Bij PSV is jubelen per decreet verboden

Bij PSV morde niemand nadat het officieuze kampioensduel van Ajax werd verloren (1-3). De enorme voorsprong stelt de fans gerust.

Keeper Jeroen Zoet van PSV is kansloos op een – van richting veranderde – vrije trap van Lasse Schöne die de 2-1 voor Ajax betekent. foto Olaf Kraak/ANP

Zomaar een onschuldige vraag bij binnenkomst in het Philips Stadion. En zijn jullie in blijde verwachting van de titel? De ontvangstdames van PSV vallen even stil. „Jij zegt het.” Zij niet.

Door zich niet te laten verleiden tot voortijdig gejubel, illustreren de medewerkers de voorzichtigheid waarmee ze in Eindhoven vooruitkijken naar de eerste landstitel sinds 2008. Met de forse voorsprong op nummer twee Ajax lijkt het feest in aantocht, maar als dat al zo mag zijn, willen ze dat niet zo uitspreken bij PSV. Algemeen directeur Toon Gerbrands heeft al het personeel opgedragen om terughoudend te zijn. Algemeen motto: we zijn er nog niet.

Noem het overdreven, maar gisteren werd duidelijk dat deze klinische benadering misschien wel de juiste koers is. In eigen stadion ging PSV onderuit in wat alom werd beschouwd als de officieuze kampioenswedstrijd. Eén overwinning en PSV zou zeventien punten voorkomen op Ajax, wat eind maart had kunnen leiden tot het vroegste kampioenschap ooit. Maar PSV verloor (1-3). Nu bedraagt de voorsprong elf punten. Nog altijd een fikse kloof.

In de topper was PSV beter, maar het was Ajax dat plots toesloeg aan het slot. Eerst een getoucheerde vrije trap van Lasse Schöne en vervolgens een heerlijke uithaal van de jonge technicus Anwar El Ghazi, wiens spel getuigt van vroegtijdige volwassenheid. Nog maar negentien jaar oud, maar slim genoeg om te beseffen dat tegenhouden soms belangrijker is dan nogmaals scoren. Dat leek het devies bij veel spelers van Ajax, die zelden zo ver achteruit zijn gedrongen. Zelfs niet tegen grote opponenten in de Champions League.

Consolideren

Toch won de regerend landskampioen met twee doelpunten verschil. De ploeg profiteerde van het opportunisme dat bij PSV ontstond na de late gelijkmaker. Na een achterstand van bijna een uur lang was het spits Luuk de Jong die het stadion tien minuten voor tijd deed kolken met zijn vijftiende doelpunt van het seizoen. Voorzet van wie anders dan Jetro Willems, koning assist van de eredivisie, gevolgd door een onhoudbare kopbal van De Jong.

Direct ging PSV op jacht naar het winnende doelpunt. „We hadden het gevoel dat Ajax rijp was voor nog een tegentreffer”, zei trainer Cocu. Verwijtbaar streven? „Misschien hadden we moeten consolideren na de 1-1”, erkende aanvoerder Georginio Wijnaldum. „Het was de adrenaline. We wilden te graag dat doelpunt maken en laten zien dat wij de beste zijn.”

Geen fan die het PSV kwalijk nam. Dat ervoer de middenvelder althans toen hij na de wedstrijd het supportershonk bezocht. De sfeer: opgetogen. „De mensen vonden dat we meer moesten lachen, maar dat kan ik niet na een nederlaag.”

Te teleurgesteld over het verloop van de wedstrijd. Zo veel beter zijn en toch verliezen, van een ploeg die alsmaar had verdedigd. In dat opzicht was het niet verwonderlijk dat Ajax op 1-2 kwam uit een vrije trap. Invaller Lasse Schöne vond de verre hoek nadat de bal het hoofd van Jurgen Locadia had geschampt. Een ongelukkig moment voor Locadia: kan gebeuren.

Wat volgens PSV-trainer Phillip Cocu niet mocht gebeuren was de voorafgaande overtreding door verdediger Jeffrey Bruma. „Niet slim.” De coach verwacht dat zijn spelers vooruitdenken. De bal veroveren getuigt van goede wil, maar met het oog op het specialisme van Schöne is voorzichtigheid geboden. Een afgestraft leermoment.

In de blessuretijd volgde nog een derde tegentreffer. Na een razendsnelle counter waar PSV het patent op leek te hebben, krulde Anwar El Ghazi prachtig binnen. Opnieuw een hoofdrol voor hem, nadat hij in de eerste helft de assist had gegeven op Ricardo Kishna, maker van de 0-1.

Counters

Conclusie achteraf: Ajax won de wedstrijd op een wijze die juist kenmerkend is voor het spel van PSV dit seizoen. Afwachten, inzakken en genadeloos counteren. Niet des Ajax, waar ze jeugd inprenten dat resultaat moet voortkomen uit verzorgd offensief combinatiespel, maar in dit geval kon het niet anders. PSV was te goed.

Luuk de Jong verbaasde zich erover. „In de tweede helft heeft Ajax niks gecreëerd. Ze zijn volgens mij niet in ons strafschopgebied geweest. Ze wilden niet voetballen. Normaal wel. Misschien hebben ze naar Zenit gekeken. Die schoten ook alle ballen naar voren en bouwden weinig op.”

Verschil was dat Zenit Sint Petersburg duidelijk de betere was toen PSV donderdag werd uitgeschakeld in de Europa League. Ajax was dat niet. Trainer Frank de Boer: „De zege was onverdiend. We hadden een paar geluksuitvallen, maar de tweede helft was verder heel pover.”

Volgens De Boer hoeft Ajax niet te denken dat het nog kans maakt op de vijfde landstitel op rij. „Als ik PSV zie, denk ik niet dat zij nog veel punten gaan laten liggen.”

Opvallend was de kalmte waarmee het verlies werd gedragen bij PSV. Enkele scheidsrechterlijke beslissingen waren betwistbaar, maar geen speler die morde. „De ene keer zit het mee, de andere keer tegen.” Zulk relativeringsvermogen ontbrak weleens in Eindhoven. Denk aan het persbericht van voormalig algemeen directeur Tiny Sanders in 2013. Hij signaleerde toen een structureel probleem bij het arbitragekorps. „De kwaliteit is op dit moment zorgwekkend”, schreef Sanders. Hoe overtuigd hij ook was van zijn punt, het was uiterst naïef om te denken dat het effect zou sorteren. Eerder schaadde het de reputatie van PSV. Bittere gal van een slechte verliezer.

En dan had PSV ook nog spelers als Ola Toivonen, Mark van Bommel en Dries Mertens. De een grossierde in vuige streken, de ander intimideerde, terwijl de laatste bij het minste of geringste contact een fopduik maakte. Slecht voor het imago. Te veel redenen om PSV een titel te misgunnen.

Maar het huidige PSV is anders. Aaibaarder. Een ploeg vol professionals, die zich niet laten verleiden tot grootspraak of een vooruitblik op festiviteiten op het Stadhuisplein, decor van de eventuele huldiging. Hoor aanvoerder Wijnaldum praten en je denkt: goede jongen. De ploeg maakt bovendien de minste overtredingen in de eredivisie, hoewel Adam Maher gisteren rood had moeten krijgen voor natrappen.

Hem zou een gesprek met Gerbrands goed doen. De natrapper aan tafel met een directeur die zorgvuldig waakt over het imago van PSV. Elke smet op een blinkende kampioensschaal is er een te veel.