypooltje’ van oude rotten die met hem gewerkt hebben. „Ik koos mensen van begin twintig. Zij kennen het repertoire niet zo goed en kunnen er gemakkelijker een eigen invulling aan geven.”

Op het programma staan onbekende nummers, sommige niet eens op cd uitgebracht. „De meeste mensen kennen iets van tien liedjes, maar Shaffy heeft er 250 nagelaten. Daarom is hij me nog steeds niet gaan vervelen. En dan is er zijn acteerwerk en uitbundige leven vol mooie verhalen. Het maakt Shaffy erg verslavend.”